Een week in het Oncologiecentrum

Mensen met kanker krijgen nogal wat te verwerken. Soms slecht nieuws, maar steeds vaker goed nieuws. Een week uit het leven van Oncologiecentrum Eindhoven.

MAANDAG

Een loodgrijze herfstdag, acht uur in de ochtend. In een vleugel van het grote Eindhovense Catharina-ziekenhuis, ‘het Cathrien’ in de volksmond, vult een prozaïsch zaaltje zich met witte jassen. Het is een medisch team van het Oncologiecentrum Eindhoven, dat een reeks patiënten met goed- of kwaadaardige borstafwijkingen gaat bespreken.

Op een wand verschijnen echo- en röntgenbeelden van de eerste patiënte. De medische status van de vrouw wordt toegelicht. Ze had meegedaan aan een bevolkingsonderzoek en was wegens lichte twijfels doorgestuurd. Een verdacht vlekje kon wijzen op een cyste, maar ook op een beginnende tumor. Het team tuurt naar de beelden en discussieert. Vermoedelijk is het iets onschuldigs, luidt de conclusie, maar om zekerheid te krijgen moet er toch maar een MRI-scan worden gemaakt. Zo passeren een kleine twintig casussen, en telkens geven de deelnemers hun kijk op de besproken patiënt, om het uiteindelijk eens te worden over de beste aanpak. Na een uur verdwijnt iedereen naar de eigen werkplek.

Het is een kalm begin van de werkweek in het Oncologiecentrum. Het kan heftiger, zal ik gaandeweg meemaken. Een werkweek lang loop ik mee met specialisten en medisch assistenten in deze beladen hoek van het Catharina-ziekenhuis, heen en weer tussen spreekkamers, backoffice, bestralingsruimtes en operatiekamers. Heen en weer ook tussen emoties, want het gaat hier over kanker en dus over leven en dood. Het zal een oord van uitersten blijken, dit centrum, een plek van succes en deceptie, blijdschap en verdriet, strijd en berusting, een plek van alle gradaties tussen hoop en vrees.

Lees het hele artikel in de HP/De Tijd van deze week.

Matt Dings