Zomerlezen

Welke boeken nemen we dit jaar mee op vakantie? Een antwoord op die prangende vraag geeft de jaarlijkse Zomer Boekentophonderd van HP/De Tijd, die ter inspiratie kan dienen bij de keuze van geschikte vakantielectuur.

Natuurlijk proberen ook uitgeverijen en boekhandelketens u met hun eigen toptienen tot de aankoop van hun titels te verleiden, maar meestal zijn deze lijstjes ingegeven door wishful thinking en commercie.

Wij gaan liever op onze eigen neus af. Verkoopcijfers noch hypes hadden invloed op de opname of klassering van de boeken die u in onze verschillende toptienen aantreft. Het uitgangspunt was dat de liefhebber van elk genre deze zomer literair kan wegdromen.

Wilt u deze vakantie eindelijk dat ene meesterwerk uit de wereldliteratuur lezen, ga dan linea recta naar de Klassiekers. Bent u in deze barre tijden van financiële crisis niet van plan kapitalen aan vakantieboeken uit te geven – meestal arriveren ze trouwens verfomfaaid en smoezelig op hun huisadres – raadpleeg onze Ramsj-lijst en verbaas u over het prachtaanbod.

Of heeft u even genoeg van verzonnen verhalen? Grasduin dan in de toptien der Historie, zodat u zich deze zomer kunt opmaken voor een reis naar de Oudheid of de Middeleeuwen.

Kortom, stel op basis van al deze toptienen uw hoogstpersoonlijke toptien samen. Wat u ook doet en kiest, we wensen u veel leesplezier en bon voyage.

1 Tommy Wieringa – Caesarion

2 Christiaan Weijts – Via Cappello 23

3 Thomas Verbogt – Verdwenen tijd

4 P.F. Thomése – J. Kessels: The Novel

5 Cees Nooteboom – ’s Nachts komen de vossen

6 Robert Vuijsje – Alleen maar nette mensen

7 Dimitri Verhulst – Godverdomse dagen op een godverdomse bol

8 Charlotte Mutsaers – Koetsier Herfst

9 Herman Koch – Het diner

10 Jonathan Littell – De Welwillenden

Caesarion is de langverwachte roman van Tommy Wieringa, over de noodlottige levensloop van de telg van een beroemde pornoster en een kunstenaar. Deze roman mag niet zo vrolijk zijn als Joe Speedboot, toch is het wervelende verhaal over schoonheid en verval het ultieme zomerboek. De spirituele zijpaden en diepzinnigheden over leven en dood moet u maar voor lief nemen. Behalve de usual suspects als Robert Vuijsje, Dimitri Verhulst en Herman Koch – die u misschien allang heeft gelezen – brengen we graag opnieuw Christaan Weijts’ broeierige Via Cappello 23 onder uw aandacht. Ook niet mis is de onderschatte schrijver Thomas Verbogt, die in melancholisch proza de jaren zestig laat herleven. Hij koos de hit Love Me Do van The Beatles als uitgangspunt voor een verhaal over een goedgebekte kunsthistoricus die last van schuldgevoelens krijgt als een vrouw uit het verleden hem hinderlijk begint te achtervolgen. Houdt u meer van camp en humor, dan zal de road novel van de gewoonlijk zo ernstig ogende P.F. Thomése zeker in de smaak vallen. Een scabreuze en snedige roman waarin u kennismaakt met de charmes van een Brabantse frituur, de geneugten van Hamburg en het gezeul met een lijk.


