Neelie, red ons

Geachte mevrouw Kroes,

Ik richt mij tot u als een bezorgde Nederlandse onderdaan met het verzoek: keer terug naar Den Haag. Verlos het land.

Van de overspannenheid en nietszeggendheid. Van het oeverloze gezeur over immigratie en integratie. Van de onbeschaafdheid die Geert Wilders heet. Wie ontneemt hem het thema immigratie en integratie.

Wie pakt het nuchter aan, ontdaan van primaire emoties. Hard, indien nodig, maar zonder aanzien des persoons.

En nooit kil.

U, mevrouw Kroes.

Ik ben geen VVD’er, maar ik heb ze onder mijn beste vrienden. Ik zou trouwens niemand anders weten in andere partijen, of buiten de Tweede Kamer, of in dit kabinet, die hiertoe in staat is. Inhoudelijk zult u Wilders’ analyse delen dat het islam-fundamentalisme een gevaar kan vormen voor de westerse samenleving. De bodem van die analyse is namelijk afkomstig uit uw eigen partij, en is gelegd door Frits Bolkestein. In 1991 waarschuwde hij ervoor. De maatregelen die u namens uw partij zult voorstellen, zullen niet veel afwijken van die van de PVV. Slaat u de vorig jaar verschenen integratienota van uw partijgenoot Henk Kamp er op na, en u zult met de grootste moeite de verschillen kunnen vinden tussen zijn ideeën en die van Wilders.

Nu kunt u tegenwerpen: waarom stuur je Henk Kamp dan geen brief? Kamp heeft onvoldoende electorale aantrekkingskracht, en dat zal hij zelf volmondig erkennen. U daarentegen, bezit die combinatie van stoerheid én charme, die je ook aantreft bij jonge power-feministes als Heleen Mees en Margriet van der Linden. Niet alleen bij hen, ook bij de mannen, de jongere incluis, doet u het goed, zo leert een kleine, maar indicatieve steekproef. U bent 68, maar u oogt jonger. Uw kleding verraadt smaak. Uw donkerbruine ogen geven u een glans van zachtheid. U straalt redelijkheid en betrokkenheid uit.


Toch bent u geen doetje. Ik zie u al staan, in de Kamer, tegenover Geert Wilders. Gewend als hij is om in de hoek te worden gedrukt door hysterische opponenten als Kant, Halsema en Pechtold waarna hij uit de bocht vliegt maar wel electorale punten vergaart krijgt hij in u een ander soort tegenstand. U blijft kalm, negeert hem desnoods of, het allerergste, u toont een moederlijk soort empathie voor het lastige jong. Misschien is het zelfs mededogen. De PVV-voorman kan voor u als ontmantelaar van internationale kartels geen onoverkomelijk obstakel zijn.

Uw komst is zeer gewenst, mevrouw Kroes. Wilders vertrouw ik niet. Zou hij zichzelf vertrouwen? Dat wil zeggen: de tamelijk ongeleide dynamiek onder kiezers die zijn persoon steeds weet te genereren? Geert moet zelf ook verbaasd zijn dat hij, eenvoudige jongen uit Venlo, in zijn eentje de complete volksvertegenwoordiging in zijn greep heeft. Waar eindigt zijn opmars?

Zijn onverholen ambitie heeft iets in zich van een heilig doel, een missie. Hij móet MP worden, hij zal het werk van Pim Fortuyn afmaken, hij wil onsterfelijk worden. Zijn geldingsdrang is zo manifest dat ik me afvraag of hij het beste voorheeft met dit land, of alleen met zichzelf.

U daarentegen lijkt niet te staan te springen voor het hoogste ambt. Het lijsttrekkerschap van de VVD is een ‘gepasseerd station’, zei u onlangs. Dát wil ik horen. Het illustreert dat u niet zo nodig hoeft. Tegelijkertijd lijkt u me iemand die, als er een dringend beroep op u wordt gedaan, niet wegloopt en haar verantwoordelijkheid neemt. Als het land mij nodig heeft, dan ‘ga ik eh mijn-eh stinkende best ervoor doen’ ik hoor het u zo zeggen.


