Privacyschending in Nederland: het gaat verder dan je denkt

[[image file=”2009-11/opabart.png” align=”inline” ]]
“Kort geleden kreeg ik de persoonsbewijzen van mijn opa en oma uit de oorlog onder ogen. Op beide figureert prominent een vingerafdruk. We hebben het zestig jaar lang zonder zo’n document gered – en Nederland is in die periode niet ten onder gegaan aan misdaad en terrorisme.” Bart de Koning, redacteur van HP/De Tijd, legt uit waarom hij de actie ‘Het Nieuwe Rijk gaat verder dan u denkt’ steunt.

“Een persiflage is geslaagd als je bij de eerste aanblik erin gelooft en pas na grondiger bestudering beseft dat je in de maling wordt genomen,” schreef Frits Abrahams gisteren in NRC Handelsblad. Zo bekeken is de folder Nieuw reisdocument aangevraagd? die verspreid is in een aantal gemeentes, zeker een succes. Mensen uit het hele land hebben gebeld met gemeentes en het ministerie van Binnenlandse Zaken om te vragen hoe dat nou precies zit, met het tatoeëren van het Burger Service Nummer op de linkerarm. Staatssecretaris Ank Bijleveld (CDA) heeft direct aangifte gedaan tegen de makers. Beide berichten zijn typerend voor de tijdgeest. Kennelijk leven we in een tijd waarin veel mensen het niet eens direct ongeloofwaardig vinden als de overheid ons wil tatoeëren. De enorme hoeveelheid maatregelen die de overheid de laatste jaren over ons heeft uitgestort – allemaal voor onze eigen veiligheid, uiteraard – heeft veel Nederlanders blijkbaar murw gemaakt: een tatoeage? Zou zo maar kunnen.

De reactie van Bijleveld is een typische regenteske CDA-reflex: Satire? Kritiek op de macht? Aangifte! Al eerder sleepte Jan Peter Balkenende het noodlijdende opinieblad Opinio voor de rechter na een onschuldige parodie. Toen Revu de e-mailbox van Jack de Vries hackte, had de CDA’er de journalisten natuurlijk moeten bedanken omdat ze de staatssecretaris van Defensie op een potentieel zeer riskant beveiligingslek hadden gewezen. Maar hij reageerde als een echte CDA’er: met een aangifte. Gelukkig heeft de rechter de journalisten van Revu net vrijgesproken

Achter deze verkrampte reacties schuilt een fundamenteler probleem. De afgelopen jaren heeft de politiek talloze maatregelen genomen in de strijd tegen terrorisme en misdaad: databanken, opslag van telecomgegevens, preventief fouilleren, gebiedsverboden, camera’s, kentekenscans en identificatieplicht, om er maar eens een paar te noemen. Bij het rekeningrijden garandeert Camiel Eurlings dat onze privacy beschermd zal worden, al zegt de CDA’er er in één adem achteraan dat politie en inlichtingendiensten wel inzage in de gegevens krijgen. De actiegroep achter de folder Nieuw reisdocument aangevraagd ? verzet zich tegen een andere ingrijpende maatregel: het nieuwe biometrische paspoort met vingerafdruk. Dat is in Europees verband verplicht gesteld, maar Nederland gaat verder dan enig ander land: van alle volwassenen moeten de vingerafdrukken in een grote databank. Daarmee zijn in feite alle burgers tot potentiële verdachten bestempeld.

Het is deze omkering in het denken waar veel mensen zich zorgen om maken. In een democratische rechtsstaat zijn burgers onschuldig totdat het tegendeel bewezen is. Het lijkt erop dat de overheid er nu vanuit gaat dat iedereen een laag risicoprofiel heeft – totdat de computer het tegendeel beweert.