1 Hans Verhagen – Automatische profeet

2 Gerrit Komrij – Er is geen vrijheid in de zandwoestijn

3 Remco Campert – Dichter

4 Nachoem M. Wijnberg – Het leven van

5 Frans Budé – Bestendig verblijf

6 Ester Naomi Perquin – Namens de ander

7 Ramsey Nasr – Tussen lelie en waterstofbom

8 Tonnus Oosterhoff – Ware grootte

9 Ilja Leonard Pfeijffer – De man van vele manieren

10 Mischa Andriessen – Uitzien met D

Het is vreemd dat poëzie zelden in zomertoptienen voorkomt. Want waarom zou je niet voor je genoegen gedichten op het strand, aan de rand van het zwembad of in de tuin van je vakantiehuis lezen? Natuurlijk is Hans Verhagen, dit jaar gelauwerd met de P.C. Hooft-prijs, een hernieuwde kennismaking meer dan waard. Deze ex-televisiemaker, kunstenaar en grootverbruiker van geestverruimende middelen zweeg weliswaar lange tijd, maar maakte een ijzersterke comeback. Ook onze voormalige Dichter des Vaderlands Gerrit Komrij demonstreert in de overzichtsbundel Er is geen vrijheid in de zandwoestijn, die ter gelegenheid van zijn 65ste verjaardag verscheen, dat hij de ongekroonde keizer van de vormvaste, geestige en tegendraadse poëzie is. Van de immer jongensachtige Remco Campert, die deze zomer maar liefst tachtig jaar wordt, verschijnt deze vakantie een mooie uitgebreide editie van zijn complete gedichten. Heeft u behoefte aan baldadige en cryptische verzen, grijp dan naar Ilja Leonard Pfeijffers De man van vele manieren. Opteert u voor lyriek en maatschappelijk engagement, waarom zou u dan Ramsey Nasr niet eens proberen? Wie van experiment houdt, komt aan zijn trekken bij Tonnus Oosterhoff en toegankelijke prozagedichten vindt u in de bundel van rising star Mischa Andriessen.


1 Daniel Kehlmann – Roem

2 Paolo Giordano – De eenzaamheid van de priemgetallen

3 Joseph O’Neill – Laagland

4 Kazuo Ishiguro – Nocturnes

5 Sebastian Barry – De Geheime Schrift

6 Cormac McCarthy – De grenstrilogie

7 Stewart O’Nan – Sneeuwengelen

8 Luis Leante – Hoeveel ik van je hou

9 Anne Enright – Het weer van gisteren

10 Georges Perec – ’t Manco

Uit het buitenland kwam dit jaar prachtige import. Bijvoorbeeld Roem van Daniel Kehlmann, een luchtige en ingenieuze roman in negen verhalen. We ontmoeten een computerdeskundige die bij de aanschaf van een nieuw mobieltje per ongeluk het telefoonnummer van een beroemde acteur krijgt toegewezen. Dit leidt tot hilarische persoonsverwisselingen en gefilosofeer over wezen en schijn. Dankzij de virtuositeit, het rappe verteltempo en de hoge grapdichtheid ideaal als zomerleesboek. Paolo Giordano’s inmiddels veelbesproken De eenzaamheid van de priemgetallen is al genoeg geprezen, dus leest u het deze vakantie maar eens. De als gastschrijver in Amsterdam verblijvende Joseph O’Neill schreef met Laagland een prachtige roman over een beursanalist van Nederlandse komaf, zijn Britse vrouw en de impact van 11/9. Huwelijksperikelen, jeugdherinneringen aan Den Haag en Scheveningen en belevenissen in het New Yorkse Hotel Chelsea vormen de bouwstenen voor een droefgeestig boek over cricket als wereldgodsdienst en het oorlogvoerende Amerika. Van een weemoediger gehalte is Nocturnes van Kazuo Ishiguro, vijf ijle verhalen over liefde en tijd die spelen in Italië, Londen en Hollywood. Een boek over argeloze dromers, cafémuzikanten en geflipte sterren. Verlangt u naar steviger kost? Zet dan uw tanden in het rauwe en meedogenloze proza van Cormac McCarthy.


