Interview Susan Smit

Ze begon als model, werd daarna heks en vervolgens recensente en schrijfster. Deze week verschijnt alweer haar negende boek, de roman Vloed. Toch wordt haar werk nog altijd genegeerd door de serieuze recensenten. 51 vrijpostige vragen aan Susan Smit. ‘Ik vraag me soms af of het handig is om steeds op de rode loper te verschijnen, maar dat vind ik gewoon leuk.’

Je hangt graag het nuffige vrouwtje uit.
“Ja, ik speel het spelletje lekker mee. Ik ga niet mee lopen vuilbekken, maar ik kan er wel van genieten. Ik houd van mannen die anders durven zijn, vooral niet te aangepast. Als ze viltjes onder hun bierglazen leggen, ben ik weg. Ik heb niets met gedomesticeerde typjes. Veel vrouwen vallen eerst op het jongetje in de man en knijpen hem vervolgens de strot af. Doodzonde.”

Zet je je eigen charmes hevig in om een man te veroveren?
“Natuurlijk heb ik mijn trucjes om iemand in te palmen. Dan hang ik echt de begeerlijke vrouw uit.”

Doe je je beter voor dan je bent?
“Jawel. Ik heb mezelf ook weleens slimmer voorgedaan dan ik was. Dan ging ik heel overdreven ad rem doen. Maar bij mijn huidige vriend grappig genoeg juist niet. Ik kwam zo moe en kapot uit een ingewikkelde vorige relatie dat ik daar de energie helemaal niet voor had. Ik was totaal mezelf. Achteraf denk ik dat juist daardoor deze relatie een eerlijke kans heeft gekregen en we nog steeds bij elkaar zijn.”

Gebruik je je charmes in je werk?
“Soms. Bij een lezing merk ik weleens dat ik net iets te leuk ga lopen doen. Een zekere onechtheid is inherent aan het podium opstappen, denk ik.”

Maar je gebruikt je charmes toch ook als je zwoel op de foto gaat voor een blad?
“Ik probeer dat zo min mogelijk te doen.”

Lees het hele artikel in de HP/De Tijd van deze week

Roos Schlikker