De grenzen van de samba

Energiek tromgeroffel, extatische vocalen, zoemende bassen en gierende gitaren: het nieuwe album van de Braziliaanse zanger/percussionist Pedro Luís en zijn band A Parede is geen bossanovaplaatje dat het goed doet op babbelfeestjes. Halverwege de jaren negentig schudden Luís en zijn amigo Lenine de Braziliaanse scene luidruchtig wakker met iconoclastische werkjes als Astronauta Tupy en O dia em que faremos contato. Op Ponto Enredo hebben de twee boegbeelden van de Braziliaanse sambarock elkaar weer gevonden. Deze door Lenine geproduceerde prachtplaat wordt gedomineerd door de batucada, een subgenre van de samba, waarin in ensembleverband gespeelde percussiemuziek centraal staat.

In de ritmische wervelstorm die Pedro Luís e A Parede – de naam wordt meestal afgekort tot PLAP – genereert, valt altijd de rijke, harmonische onderstroom te herkennen die de Braziliaanse muziek al decennia lang kenmerkt. Hoewel de term ‘batucada’ refereert aan een rijk percussie-instrumentarium, neemt Luís het begrip wat ruimer. Op zijn in het tekstboekje afgedrukte lijst batucada-instrumenten staan ook wah-wahgitaren en fretloze bassen. Op die manier knaagt PLAP aan de grenzen van de samba. Ponto Enredo is een welkome aanvulling op Labiata, Lenine’s recente meesterwerk dat eerder dit jaar verscheen.

Ruud Meijer

import muziek