Speelbal van hormonen

Darwin was een geniaal wetenschapper, en er is geen betere theorie over het ontstaan van het leven op aarde dan de evolutietheorie. Laat ik dat vooropstellen. Maar de ongekende populariteit van de enig overgebleven negentiende-eeuwse denker met een allesomvattend verhaal (Marx en Freud zijn van hun voetstuk gevallen) brengt ook allerlei idiotie met zich mee. Het introduceren van evolutiepsychologische principes in de literatuurbeschouwing is daar een voorbeeld van. Paradise Lost of Don Quichot analyseren op seksuele-selectiemechanismes maakt de literatuurwetenschap echt niet wetenschappelijker.

Ook het toetsen van maatschappelijke verschijnselen aan ‘de’ wetten van ‘de’ evolutiepsychologie leidt zelden tot verhelderende inzichten. Sterker nog, het onderzoek zelf is een vorm van junkwetenschap. Waar ik me buitengewoon aan stoor, is het soort onderzoek dat zich bezighoudt met wat de seksen ‘eigenlijk’ willen. Een goed voorbeeld daarvan is de ontdekking dat vrouwen tijdens de eisprong op virielere mannen (masculiener, dominanter en competitiever) vallen dan in de rest van hun cyclus, wanneer ze het bij wat slomere types houden. Ovulerende vrouwen gedragen zich bovendien uitdagender en worden door mannen ook aantrekkelijker gevonden dan niet-ovulerende vrouwen. Tot zover denk je: het zal wel kloppen, die voorkeuren en gedragingen bieden een soort elementair voortplantingsvoordeel. Maar dan volgt de gretig door de media overgenomen consequentie: vrouwen die de pil slikken ovuleren niet, vallen minder op viriele mannen, worden door die mannen ook minder aantrekkelijk gevonden en maken dus de verkeerde partnerkeuze, waar ze pas achter komen wanneer ze ophouden met de pil omdat ze zwanger willen worden.

Vulgairder kun je de evolutiepsychologie niet geserveerd krijgen. In dit claustrofobische universum zijn hormonen het enige wat ertoe doet, en dat geeft een totaal oninteressant mensbeeld. Het hormonale concept is zo simplistisch dat de werkelijkheid er onuitstaanbaar dor en mechanistisch van wordt. Vergeleken hiermee is common sense een wonder van verbeelding. Het gegeven dat vrouwen viriele mannen (kaaklijn, fysieke kracht, lengte, symmetrisch uiterlijk) aantrekkelijk vinden gaat niet alleen op voor ovulerende vrouwen, maar voor alle vrouwen, ongeacht cyclus, leeftijd en eigen aantrekkelijkheid. Een vrouw van 75 vindt George Clooney of Brad Pitt ook heus wel een aantrekkelijke man. Over ideealbeelden, zowel de mannelijke als de vrouwelijke, bestaat een grote leeftijd- en cultuuroverstijgende consensus. Fluctuering binnen de vrouwelijke cyclus kan die beoordeling niet wezenlijk beïnvloeden en is dus een marginaal fenomeen.


Het omgekeerde geldt al even sterk. Het is onvoorstelbaar (om niet te zeggen: regelrechte onzin) dat een man de voorkeur zou geven aan een ovulerend lelijk spook boven een niet-ovulerend mooi meisje. En ook al zou dit verschijnsel zich weleens voordoen, dan is het twee dagen later toch weer afgelopen met de ovulatie en de bijbehorende verdwazing der zinnen? Maar volgens de hormoontheorie is alles wat al ovulerend wordt gevoeld en meegemaakt waarachtiger dan de gevoelens en gedragingen die zich buiten de cyclus afspelen. Hier zien we een extreem voorbeeld van de naturalistische valkuil: de biologie dicteert iets, dus is het waar en dus is het goed.

De pil maakt korte metten met dit hormonale sjabloon en zorgt ervoor dat vrouwen een verkeerde partnerkeus maken, omdat zij zich tijdens al die niet-ovulerende jaren hebben gericht op niet-masculiene softies. Geen wonder dat er zo veel wordt gescheiden! Het (evengoed evolutionair-psychologische) idee dat de meeste vrouwen los van hun cyclus überhaupt qua levenspartner en voortplantingssucces beter af zijn met een wat minder viriele rouwdouwer speelt kennelijk geen rol meer in dit pil-debunkingsonderzoek. Nee, dan de duizenden jaren van intermenselijke aantrekkingskracht en partnerkeuze vóór de introductie van de pil. Toen werden vrouwen niet hormonaal gekluisterd maar door ouders en familie doorgesluisd naar gearrangeerde huwelijken, waarbij wederzijds op elkaar vallen als laatste aspect in de overwegingen werd betrokken. Had een vrouw de pech om al ovulerend toe te geven aan een hormonale impuls, kon ze direct door naar het altaar voor een (doorgaans vreugdeloos uitpakkend) instant-huwelijk. So much voor de puur door de natuur gestuurde partnerkeuze. Er is altijd en eeuwig ellende met de partnerkeus. De pil vormt binnen die ellende een te minuscule factor om als verklaring te kunnen dienen. Waardeloze wetenschap.

import beatrijs ritsema