Voor de goede orde, Geert Wilders verdient ook lof. Hij heeft na de moord op Fortuyn gezorgd dat het onderwerp immigratie en integratie op de politieke agenda is blijven staan. Hij heeft de gevestigde partijen alert gehouden, en anders dan Hans Dijkstal en Jozias van Aartsen heeft hij als eenvoudig Kamerlid van de VVD de erfenis van Bolkestein bewaard. Uw partij heeft dat onvoldoende erkend, en daarvoor een electorale rekening gepresenteerd gekregen die nog steeds niet helemaal is voldaan. De kiezer heeft Wilders wel beloond, en de PVV is nu een van de grootste partijen van het land. Als er niets gebeurt, grijpt hij over twee jaar de macht. Dus dan spreken wij over minister-president Geert Wilders en over het eerste kabinet-Wilders…

Laat dat eens op u inwerken, mevrouw Kroes. Ziet u het voor zich? Ik niet, want een minister-president dicht ik andere eigenschappen toe. Dat moet een evenwichtige, wijze persoonlijkheid zijn, die zorgvuldig te werk gaat, die goed luistert, die doorpakt als dat nodig is. Een eerste onder gelijken, zoals het dan heet, die niet handelt in angst, om Geert Mak maar eens te citeren. Die niet voortdurend hamert op het onheil dat op ons afkomt, maar die ook over de grootsheid en wijsheid van geest beschikt om kánsen te zien in plaats van problemen.

Na meer dan twintig jaar van dispuut, van emotie, heb ik grote behoefte aan een nuchtere benadering van het immigratieen integratievraagstuk. Laten we nu minder práten over het probleem, en het oplossen. Het is tijd voor duidelijkheid, opdat alle toekomstige nieuwkomers weten waar ze aan toe zijn met Nederland, met Europa. En die duidelijkheid is nodig, want het aantal nieuwkomers zal nog groeien. Volgens de VN zal de bevolking van Europa krimpen en steeds ouder worden. Die van Afrika groeit en wordt jonger. Tussen nu en pakweg 2050 zal de bevolking van Westen Noord-Afrika groeien van 400 naar 876 miljoen. De EU wil een rapid reaction team om de immigratie van illegale Afrikanen het hoofd te bieden.


Hopelijk is de naam Kroes straks voldoende om te veel snode vluchtplannen richting het Westen voortijdig de kop in te drukken. U kunt duidelijkheid verschaffen, zoals u dat ook doet in uw huidige functie. Hoe? Door een paar eenduidige vragen en regels te stellen: heeft onze economie nieuwkomers nodig, zo ja, hoeveel dat is relevant, want als die toestroom ongebreideld is, barst dit kleine land ooit daadwerkelijk uit zijn voegen. Vervolgens stellen wij als regering, als samenleving, de volgende eisen: je bent verplicht Nederlands te leren, je werkt en je gedraagt zich overeenkomstig de wetten van dit land. Dat heet integreren, en we verlangen dus niet dat nieuwkomers assimileren, zoals Wilders wil, dat ze opgaan in een engbegrensde Nederlandse cultuur. Daar gaat de overheid niet over.

Eigenlijk zijn het eenvoudige regels, in iets andere vorm al eerder geformuleerd door de toenmalige staatssecretaris van vreemdelingenzaken, Job Cohen, en nadien strikt gehanteerd door Rita Verdonk. Te strikt, volgens sommigen, maar ik vond haar consequente lijn verfrissend, zelfs toen ze weigerde Ayaan Hirsi Ali een voorkeursbehandeling te geven. En zo dachten er nog eens ettelijke honderdduizenden over die bij de Tweede Kamerverkiezingen van 2006 hun voorkeurstem uitbrachten op Verdonk een recordaantal in de parlementaire geschiedenis.

Toch krijgt ook Rita Verdonk geen brief van mij. U bent charmanter, u weet wat barmhartigheid is. En u lijkt mij slimmer en bestuurlijk meer door de wol geverfd.

Ik denk dat u, behalve een strenge, rechtvaardige en vooral duidelijke aanpak van het immigratieen integratievraagstuk, ook een andere politieke mentaliteit mee zult brengen. Dat is nodig, want de natie vertoont kenmerken van overspannenheid. Wij maken ons druk om een meisje van dertien dat een wereldreis wil maken, om een paar agenten die op een dance-festival naar hun pistool grijpen waar hebben ze dat ding anders voor, we klagen over de overlast van een trein die nog nooit heeft gereden, over een kroonprins die, net als wij, snakt naar een vrijere, meer ceremoniële rol.


Dat wij ons hiermee bezighouden, komt doordat we ons ten diepste vervelen. Op zichzelf is dat niet zo vreemd, want Nederland is in de kern zo goed als af. Ook ideologisch zijn er eigenlijk geen pregnante verschillen meer, zijn we uitgediscussieerd.

Bij gebrek aan werkelijke gebeurtenissen, aan wezenlijke prikkels, blazen we zeepbellen op tot ze uit elkaar spatten. Een overvloed aan media die allemaal hun bestaansrecht willen bewijzen en dus moeten scoren, spoort ons daartoe aan dan wel fungeert als bron. Aldus ontstaat het beeld van een bangelijk, overgevoelig volkje, dat weinig meer kan incasseren en een verontrustend gebrek aan veerkracht toont.

