Vaarwel Zeeman

De reus is geveld. Michaël Zeeman, gisteravond overleden aan een hersentumor, werd slechts vijftig jaar. Dat is erg jammer, want niemand schreef zulke mooie ingezonden brieven als hij. Teneur: zijn critici waren armzalige krabbelaars. Ze konden niet in de schaduw staan van hem, Michaël Zeeman, boekenpaus van de Volkskrant en gesprekspartner van de grootste geesten der aarde. Zeemans arrogantie was zo over the top dat het weer leuk werd.

De affaires waarin Zeeman was verwikkeld waren vaak bizar. Zo was er de (vermeende) boekendiefstal in 1986, waaraan Theo van Gogh de in Marken geboren literatuurcriticus nog talloze keren herinnerde in vileine columns. Er waren akkefietjes met vrouwen, en in 2002 was er de inbraak in de computer van een Volkskrant-collega, die Zeeman op een verbanning naar Rome kwam te staan.
Zelf zag Zeeman dat overigens heel anders. In een boze ingezonden brief in HP/De Tijd van 4 mei 2007: “Laat u gezegd zijn dat ik nog altijd niet weet hoe je in een computer moet inbreken zonder dat apparaat hopeloos te beschadigen. (-) Wel was er sprake van een innige briefwisseling tussen een stukjesschrijver (Willem Kuipers van de Volkskrant, red.) en een schrijver (Joost Zwagerman. red), waarbij de laatste de eerste om mooie recensies smeekte. Dat was op zichzelf al heel dom, maar dommer nog was dat beide correspondenten mij hun brieven in handen speelden. Hoe, dat heb ik nooit verteld – en vertel ik ook nu niet.”
Dat Michaël Zeeman maar vijftig is geworden is een verrassing, en toch ook weer niet. In 2003 overleed namelijk plotseling zijn jongere (en even boomlange) broer Melchior Zeeman, verslaggever bij de Haagsche Courant. Hij werd slechts 33.

Boudewijn Geels