Oudemannenkop

Maarten ’t Hart werd afgelopen woensdag 65. De schrijver-bioloog leefde altijd als gierigaard, maar daar is met zijn verjaardag – en zijn eerste AOW-toelage – een einde aan gekomen.

Meneer ’t Hart, wat heeft u gekocht?

“Een akelig dure en snelle crossfiets!”

Heeft u als vrek geen wroeging van zo’n aankoop?

“Nee hoor, maar na deze fiets is het met de exorbitante uitgaven wel afgelopen. Ik heb dat ding overigens vooral gekocht om naar mijn moeder te fietsen. Als ik heen en terug trap, is dat honderd kilometer, dat kan ik net aan op een dag. Met een gewone fiets was dat bijna niet te doen.”

Is Jan Siebelink nog aangeschoven op uw feest? In een interview met Elsbeth Etty in NRC Handelsblad verkondigde u dat hij dan in de kloofmachine zou verdwijnen.

“Ik heb Siebelink vrijdag nog gesproken tijdens een interview met Franca Treur over haar debuut en onze gezamenlijke gereformeerde opvoeding. Toen heb ik hem mijn excuses gemaakt. Het was trouwens niet de bedoeling dat dat van die kloofmachine in de krant zou komen. Ik had het als een grapje naar Etty gemaild. Ik vind dat ze daar onterecht uit heeft geciteerd.”

Heeft u nog een nieuwe jurk gekocht?

“Nee, daar ben ik te oud voor geworden. Van die oudemannenkop kan ik geen leuke, mooie dame meer maken. Ja, dat is treurig, maar zo is het nou eenmaal.”

Heeft het 65+-schap toch nog iets moois gebracht?

“Een roze strippenkaart.”