Weg dus met het vergrootglas, met het uitvergroten van pietluttigheden, van uitzonderingen. Laten we minder lullen, en meer poetsen. Sluit voor mijn part De Balie en al die andere zwetshuizen. Schaf dat hitsige vragenuurtje in de Tweede Kamer af. Breng het aantal volksvertegenwoordigers terug tot maximaal honderd. Verklein de departementen, ontsla de voorlichters, de politieke assis-tenten en al dat andere, onduidelijke volk in Den Haag. Sluit de journalistenopleidingen. Stuur de grootste opruiers onder het journaille naar een bijscholingscursus over het fenomeen ‘mediahype’ van communicatiedeskundige Peter Vasterman. Kortom, bevrijd ons van de verlammende overvloed aan nietszeggendheid.

Beste mevrouw Kroes, u kunt de publieke zaak terugbrengen tot zijn ware proportie, en hem teruggeven aan het publiek. U vraagt zich misschien af of het volk wel in staat is meer voor zichzelf te zorgen. Wil het dat wel, is het niet te afhankelijk geworden van Vadertje Staat en te lui en vadsig? Vertel mij wie mijn volk nog is, nadat ik al die jaren in den vreemde heb vertoefd.


Relevante vragen, maar ik denk dat deze ontideologiseerde, gedepolariseerde tijd zich bij uitstek leent voor een democratische heroriëntatie onder uw aanvoering. Wees niet bevreesd dat er te veel gevraagd zal worden van de mensen. Zoveel hoeft er niet meer te worden gedaan. U hoeft de gemeenschapszin niet nieuw leven in te blazen, geen wijkcomités op te zetten, geen zelfbestuur te organiseren voor de arbeiders. Laat mensen zelf denken, het zelf regelen en oplossen. Ze zijn niet gek. Ze zijn zeer wel in staat het onderscheid te maken tussen goed en kwaad, tussen wat deugt en wat mis is. Het zijn geen wilde beesten die elkaar bij het minste of geringste naar de keel vliegen, zoals televisieprogramma’s als De Rijdende Rechter, Hart van Nederland of Buren willen doen geloven. Geef het volk z’n domein terug, en geef het vooral zichzelf terug. Macht aan het volk, derhalve. Of klinkt dat te marxistisch? Maak er dan van: ‘macht aan de mensen in het land’, om uw illustere voorganger Hans Wiegel maar eens te citeren. En geloof me, de mensen zijn tot meer in staat als zij zich vanuit Den Haag gesteund weten door een klein en krachtig kabinet, bestaande uit doeners en zakelijk ingestelde lieden die rust brengen in de delta, maar die intussen niet stilzitten.

Ik realiseer me dat voor u de overgang van de mondaine, exotische atmosfeer van Brussel naar de vlakke, kille Haagse polder even slikken zal zijn. Maar dat offer zult u moeten brengen. En welk traject zetten we uit? Eerst moet die arme Mark Rutte netjes afgeserveerd worden, en u dient in 2011 de Tweede Kamerverkiezingen te winnen. Maar als u volgend jaar, kort na de gemeenteraadsverkiezingen van maart, die de VVD van Mark Rutte zal verliezen, aantreedt, heeft u een dik jaar om Wilders aan te pakken, om maatjes te worden met Alexander Pechtold en met Maxime Verhagen, de enige twee politici van de gevestigde orde van wie ik inschat dat u ermee overweg kunt. Premier Kroes en de vicepremiers Pechtold en Verhagen… Ja, zo’n combinatie zie ik wel bij Barack Obama in het Witte Huis, of naast Angela Merkel, Hillary Clinton en Nicolas Sarkozy staan voor een statiefoto.


Mevrouw Kroes, het land heeft u nodig. Al zou u het maar twee, drie jaar willen doen. Dan bent u begin zeventig… eeuwig jong!

Opleiding: Economie aan de Erasmus Universiteit in Rotterdam. Loopbaan: Na werk in de transportsector en de wetenschappelijke wereld in de jaren zestig stapt Kroes in de jaren zeventig voor de VVD in de politiek. Ze is gemeenteraadslid in Rotterdam en Tweede Kamerlid tegelijk. Van 1977 tot 1981 is ze staatssecretaris van Verkeer en Waterstaat in het kabinet-Van Agt I. In Lubbers I en II is ze minister op datzelfde departement in de periode 1982-1989. Ze verlaat de politiek om in de jaren negentig bedrijfskunde-universiteit Nyenrode te leiden. In 2004 keert ze terug in de politiek, maar dan op Europees niveau. Ze wordt lid van de Europese Commissie, belast met mededinging, en ontwikkelt zich als een ware plaag voor bedrijven en instellingen die oneerlijke concurrentie nastreven. In 2010 loopt de termijn van Neelie Kroes af.

import open brief