De hele zomer vrij

Mijn vakantie is voorbij, maar dé vakantie is nog lang niet afgelopen. De eerste week van augustus is zo’n beetje het centrum van de zomer. Degenen die vroeg vertrokken zijn nog niet terug, degenen die laat gingen zijn net weg. Rustiger kun je het niet hebben in de stad en overal zijn parkeerplaatsen. Een fijne tijd ook om aan het werk te zijn, omdat de hele machinerie van het land in een lagere versnelling zit. Van vroeger toen ik nog op kantoor zat, kan ik me een samenzweerderige sfeer herinneren gedurende de zomermaanden, als de zaak drijvende werd gehouden door de thuisblijvers die ’s ochtends laat kwamen aanzetten, ’s middags waterijsjes voor elkaar haalden en ’s avonds uren op het terras hingen. Dit werk was bijna nog leuker dan de vakantie zelf.

Als het aan de regering ligt, moet het maar eens afgelopen zijn met het collectieve gelanterfanter in juli en augustus. Een moderne maatschappij als de onze kan zich natuurlijk niet langer laten leiden door de seizoenen zoals het eerste het beste primitieve cultuurtje, waar men aftaait naar de hangmat zodra de zon te fel schijnt. De airconditioning is niet voor niets uitgevonden! Het sleutelwoord voor dit op te krikken arbeidsethos luidt vakantiespreiding. Hier wordt al sinds de jaren vijftig aan gewerkt. Om de een of andere reden is het de overheid een doorn in het oog dat burgers allemaal tegelijk met vakantie willen (namelijk als het mooi weer is) en dienen ze dat om de beurt te doen, zodat er minder gaten vallen op het werk en de vakantiedrukte op de wegen gespreid wordt. Om dit te bevorderen is het land opgesplitst in drie schoolvakantieregio’s, waarvan de vroegste en de laatste regio drie weken uit elkaar liggen. Behalve dat dit systeem vakantiecontacten tussen familieleden die in verschillende regio’s wonen onmogelijk maakt wegens gebrek aan overlappende weken, treedt er ook geen noemenswaardige spreiding op, want de traditionele piek ligt nog steeds in dezelfde periode: eind juli, begin augustus.

CDA-staatssecretaris Van Bijsterveldt heeft een tijdje geleden het advies van de commissie-Onderwijstijd overgenomen om de middelbare-schoolvakanties met een week te reduceren tot zes weken en de vrijgekomen week door het jaar heen in te plannen als roostervrije dagen. Elders gaan zelfs stemmen op om de zomervakantie in te krimpen tot vier weken en door het jaar heen meer korte vakanties te geven. Dit om te voorkomen dat kinderen in de zomer weer vergeten wat ze gedurende het schooljaar hebben geleerd en misschien ook wel om te verhinderen dat kinderen van allochtonen zeven weken naar Turkije of Marokko verdwijnen en helemaal de schoolroutine ontwennen.


Veel korte vakanties en schoolvrije dagen door het jaar heen. Alsof werkende ouders daarop zitten te wachten! Het is veel handiger om de vakantie op de zomer te concentreren in plaats van over het jaar heen te versnipperen. Als alle scholen dicht zijn in heel juli en augustus, is er geen noodzaak meer voor regiospreiding, want dan spreidt iedereen zijn vakantie naar eigen voorkeur. Voor de overgebleven weken, wanneer de ouders weer aan het werk zijn en de kinderen nog vrij hebben, ligt een systeem van vakantiekampen voor de hand. Inderdaad, precies als in Amerika. Kinderen zitten daar vaak drie of vier weken op kamp. In tenten in bossen, op het platteland, met water, met sport en spel of meer gerichte hobby’s. Kinderen die niet van huis willen of die daarvoor te jong zijn, kunnen overal naar dagkampen, waar ze afhankelijk van hun interesse gericht aan sport of cultureel/artistieke vorming kunnen doen of waarin zo nodig wat schoolstof wordt bijgespijkerd. Dit alles ruim besprenkeld met vrij spelen en leuke groepsactiviteiten.

Oudere middelbare scholieren hebben vakantiebaantjes als begeleiders van kinderen op zomerkampen.

Vakantiekamp is relaxter en vrijer dan school. Kinderen brengen meer tijd buiten door. Ze leren er andere dingen die ook belangrijk zijn. Ze kunnen er buiten de gevestigde pikorde van hun schoolklas oefenen met ander gedrag en een andere houding. Het vakantiekamp draagt bij aan het gevoel dat de zomer een cesuur vormt tussen het vorige en het volgende schooljaar. Op zo’n manier wordt het leven niet één grote amorfe bende, waarin alle weken op elkaar lijken en waarin het alleen maar gaat om hard werken en productie. Die cesuur is voor volwassenen trouwens ook prettig. Niemand is zo modern dat hij zich kan vrijwaren van seizoensinvloed. |

import beatrijs ritsema