TON-kandidate Penelope Marchena ondergedoken. ‘Ze werd helemaal gek’

MET UPDATE – Penelope Marchena werd afgelopen week misschien wel de bekendste gemeenteraadsfractiemedewerker van Nederland. En dat allemaal per ongeluk.

Vorige week werd algemene beleidszaken-specialiste van de Haagse afdeling van Trots op Nederland er eerst van beschuldigd niet zo Trots op Nederlands te zijn. Nadat de webmaster van de TON-site sportief het boetekleed aantrok, plaatste hij ook een wat [[popup file=”2010-01/dewraakvanpenelope.jpg” description=”uitdagender” align=”inline” ]] foto van de Antilliaanse nummer 19 op de Haagse TON-lijst. Dat zorgde nogal voor wat ophef en media-aandacht. De eerste parodieën duiken al op. Hoe is het nu met Marchena? Ze werkt al geruime tijd als fractiemedewerkster van Groep Van der Velden. Willem van der Velden ziet wat de media-impact met Marchena doet.

Meneer Van der Velden, de focus ligt nu vooral op haar verschijning.
“Inhoudelijk kan ze zeker wat.”

Ze is meer dan de pitspoes van TON-Den Haag?
“Ze werkt al drie jaar bij ons op de fractie. Administratief werk, boekhouding en secretariaatwerk – en dat doet ze perfect.”

Hoe gaat ze om met deze pas verworven sterrenstatus?
“Ze is nu even ondergedoken”

Pardon?
“Ja, ze werd helemaal gek, want iedereen wilde haar bellen. Ze is nu even onbereikbaar. Even rust. Ze moet ook voor haar kinderen zorgen. Er wordt – met alle respect – wel een enorme hype van gemaakt.”

UPDATE, 12:30 uur – Webmaster Henk van Schepen schrijft HP/De Tijd waarom de prikkelende foto van  Penelope Marchena is vervangen.

“De foto van Penelope vonden wij bij nader inzien toch niet zo geschikt. Hoewel er geen enkele reden tot ophef was hierover, zijn er blijkbaar mensen die hier enige spanning bij voelden. Mede om die reden hebben wij de foto vervangen door een portretfoto. Het verwijderen van de bezems was puur omdat wij vonden dat de site wat te druk werd door al de bewegende beelden. Wij hebben onze “campagne bezem” nog slechts op de pagina van de lijsttrekker en de programma pagina staan.”

wouter sinke