Mijn goede, beste Bob,

Het grote ijzeren hek aan de Middenweg waarachter het Ajax-stadion lag, was voor ons een hemelpoort. Door die poort te mogen gaan, betekende dat je meetelde, dat je er iets van kon. Voetballen voor Ajax was niet voor iedereen weggelegd, het zorgde voor een paradijselijk gevoel.

Maar daar achter die hemelpoort stond jij, Bob. Je handen op je rug, je strenge ogen waaraan niets ontsnapte, je barse, schorre stem. Daar stond je als een ijzeren man. Ook dat bleek Ajax: discipline, keihard werken, meer doen dan een ander om elk jaar maar weer een stapje hoger te komen. Dat was de geest van Ajax. Elke training weer moesten we tot op de bodem. Bob, je leerde ons vooral het winnaarskarakter te kweken door te lijden. “Hé, snuiter, het is hier geen speeltuinvereniging,” brulde je bestraffend in onvervalst Amsterdams. Maar je onderwees ook: “Adel verplicht.” Na een tijdje snapten wij de inhoud van die twee woorden: speelde je in de kleuren van Ajax, dan speelde je ook vóór die kleuren, je was het aan de club en aan jezelf verplicht meer dan alles te geven. Altijd en overal, in voor- en tegenspoed een ambassadeur zijn van je club.

De inhoud en de warmte van je stormachtige, ijzeren aanpak bleken essentiële levenslessen. Gevat in de onontkoombare gebiedende wijs waarin de stem van de geest van de hele club klonk.

De karakterkracht en loyaliteit die je van de mensen om je heen eiste, bracht jij je leven lang als geen ander op. Tot aan de grens van onredelijkheid. Je complete overgave aan De Zaak Ajax moet ten koste zijn gegaan van je gezinsleven. Ik weet het Bob, je kon niet anders, je was in zo veel dingen de ziel van Ajax. Een niet-aflatende geest, ook in de zich in rap tempo veranderende voetbalwereld, waarin bijzaken hoofdzaken worden. Soms tegen de wind in, tegen de stromingen op: adel verplicht.

Pensioen. De trainer met pensioen. Hoe kan dat nou, Bob, liefde gaat toch nooit met pensioen! Zonder het trainingspak om je bast werd je een weeskind van de club. De verplichte afname van energie maakte je roestig tot, na tegenslag en lijden, het einde. De ijzeren man geveld, de club zweeg in verslagenheid, ijzige windstilte binnen Ajax, windstilte in Mokum.


Je wordt gemist, Bob. Je staat nu achter een andere hemelpoort. Daar, in trainingspak, de handen op de rug, de rug recht, de strenge blik waaraan niets ontsnapt. Onbuigzaam en loyaal. Het lijkt ver weg, maar wie het horen wil, hoort je stem stormen, bars en schor maar krachtig: “Adel verplicht!”

David Endt

David Endt is sportjournalist en teammanager van Ajax.

Bobby Haarms overleed op 6 juni.

Meer leuke content? Like ons op Facebook

import hemelpost