Arme Otto

In het kielzog van de Verlichting met haar optimistische ideeën over wereldverbetering kwam ook de pedagogie op als wetenschap. Een betere wereld begint bij betere mensen, en opvoeding vormt dan het belangrijkste beschavingsinstrument. Pikant in de achttiende-eeuwse discussie over methodes van opvoeding was dat juist de radicale romanticus Rousseau het onderwerp had aangezwengeld met zijn bestseller Emile, waarin hij in romanvorm de lof zong van de natuurlijke kinderlijke wildheid, die vooral niet door de cultuur moest worden bedorven. Rousseaus ideeën brachten alom enthousiasme teweeg, en vervolgens gingen mensen er op een precies tegenovergestelde manier mee aan de slag.

Met het boek De wondere wereld van Otto van Eck schreven Arianne Baggerman en Rudolf Dekker een cultuurgeschiedenis van de Bataafse Revolutie. Het bijzondere van deze geschiedschrijving is het prisma dat de auteurs gebruiken: het dagboek van de jonge Otto van Eck die van 1891 tot 1897 (van zijn tiende tot zijn dood op zeventienjarige leeftijd) van zijn ouders ‘journaal moest houden’. Dit dagboek is in zijn geheel bewaard gebleven en geeft een fantastisch inzicht in de dagelijkse besognes en routines van een tiener uit de welgestelde regentenklasse. Persoonlijke geschriften uit welke tijd dan ook zijn altijd interessant, maar wat dit dagboek extra saillant maakt is het feit dat het in opdracht van Otto’s ouders en onder hun supervisie is geschreven.

De ouders Van Eck waren vooruitstrevende mensen, Verlichtingsaanhangers, die zich verdiept hadden in theorieën over goede opvoedingsmethodes, waarvan er heel wat circuleerden in die tijd. De Filantropijnen bijvoorbeeld ontwierpen, al voortbordurend op Rousseau, een pedagogisch systeem met veel aandacht voor de natuur, het kennismaken met ambachten, het verkennen van de directe leefomgeving en het lezen van verheffende boeken. Het aankweken van een goede moraal nam binnen dit systeem een belangrijke plaats in, en zelfreflectie werd daarvoor als een goede methode gezien. Arme Otto, want hij deed niet voor zijn plezier aan zelfreflectie en er staan dan ook weinig privégedachten in zijn dagboek. Niet verbazend met ouders die meelazen en zijn aantekeningen soms van commentaar voorzagen. Als hij het te saai maakte met opsommingen van telkens weer dezelfde dagbestedingen (klavierspelen, huisdieren verzorgen, allerhande privélessen), spoorden ze hem aan tot wat meer beschouwing, bijvoorbeeld over de boeken die hij las. Maar die konden hem ook al niet bekoren, waarschijnlijk omdat die van een lijst van moreel hoogstaande (kinder)lectuur komen. Hij ging liever naar buiten, de natuur in. Schrijnend zijn de talrijke passages waarin hij spijt betoont over ‘onbeheerste driften, onordentelijk gedrag, verzaking van plichten’ en eindeloos veel ‘gekrakeel’ met zijn jongere zusjes, misdragingen die onveranderlijk gevolgd worden door beterschapsbeloften. Hoewel Otto ongetwijfeld in een liefdevol gezin opgroeide, geeft het biechtkarakter van zijn dagboek toch een gevoel van verstikking. Niet voor niets leggen de auteurs een verband met het panopticum van Jeremy Bentham (de gevangenis waar de bewakers constant zicht hadden op de gevangenen), ook zo’n Verlichtingsideetje waar vader Van Eck gecharmeerd van was. Het boek bestrijkt trouwens veel meer dan alleen het dagelijkse leven van een tiener die zijn beste beentje voorzet om zijn ouders te behagen. Heel eind-negentiende-eeuws Nederland komt tot leven in al zijn facetten van maakbaarheid, politieke idealen, familienetwerken, religie en ziekte. Een buitengewoon boeiende studie, met als tragisch slotakkoord de vroege dood (aan tbc) van de dappere dagboekschrijver.


Beatrijs Ritsema

Arianne Baggerman en Rudolf Dekker:

De wondere wereld van Otto van Eck.

Een cultuurgeschiedenis van de Bataafse Revolutie. €39,90.

1 Taal is zeg maar echt mijn ding(1) – Paulien Cornelisse

2 C’est la vie(8) – Martin Bril

3 De kleine keizer (2) – Martin Bril

4 Echte mannen eten geen kaas (3) – Maria Mosterd

5 De Prooi – Blinde trots breekt ABN Amro(5) – Jeroen Smit

6 Boos op de lucht!(4) – Paul de Leeuw

7 D-Day(-) – Antony Beevor

8 De paardenjongen(-) – Rupert Isaacson

9 Mijn leven als hond(6) – Martin Bril

10 Ik stond laatst voor een poppenkraam (7) – Lucie Mosterd

import non fictie