1 Marcel Proust – Tegen Sainte-Beuve

2 Stendhal – Het rood en het zwart

3 Knut Hamsun – Mysteriën

4 Heinrich von Kleist – Verzameld proza

5 Italo Svevo – Bekentenissen van Zeno

6 Stefan Zweig – Schaaknovelle

7 Mark Twain – De avonturen van Tom Sawyer

8 Truman Capote – In koelen bloede

9 Thomas Mann – Dood in Venetië

10 Emily Bronte – De Woeste Hoogte

Waarom zou je hijgend achter de nieuwste romans aanlopen als er ook tijdloze klassiekers in vertaling verschijnen? Bovendien is de zomer de tijd bij uitstek om luierend eindelijk dat veronachtzaamde meesterwerk te lezen. Voor de liefhebbers van Proust verscheen onlangs Tegen Sainte-Beuve, dat honderd jaar geleden het licht zag in het Frans. In dit schotschrift fileert de dandy uit Parijs de destijds gevreesde criticus Sainte-Beuve, die korte metten maakte met Flaubert, Stendhal en Baudelaire. Volgens Proust moest niet de moraal, maar de schoonheid het uitgangspunt voor kritiek zijn. Daar kunnen wij het deze vakantie alleen maar hartgrondig mee eens zijn. Nog steeds een intrigerend meesterwerk is Stendhals fameuze Het rood en het zwart, waarin de jonge held Julien Sorel de napoleontische heroïek verruilt voor het slagveld van de liefde en dat een van de meest erotische passages uit de wereldliteratuur bevat. Minstens zo enerverend is Mysteriën van Knut Hamsun, een roman over de vreemdeling en fantast Nagel die de rust van een Noors stadje verstoort. Deze tragische negentiende-eeuwse Werther sluit vriendschap met een dorpsgek, wordt verliefd, afgewezen en maakt ten slotte een eind aan zijn leven. Nip aan uw rosé en mijmer over de vraag of u zelf niet ook een soort Nagel bent.


1 Helle Helle – De veerboot

2 John Updike – De terrorist

3 Jonathan Franzen – De onbehaaglijkheidsfactor

4 Jan Wolkers – Alle verhalen

5 Martin Amis – De gele hond

6 Bruce Chatwin – De gezongen aarde

7 Saul Bellow – Herzog

8 Raymond Carver – Het woord liefde

9 Maarten Biesheuvel – Oude geschiedenis van Pa of Zes novellen

10 Tom Wolfe – Het vreugdevuur der ijdelheden

In deze tijden van financiële rampspoed moet helaas ook bespaard worden op de aanschaf van boeken. Waarom dan niet naar de ramsjboekhandels De Slegte, Steven Sterk of Selexyz, om daar voor een grijpstuiver een kilo wereldliteratuur op de kop te tikken? Hoeven we ons ook geen zorgen te maken over het vaak treurige lot van boeken die worden aangevreten door zonnebrandolie, drankvlekken en zweet. Bijkomend voordeel: u verricht een goede daad, want u redt een of meer meesterwerken van de papierversnipperaar. Dat geldt zeker voor het vederlichte zomerboek De veerboot van Helle Helle, een in minimalistische stijl geschreven geschiedenis van twee lieftallige Deense zusjes die als parfumverkoopsters op de veerboot van Rødby naar Puttgarden werken. John Updike richt in De terrorist zijn vizier op de radicale islam. Ofschoon wisselend ontvangen, toch een intrigerend portret van een achttienjarige scholier, half-Iers, half-Egyptisch, die bedwelmd wordt door de islam en betreurt dat Amerika zich ooit heeft losgemaakt van Groot-Brittannië. Geen zin in deze thematiek? Lees dan de onverslaanbare Maarten Biesheuvel. Zes novellen zijn van hem in de ramsj. Grillige humor en krankzinnige verhalen van de Nederlandse Tsjechov voor een paar centen.

1 René Appel – Weerzin


2 Marion Pauw – Daglicht

3 Tineke Beishuizen – Oud zeer

4 Mark Boog – Ik begrijp de moordenaar

5 Charles den Tex – De macht van Meneer Miller

6 Esther Verhoef – Alles te verliezen

7 Saskia Noort – De verbouwing

8 Annet de Jong – Dossier Tobias

9 Simone van der Vlugt – Herfstlied

10 Loes den Hollander – Driftleven

Enkele jaren geleden signaleerden we al de onstuitbare opkomst van de nederthriller. Vooral de oestrogeenvariant doet het nog steeds goed. Smakelijke, spannende vakantieboeken over moorden in de vinexwijk, zonder enige pretentie. Connie Palmen walgde zo van het succes van dit hapklare proza dat ze haar collega Saskia Noort een ‘nietsnut’ noemde. Daar halen wij onze schouders over op, want wat is er mis met een thriller zolang er maar geen ‘literair’ op staat? Op nummer één deze keer René Appel, die in Weerzin verhaalt over een getrouwde hotelmanager die tot over zijn oren verliefd wordt op zijn assistente, terwijl hij ook nog worstelt met een naderend bankroet. Huiselijk leed komen we ook tegen in Daglicht van Gouden Stropwinnares Marion Pauw. Een jonge advocate met een moeilijk opvoedbaar zoontje probeert de onschuld te bewijzen van een tbs’er die zijn buurvrouw zou hebben vermoord. Tijdens haar onderzoek ontdekt ze gruwelijke feiten die op het tegendeel wijzen. Al even herkenbaar is het proza van Tineke Beishuizen, die in Oud zeer een psychologe ten tonele voert die een baksteen door haar ruit krijgt en wier dochter tot overmaat van ramp in verkeerd gezelschap terechtkomt. Het is altijd weer een plezier om te huiveren bij al dat huiselijk misdaadgeweld, zolang het onszelf maar niet treft.