Dit gaat allemaal onder het motto ‘wie niets te verbergen heeft, hoeft nergens bang voor te zijn.’ Met andere woorden: de staat vertrouwt de burgers niet, maar de burgers moeten de staat wel vertrouwen. Het probleem is natuurlijk dat de staat niet altijd te vertrouwen is. In de Schiedammer Parkmoord en de Puttense moordzaak zijn mensen ‘die niets te verbergen hadden’ (ze waren immers onschuldig) voor jaren opgesloten. Voorstanders van hard overheidsoptreden mogen dan graag zeggen dat het ‘incidenten’ zijn, maar dat zijn het niet: na de Schiedammer Parkmoord is het percentage vrijspraken naar bijna acht gestegen. Dat wil zeggen dat van iedere twaalf Nederlanders die politie en justitie voor de rechter slepen, er één als onschuldig naar huis wordt gestuurd. Flauwekulvrijspraken (verkeerde geboortedatum, formele foutjes) zijn al jaren geleden uitgebannen: het gaat hier om serieuze fouten en tekortkomingen bij OM en politie.

Voor iedereen die nog steeds denkt ‘wie niets te verbergen heeft, hoeft nergens bang voor te zijn’ is het goed om kennis van te nemen van de zaak van Ron Kowsolea. Deze zakenman is na een identiteitsfraude vijftien jaar lang systematisch als een crimineel behandeld, terwijl hij volkomen onschuldig is. De Nederlandse overheid heeft hem zowel zakelijk als persoonlijk kapotgemaakt. Pas na tussenkomst van de Nationale Ombudsman is Justitie begonnen om zijn naam eindelijk uit de computers te halen. Dat duidt niet op een incident: wie eenmaal verkeerd in een Nederlandse politiecomputer zit, heeft een levensgroot en langdurig probleem. Kennelijk kan het systeem dat niet zomaar oplossen.

Ook het nieuwe paspoort is helemaal niet zo veilig en onkraakbaar als gedacht. Zelfs adviseurs van het ministerie van Justitie waarschuwen al jaren dat de techniek niet goed genoeg is om ons tegen misbruik te beschermen. Het is dus niet raar dat veel mensen zich zorgen maken over een biometrisch paspoort met bijbehorende boevendatabank, maar net als destijds bij de stemcomputer luisteren de verantwoordelijke ministers er niet naar: de wetgevingsmachine dendert door. De makers van de brochure ‘Het Nieuwe Rijk gaat verder dan u denkt’ hebben daarom bewust gekozen voor een harde aanpak, om het debat aan te wakkeren. Dat is gelukt: mede dankzij de aangifte van Bijleveld haalde de folder uitgebreid het nieuws en brak er een flinke discussie los op allerlei sites – waaronder ook die van HP/De Tijd.

Natuurlijk is een vergelijking met de oorlog hard en voor sommigen kwetsend. In het verleden is er te snel met de oorlog gezwaaid in discussies – met als treurig dieptepunt het gebruik van Anne Frank tegen Pim Fortuyn.

Maar wie wat beter kijkt ziet dat de vergelijking in dit geval nog helemaal niet zo raar is. De Nederland overheid tuigt op dit moment een controleapparaat op dat zijns gelijke in de naoorlogse vrije wereld niet kent. De Nederlandse staat weet meer van ons dan de machthebbers in de DDR wisten van hun burgers. Dat betekent niet dat we in een politiestaat leven – verre van: we leven in een parlementaire democratie met een vrije pers, een pers die ondanks herhaalde pogingen tot persbreidel van deze regering ook vrij blijft. Onze democratie –met alle checks and balances – werkt uitstekend. Dat betekent niet dat we achterover kunnen gaan leunen en denken dat het allemaal wel goed komt. Als de geschiedenis één ding leert, dan is het wel dat vrijheid niet gratis en vanzelfsprekend is, maar voortdurend bevochten moet worden.

(Lees verder onder het persoonsbewijs van de oma van Bart de Koning.)
[[image file=”2009-11/omabart.png” align=”inline” ]]

Kort geleden kreeg ik de persoonsbewijzen van mijn opa en oma uit de oorlog onder ogen. Op beide figureert prominent een vingerafdruk. We hebben het zestig jaar lang zonder zo’n document gered – en Nederland is in die periode niet ten onder gegaan aan misdaad en terrorisme. Dat we nu met zijn allen weer onze vingers (virtueel) door de inkt moeten laten halen op het stadhuis betekent niet dat we ineens in een politiestaat wonen, maar het stemt wel heel droevig. En dat de regering niets beter weet te verzinnen dan aangifte doen tegen een satirische protestactie, stemt nog droeviger.

Bart de Koning