Een patriot in nood

Het gaat er niet om of Wilders een factor in de kabinetsformatie wordt, maar of hij ooit weer vrij over straat kan

Voor een gewone jongen uit Limburg heeft Geert Wilders het ver geschopt, verder dan zijn moeder in Venlo en waarschijnlijk ook hijzelf voor mogelijk zullen hebben gehouden. Met zijn kruistocht tegen de islam en de ‘linkse kerk’ houdt hij nu al jaren de nationale politiek in zijn ban. Het establishment is bang voor hem en moet na zijn succes bij de Europese verkiezingen opnieuw toezien hoe Nederland een ‘pleefiguur’ slaat in het buitenland.

Van de excentrieke homo Pim Fortuyn kon nog gehoopt worden dat zijn opkomst eenmalig was. Met Wilders kan dat niet. In Nederland lopen vele Wildersen rond en zijn zuidelijke tongval blijkt geen bezwaar om ook in de Randstad gehoord te worden. Zijn weerklank mag met recht ‘nationaal’ worden genoemd, en bewijst dat Nederland een normaal Europees land aan het worden is, met gezond verstand en onderbuik. EU-staten als Oostenrijk, Italië, Frankrijk en België kennen ook populistische figuren met een nationale vrijheidsagenda. En al willen ze nooit met elkaar vergeleken worden, toch zijn ze heel vergelijkbaar.

Wilders is geen eendagsvlieg. Hij heeft als eenzaam Kamerlid ups en downs doorstaan en legt een discipline aan de dag waaraan je het echte politieke dier herkent.

Tegelijk wordt hij gehaat en bedreigd, en kan hij niet zonder lijfwachten en geheime verblijfplaatsen. Voor een populist die zich als freedom fighter ziet, leidt hij een merkwaardig dubbelleven. Als vis in het water in de achterkamers van politiek Den Haag; als opgejaagd wild op straat, waar ook zijn achterban hem niet kan beschermen. Dat kan alleen de overheid tegen wie hij opponeert. Als er iemand afhankelijk is van de staatsmacht, dan is het Wilders, de luis in de pels.


Ik zeg dat niet om Wilders te kleineren. Integendeel, hij heeft al drie punten gemaakt, een score waaraan de meeste politici niet kunnen tippen. Wilders heeft laten zien dat de islam een gevaarlijke godsdienst is, al wisten we dat al van Ayaan Hirsi Ali, met wie hij in de VVD-fractie gezamenlijk optrok. Waar Ayaan met haar internationale sterstatus de darling van de grachtengordel was, werd Wilders – die over de islam dezelfde dingen zei – de provinciaal waartegen de intelligentsia zich afzette. Dit meten met twee maten is de mensen in het land niet ontgaan, en dan is het makkelijk scoren met uitvallen naar de media, de culturele elite en de hoofdstedelijke arrogantie, klassiekers uit elk populistisch repertoire.

De meest originele bijdrage van Wilders zit in zijn filmpje Fitna, dat als onnozel knip-en-plakwerk van een havist is afgedaan, maar waarmee hij zijns ondanks wist aan te tonen dat de Nederlandse autoriteiten het wel degelijk in hun broek doen voor de moslimwereld en zich als dhimmi’s gedragen. Wekenlang maakten diplomaten overuren om zich bij dictatoriale moslimstaten te verontschuldigen voor een filmpje dat nog niemand had gezien. Hier scoorde Wilders maximaal, en wierf hij voor zijn pro-Israël-standpunt, want de joodse staat weet uit ervaring hoe corrumperend preventief buigen voor (moslim)terreur kan zijn. Het getuigde van een onverschrokkenheid die schaars is in de democratische wereld, en maakt het tot een gotspe dat het Amsterdamse hof juist Geert wegens haat zaaien gaat vervolgen.

Toch kan niet ontkend worden dat Wilders met zijn steeds radicalere optreden een hypotheek legt op het politieke klimaat in Nederland. Hij gijzelt het debat, waardoor tal van kwesties in de taboesfeer blijven, en koestert zich in een onuitgesproken cordon sanitaire. Hoogst ongezond, ook voor de man zelf: hij bedrijft suïcidale politiek. Het loopt zelden goed af met helden als Wilders. Zijn Oostenrijkse pendant (overigens geen jodenvriend) heeft zich vorig jaar met zijn grote Volkswagen te pletter gereden, op weg naar een familiefeestje. Zelf rijden zit er voor Geert niet eens in; zijn Audi sportcoupé staat al jaren in de garage, maar als hij op de huidige drieste weg voortgaat, riskeert hij niet alleen een Mozartkugel naar zijn kop te krijgen, maar ook een echte. Dat zou een ramp voor het land zijn.


Is het dan geen grootse patriottische daad als Geert opstapt? In zijn geval is het géén buigen voor terreur, omdat hij het uit eigen beweging kan doen, al jaren de rug heeft rechtgehouden en we niet weer op een martelaar voor het vrije woord zitten te wachten. Het is ook weinig liberaal om geen privéleven te hebben. Het gaat er niet om of Wilders een factor in de kabinetsformatie wordt, maar of er een toestand aanbreekt waarin hij weer vrij over straat kan. Nederland zou opgelucht ademhalen, het is een bevrijding voor de man zelf, zijn moeder in Venlo zal er blij mee zijn. Ik vrees alleen dat onze vrijheidsstrijder te verslaafd is aan zijn politieke bestaan om er nog op soevereine wijze afstand van te nemen.

Meer leuke content? Like ons op Facebook

import dirk jan van baar