1 Tom Holland – De gang naar Canossa

2 Rüdiger Safranski – Romantiek. Een Duitse affaire

3 Adrian Goldsworthy – Carthago

4 Ian Kershaw – Keerpunten

5 Machiel Bosman – De polsslag van de stad

6 Luc Panhuysen – Rampjaar 1672

7 Anthony Read – Wereldbrand

8 Fik Meijer – Bejubeld & verguisd

9 Simon Schama – De Amerikaanse toekomst

10 Amy Chua – Wereldrijk voor een dag

Als we zeeën van tijd hebben en de actualiteit in de zomerhitte langzaam vervaagt tot onbeduidend geroezemoes, is een reis naar het verleden geen gek idee. Een aanrader in het genre is Tom Hollands magnum opus De gang naar Canossa, dat ons terugvoert naar het eerst millennium na Christus. Het is een panoramische en meeslepende geschiedenis van de apocalyptische angsten van de onheilszwangere tiende en elfde eeuw, toen de geestelijke en de wereldlijke macht streden om de hegemonie over Europa. Heel andere koek is Romantiek. Een Duitse affaire. Rüdiger Safranski schreef een onderhoudend standaardwerk over deze stroming in de cultuur. U maakt opnieuw kennis met volbloed romantici als Novalis, Eichendorff en E.T.A. Hoffmann, die het verlangen naar het verhevene zagen als de voortzetting van religie met esthetische middelen. Voor de hardcoreliefhebbers van de Oudheid is er Carthago van Adrian Goldsworthy, over de legendarische generaal Hannibal, verleidelijke prinsessen, gehaaide politici en woeste krijgslieden ten tijde van de Punische Oorlogen (246-146 v. Chr.). Ligt zo’n boek u te zwaar op de maag deze vakantie, dan is Bejubeld & verguisd van good old Fik Meijer een luchtig alternatief. Het leert dat de helden en heldinnen der Antieken die heel wat meer prestaties moesten leveren dan de BN’ers van nu.


1 Arnon Grunberg – Kamermeisjes & soldaten

2 Alain de Botton – Ode aan de arbeid

3 Paulien Cornelisse – Taal is zeg maar echt mijn ding

4 Rik Smits – Dageraad

5 Khadija Arib – Couscous op zondag

6 Heleen Mees – Tussen hebzucht en verlangen

7 Rob Wijnberg – Nietzsche & Kant lezen de krant

8 Anil Ramdas – Paramaribo, de vrolijkste stad in de jungle

9 Christopher Lloyd – Wat is er in hemelsnaam gebeurd?

10 Joanie de Rijke – In handen van de taliban

Helemaal in de geest van Thomas Vaessens recente roep om engagement is Grunbergs verzameling onovertroffen reportages uit onder andere Irak, Afghanistan en Libanon. Ook zijn wederwaardigheden als kamerjongen in een Oostenrijks hotel zijn uiterst vermakelijk. Een intelligente proeve van participerend schrijverschap. Van een heel andere orde is Alain de Bottons filosofische verhandeling over de betekenis van werk voor de hedendaagse Mensch. Waarom beschouwden de Grieken werk als een exclusieve bezigheid voor slaven, en welke arbeidsethiek introduceerden de protestanten? Laat daar uw gedachten maar eens over gaan tijdens een zalig dolce far niente. Een amusant niemendalletje, maar daarom niet minder lezenswaard, is het droogkomische Taal is zeg maar echt mijn ding van cabaretière Paulien Cornelisse, een bundel vol hilarische en rake stukjes over hedendaags taalgebruik. Voor steviger kost is Dageraad van Rik Smits een betere keuze: een erudiete verhandeling over het ontstaan van taal. Wilt u ten slotte begrijpen waarom Geert Wilders de correspondente Joanie de Rijke nogal dubieus citeerde, dan moet u beslist In handen van de taliban lezen, een huiveringwekkend verslag van haar ontvoering en verkrachting door de Afghaanse baardmannen.


