Een tweede Gorbatsjov?

Barack Obama heeft zijn eerste buitenlandse tour nog niet achter de rug of hij wordt al met Michael Gorbatsjov vergeleken. De Amerikaanse president zal er gemengde gevoelens bij hebben, maar helemaal uit de lucht gegrepen is het niet. Wat nu Obamania is, was in de jaren tachtig Gorbymania. In het Kremlin was een jonge energieke Sovjetleider opgestaan die het ‘nieuwe denken’ uitdroeg. In eigen land wilde hij afrekenen met de verstarring die onder zijn voorgangers was ontstaan en in het buitenland deed hij het ene na het andere spectaculaire ontwapeningsvoorstel. Jongere lezers kunnen zich niet voorstellen hoe baanbrekend dat was. Na jaren van somberheid, waarbij de angst voor een nucleair treffen tussen Amerika en de Sovjet-Unie wijdverbreid was, brak ineens een nieuwe lente aan die een einde zou maken aan de Koude Oorlog tussen Oost en West.

Waar Gorbatsjov, die in maart 1985 aantrad, anderhalf jaar nodig had om voor een omslag te zorgen (bij de kernramp in Tsjernobyl in april 1986 was er in Moskou nog geen glasnost te bespeuren), lijkt Obama de bakens al in drie maanden te verzetten. In zijn eerste honderd dagen heeft hij de sluiting aangekondigd van Guantánamo Bay, handreikingen gedaan aan de moslimwereld, opening van zaken gegeven over de verhoormethoden van de CIA, en de verantwoordelijkheid erkend voor de Amerikaanse rol bij het ontstaan van de kredietcrisis. Er is voor een ‘reset’ gepleit in de betrekkingen met Rusland en een visioen geschetst van een kernwapenvrije wereld (indachtig Reagan en Gorbatsjov in Reykjavik in oktober 1986). Aan de ‘war on terror’ worden geen woorden meer vuil gemaakt, klimaatverandering gaat serieus genomen worden, en de sancties tegenover Cuba zijn verzacht. Latijns-Amerika is nog nooit zo lyrisch over een nieuwe regering in Washington geweest. Hugo Chávez, de sterke man van Venezuela en een kameraad van Fidel Castro, heeft gezegd Obama graag ‘mijn vriend’ te noemen. En dan is de eerste zwarte president van Amerika nog niet in Afrika en Indonesië geweest, waar hem zeker een hartelijk onthaal wacht.

Met Obama’s beeldvorming zit het wel goed, wat ook te verwachten was na zijn swingende verkiezingscampagne van vorig jaar. In zijn nabijheid verbleken de Europese leiders, die nochtans dwars door hem heen kijken. Wie gedacht had dat Obama vanwege zijn populariteit in het buitenland de G20 in Londen wel even naar zijn hand zou zetten, kwam bedrogen uit. Angela Merkel en Nicolas Sarkozy gaven hem een koude douche en bekijken het charisma van de debutant met een scheef oog. Charmeoffensieven van wereldleiders zetten de publieke opinie in vuur en vlam, maar worden gewantrouwd door Europese regeringen die er het hoofd aan moeten bieden. Dat was met Gorbatsjov niet anders. In 1986 vergeleek Helmut Kohl de avances van de Sovjetleider om bij het westerse publiek in het gevlij te komen met de propaganda van Joseph Goebbels, een onhandigheid waarvan de kanselier (die pas in 1990 bij het afronden van de Duitse eenwording een vertrouwensrelatie met Gorbatsjov opbouwde) nog jaren last heeft gehad.


Denk dus niet dat iedereen zo blij is met Obama; zijn nieren moeten eerst worden geproefd. Bedenk ook dat Obama in eigen land grote risico’s loopt door met types als Chávez op de foto te gaan en zich tegenover Franse politici te excuseren voor Amerikaanse ‘arrogantie’. Dat zal door zijn Republikeinse tegenstanders genadeloos worden uitgebuit. Nu al wordt Obama neergezet als een ‘socialist’ die de Amerikaanse belangen tegenover het buitenland te grabbel gooit. Nog is de president in eigen land populair, maar hij moet snel met resultaten komen. Anders dan de Sovjet-Unie is Amerika een democratie, en de vergelijking met Gorbatsjov is een nagel aan Obama’s doodskist. Toen de Sovjetleider in het Westen als held werd gevierd en de Nobelprijs voor de Vrede kreeg, lagen zijn waarderingspercentages in Rusland rond één procent. Daar win je zelfs in Moskou geen verkiezingen mee. In de Sovjet-Unie mocht hij het licht uitdoen en later maakte hij reclame voor Pizza Hut.

De echte vraag is of Obama meent wat hij zegt. Van Gorbatsjov werd binnenskamers lang gedacht dat hij mooie praatjes verkocht om de strategische positie van Moskou te versterken. Toen duidelijk werd dat hij het serieus bedoelde, was de verbijstering groot en profiteerden vriend en vijand van de ontmanteling van een evil empire. Van Obama moeten we hopen dat hij weet wat hij zegt en na zijn gewaagde avances richting buitenwereld weer kan terugvallen op de hoofdstroom van de Amerikaanse geschiedenis. Vooralsnog heeft hij het voordeel van de twijfel.

import dirk jan van baar