Een linkse hoek

Elke week op de site: een artikel uit HP/De Tijd. Deze week: de column van Dirk-Jan van Baar.

De sociaal-democraten hebben weer eens een verpletterende stembus-nederlaag geleden, de zoveelste in hun lange geschiedenis. Geen drama, dat is democratie. Maar als er bij Europese verkiezingen gelijktijdig in allerlei verschillende landen terrein moet worden prijsgegeven, is er meer aan de hand. Zeker als een half jaar geleden nog gedacht werd dat links de winnaar van de kredietcrisis zou zijn. Van die voorspelling is helemaal niets uitgekomen.
Nu was ook dat niet echt verrassend. Gordon Brown, architect van ‘New Labour’ in Groot-Brittannië, en Wouter Bos, het Nederlandse gezicht van de vernieuwde sociaal-democratie, mochten zich even in de publieke gunst verheugen, omdat zij de crisis kordaat tegemoet waren getreden en banken van de ondergang hadden gered. Dat werd gevierd als terugkeer van de staat en afgang voor het ‘neoliberale model’ waarin het mondiale flitskapitaal zo’n voorname rol speelde. Maar hun heldendaden waren snel vergeten. Hoe kort van memorie de kiezers ook zijn, niet vergeten is dat Brown en Bos als ministers van Financiën de City en de Zuidas met hun bonuscultuur geen strobreed in de weg legden.
Niet dat dit de sociaal-democraten kwalijk genomen kan worden. Wie in de huidige wereld wil opkomen voor de kleine man moet eerst een vangnet ophangen voor de bankiers. Op hun beurt willen bankiers best een rode hoed opzetten en de hobby’s van de linksige cultuurelite ondersteunen. De eerste president van de Europese Centrale Bank was Wim Duisenberg, een sociaal-democraat, en toen de gulden voor de euro werd ingeruild, kreeg het Nederlandse volk van de nationale bank voor tachtig miljoen een werk van Piet Mondriaan cadeau (de Victory Boogie Woogie die in het Haagse Gemeentemuseum te zien is, in een achterafzaaltje dat ook het kunstpubliek links laat liggen). Zeg niet dat culturele verheffing niet is geprobeerd, alleen is de achterban een andere kant opgegaan dan de progressieve voorhoede voor zich zag. En de managers die aan het sociaal-democratische project bouwen, zijn steeds duurder geworden. Zij werken in eigen dienst en laten zich ‘marktconform’ betalen.
Het stond bij voorbaat vast dat de publieke afkeer van de hebzucht en het gegraai met Wim Kok bij de Shell en Gerhard Schröder op de loonlijst bij Gazprom nooit een lekker hapje voor de sociaal-democratie kon zijn. Dat is

worldwide. Ook de nieuwe regering van Barack Obama zit weer vol Wall Street-expertise, enals er ergens een partij is die het de kapitalisten naar de zin wil maken, dan zijn het de Chinese communisten, die in eigen land de lonen laag houden en via beleggingen in Amerikaanse staatsobligaties hun kapitaaloverschotten veilig hopen te stellen. Links is allang voor het grote geld gezwicht, alleen wil het dat zelf niet weten. En om alternatief bezig te blijven, worden er grootse groene projecten bedacht, met internationaal verhandelbare emissierechten, om de consumptiedrift van de gewone burger te temmen. Geen wonder dat de oude achterban zich bedonderd voelt.
Toch blijven sociaal-democraten zichzelf maar voor de gek houden. Als verklaring voor hun nederlaag bij de Europese verkiezingen kon je horen dat behoudzucht in tijden van crisis wint, alsof zijzelf niet bij uitstek de partij van het behoud zijn. Daar is niks op tegen (zo vreselijk is het leven in Europa niet), en wie met opgeheven hoofd conserverend is en voor de eigen prestaties uit het verleden staat, heeft tenminste een verhaal. Maar blijkbaar is dat te simpel. Sociaal-democraten houden zich na nederlagen altijd voor dat ze ‘te complex’ zijn geweest en dat hun nuances als gevolg van schreeuwerig populisme verloren zijn gegaan. Maar wie even tot zich laat doordringen dat de sociaal-democratie nog steeds een leidende bestuurskracht in Europa is, ziet niets gecompliceerds. Die ziet vooral de macht en het gedraai dat voor genuanceerd doorgaat.
Hiermee is niets verteld dat niet allang bekend is, en een club die steeds weer aan introspectie doet, zou zich eens kunnen afvragen waarom al dat zelfonderzoek zo weinig oplevert. Volgens mij laat al dat navelstaren zien dat sociaal-democraten nog altijd denken dat zij het licht van de wereld zijn waarop de toekomst van de mensheid rust. Zij gaan gebukt onder overspannen plichtsbesef. Dat maakt het bijna heroïsch dat een man als Gordon Brown blijft doorregeren terwijl hij tot op het bot versleten is. Als aangeslagen bokser stond Brown de linkse hoek van vorige week al maanden op het gezicht geschreven. Hij zag hem aankomen en dook er niet voor weg.
Ziedaar de ware sociaal-democraat, die zichzelf wegcijfert én zich onmisbaar acht. Je zou er bijna medelijden mee krijgen, maar de tijdgeest vraagt om afrekening.

Meer leuke content? Like ons op Facebook

Dirk-Jan van Baar