1 Carlos Ruiz Zafón – Het spel van de engel

2 Tatiana de Rosnay – Haar naam was Sarah

3 Martin Bril – C’est la vie

4 Jaap Scholten – De wet van Spengler

5 Anton Valens – Vis

6 Gerbrand Bakker – Juni

7 Anna Enquist – Contrapunt

8 Renate Dorrestein – is er hoop

9 Paul Theroux – De grote spoorwegcarrousel retour

10 Rosita Steenbeek – Ander licht

Mocht u zich op de valreep nog even naar de boekwinkel moeten reppen omdat u vergeten bent leesvoer voor de vakantie in te slaan, dan zult u waarschijnlijk torenhoge stapels van Carlos Ruiz Zafóns Het spel van de engel aantreffen. Hoewel niet zo meeslepend als zijn vorige boek, zal deze spannende avonturenroman over een jonge pulpschrijver in het labyrintische Barcelona die zijn ziel aan de duivel verkoopt, u vast boeien. Ook geen slechte haastkeuze is Haar naam was Sarah van Tatiana de Rosnay, een roman à la Sophie’s Choice over een tienjarig joods meisje dat wordt gedeporteerd en haar broertje nog snel in een kast opsluit, waarna ze belooft hem zo snel mogelijk te bevrijden. Martin Bril gedenken we deze zomer door het savoureren van zijn belevenissen als buitenstaander in het Franse dorp Lagarde-Enval, waar hij loodgieters, metselaars, timmerlui en andere ambachtslieden ontmoet. Voor de liefhebbers van reisverhalen bevelen we Paul Theroux’ reprise van De grote spoorwegcarrousel aan, waarin hij dertig jaar na dato opnieuw flegmatiek verslag doet van zijn legendarische reis met de Oriënt-Express, de Frontier Mail en de Trans-Siberië Express. Hij reist eerst naar het Oosten en dan weer terug. Hoeven wij dat deze zomer gelukkig niet meer te doen.


1 Toni Morrison – A Mercy

2 Elizabeth Strout – Olive Kitteridge

3 Tim Winton – Breath

4 Zoë Heller – The Believers

5 Joseph O’Neill – Netherland

6 Sebastian Barry – The Secret Scripture

7 Selden Edwards – The Little Book

8 David Benioff – City of Thieves

9 Sebastian Faulks – Engleby

10 David Lodge – Deaf Sentence

Wie verwijlt op Schiphol of een andere internationale luchthaven, heeft de keus uit een baaierd van pockets. Uit dat enorme aanbod kiezen we A Mercy van Nobelprijswinnaar Toni Morrison, een roman die in 2008 door The New York Times werd uitgeroepen tot een van de beste tien boeken van dat jaar. Aangrijpend brengt Morrison in kaart wat er broeide onder het oppervlak van de slavernij in het vroege, primitieve Amerika. Minstens zo bijzonder is de met de Pulitzer Prize 2009 onderscheiden Olive Kitteridge van Elizabeth Strout, een hartverscheurende roman in verhalen over een wiskundelerares uit Maine die haar gezellige echtgenoot, de apotheker Henry, flink op de huid zit en haar zoon Christopher verleidt om in therapie te gaan. Ondanks thema’s als zelfmoord, depressie en eenzaamheid van een hoog humoristisch gehalte. De verhalen verschenen eerder in The New Yorker. Ook zo’n met prijzen overladen roman is Breath van Tim Winton. Arme Bruce heeft zijn leven lang in een stadje nabij de zee gewoond en naar het strand verlangd, maar zijn vervelende ouders hebben hem altijd verboden daarheen te gaan. Te gevaarlijk vanwege de golven. Dankzij zijn vriendschap met de stoere Loonie trotseert hij dit verbod. Kunt u uw idyllische badplaats eens vanuit een andere invalshoek bekijken.

Hans Hoenjet