Spong geeft Enait groot gelijk: ‘Opstaan voor de rechter is achterhaald’

Mohammed Faizel Enait, de wegloperige, breedsprakige, handweigerende moslimadvocaat heeft een meer dan bescheiden succesje geboekt. Hij weigerde op te staan voor de rechter en in de rechtszaal zijn hoofddeksel af te zetten en hij heeft daarin gelijk, zo oordeelde Het Hof van Discipline. In Den Haag wordt daar schande van gesproken en de Tweede Kamer dringt nu aan op omgangsvormen voor advocaten. Topadvocaat Gerard Spong is juist blij met het verdwijnen van het ‘achterhaalde’ opstaan voor de rechter. En de wettelijke omgangsvormen? “Onzin,” oordeelt de strafpleiter.

Meneer Spong, wat vindt u van de beslissing?
“Ik vind het een prima uitspraak. Dat hele gedoe van opstaan als teken van eerbied voor de rechterlijke macht is een volstrekt achterhaald verschijnsel.”

Hoezo?
“In heel veel zaken zitten de rechters al. Daarnaast moeten we inhoudelijk eerbied tonen, niet door een komediestukje van opstaan. We moeten respect opbrengen voor rechtelijk uitspraken en de rechter correct tijdens de zitting bejegenen, dat opstaan was een nogal feodaal trekje aan onze strafrechtspleging.”

Bleef u ook wel eens zitten?
“Ik sta altijd op. Sterker nog, ik maak zelf ook nog een knikje. Maar iedereen moet doen wat hem goeddunkt. Als meneer Enait het zus wil doen en een advocaat uit Appingedam het anders, dan moet die vrijheid bestaan.”

Is er dan nog wel genoeg repect voor de rechter?
“De eerbied moet wederzijds zijn. Advocaten zijn in elk opzicht gelijkwaardig aan een rechter. Het opstaan getuigt van misplaatste nederigheid. Het geeft aan alsof wij een soort Organ der Rechtspflege zijn. Dat zijn we dus helemaal niet. Daarom moeten dit soort flauwiteiten eruit.”

De Tweede Kamer vindt het een onbegrijpelijke uitspraak en wil de beleefdheidsvormen nu in de advocatenwet vastleggen.
“Ik vind dat onzin. We spreken elkaar in beleefde taal en we gaan op fatsoenlijke wijze processueel met elkaar om, dan kunnen dit soort tierlantijnen best wel vervallen.”