Rien ne va plus

Zolang staatsbedrijf Holland Casino bestaat, ligt het onder vuur. Maar behalve ethische bezwaren rijzen er nu ook financiële problemen. Holland Casino stevent af op een bankroet.

In de Groen van Prinstererzaal, op de eerste verdieping van het gebouw van de Tweede Kamer, is het op 8 december een drukte van belang. Op de publieke tribune bevindt zich een gezelschap van journalisten, eigenaren van gokhallen, wat medewerkers van Holland Casino en ambtenaren van verschillende ministeries. Achter de grote tafel zitten dertien politici en ambtenaren klaar voor het Algemeen Overleg over het kansspelbeleid, met minister van Justitie Ernst Hirsch Ballin als niet al te stralend middelpunt. Wéér praten over Holland Casino, lijkt hij te denken. Nóg meer Kamervragen. De discussies en vragen hopen zich al dertig jaar lang op, en steeds lijken ze op elkaar. Is Holland Casino niet eigenlijk een goktempel in staatsbezit, bedoeld om zo veel mogelijk geld binnen te halen? Wordt de taak gokverslaving tegen te gaan wel serieus genomen? Kunnen criminelen geld witwassen in het casino?

Maar vandaag begint het debat anders. Lea Bouwmeester, in de Kamer namens de PvdA, uit heel andere zorgen over Holland Casino. Het staatsbedrijf kampt met een spectaculair dalende winst. 32 jaar lang was het een mooie bron van inkomsten voor de Nederlandse overheid. In 2002 vloeide nog 129 miljoen euro naar de staatskas. Maar in 2007 was het nog maar 84 miljoen, en het jaar daarop kwam de grootste klap uit de geschiedenis: de winst kelderde met 83 procent, naar ruim 14 miljoen euro. Omdat de oorzaken – de crisis voorop, het rookverbod erachteraan – het afgelopen jaar nog volop doorwerkten, moet gevreesd worden voor de cijfers van 2009. Het is niet ondenkbaar dat de casino- keten voor het eerst in het rood duikt. Hoe moet dat verder? Bouwmeester stelt een wezenlijke vraag.


“Holland Casino moet winst maken. Maar waarom eigenlijk? En hoeveel?” Fred Teeven, twee stoelen verderop, weet niet hoe snel hij moet interrumperen. De VVD’er, op schampere toon: “Mevrouw Bouwmeester, wilt u nu zeggen dat u er belastinggeld in zou willen steken? Meent u dat nou?” Ook Hirsch Ballin zal het later die middag onomwonden zeggen: “Als Holland Casino verlieslijdend is, is dat een directe bedreiging voor het voortbestaan.” Einde onderwerp. De vraag of Holland Casino per se winstgevend moet zijn, is blijkbaar taboe. Praten over hóe er winst gemaakt kan worden, dat is toegestaan.

Directie en raad van commissarissen van Holland Casino breken zich daar al wat langer het hoofd over. De mannen die deze organen bevolken, zijn ondernemend van aard. Algemeen directeur Dick Flink kwam van Schiphol, raadsvoorzitter Boele Staal is voorzitter van de Nederlandse Vereniging van Banken. Sinds 2006 pleitten zij – en hun voorgangers – voor verbreding van de activiteiten: meer entertainment, hotels, theaters, misschien zelfs internationaal. Het is volgens hen nodig om winstgevend te blijven. Maar Holland Casino is aan twee kanten verankerd in de Nederlandse Staat, met het ministerie van Financiën als enig ‘aandeelhouder’ (formeel is HC een stichting) en dat van Justitie als vergunningverlener. En waar Financiën winst toejuicht, worden de meeste initiatieven door Justitie verhinderd. Dat ministerie wordt daartoe fors aangemoedigd door een aantal partijen, met name SP, GroenLinks en PvdA.


Uitbreidingsplannen zijn omstreden omdat ze volgens veel criticasters indruisen tegen dat ándere doel dat Holland Casino moet nastreven, namelijk gokverslaving en illegaliteit tegengaan. De SP noemt de casinobestuurders consequent ‘zonnekoningen’, die alleen maar plannen bedenken om maar zo veel mogelijk geld binnen te halen. De SP’er Jan de Wit riep Boele Staal, de voorzitter van de raad van commissarissen, in het voorjaar van 2009 nog op te vertrekken vanwege de ‘megalomane plannen’, die het ware doel van Holland Casino niet zouden dienen. De redenering van de kritische politici: het publiek verbreden, betekent nieuwe mensen in aanraking brengen met gokken, en dat creëert eerder nieuwe verslaafden dan dat het bestaande afstoot. Het is al sinds de oprichting in 1976 de spagaat van Holland Casino: we willen het geld van de gokkers, maar eigenlijk moeten we geen gokkers willen.

Tot voor kort was die spagaat best vol te houden. Een afgeschoten initiatief betekende alleen maar minder winst aan het eind van het jaar. Dat was niet erg. Sterker nog: het gaf de linkse partijen wat minder aanleiding het casino weer eens neer te zetten als een nietsontziende melkkoe. Maar in tijden van crisis, als zelfs de gokkers hun geld niet meer zo gemakkelijk naar Holland Casino brengen, wordt het een wezenlijk probleem. In het jaarverslag van 2008 schrijft Holland Casino letterlijk: “De Staat als ‘aandeelhouder’ en vergunningverlener kan afstand nemen van het door Holland Casino gevoerde beleid. Ook kunnen bedrijfseconomische wijzigingen niet (tijdig) toegestaan worden omdat de urgentie niet onderkend wordt. Holland Casino beschouwt beide als het grootste risico.” Je eigen aandeelhouder en vergunningverlener als je grootste bedreiging: ook dat kan alleen bij Holland Casino.


Maar hier in de Groen van Prinstererzaal staat de barre financiële situatie gek genoeg niet eens lang centraal in het debat. Alleen het eerste half uur praten de politici over de toekomst en de mogelijke uitbreiding van de activiteiten. Hirsch Ballin wekt niet de indruk dat hij is bevangen door een gevoel van grote urgentie. Al sinds de eeuwwisseling ligt er een idee om Holland Casino online activiteiten te laten ontwikkelen. In 2006 werd een wetsvoorstel al goedgekeurd door de Tweede Kamer, waarop het in 2008 door de Eerste Kamer werd verworpen. Zo’n 400.000 Nederlanders hebben de afloop van die langslepende politieke kwestie niet afgewacht en zijn ergens anders (om geld) gaan spelen. Nu laat de minister weten dat hij in maart 2010 een rapportage verwacht van een commissie die de mogelijkheden van internetpokeren onderzoekt. Een wezenlijk wijziging van de Wet op de Kansspelen zit er op korte termijn echter niet in, meldt hij. De vraag hoe Holland Casino een winstgevende toekomst moet veiligstellen, gaat Hirsch Ballin enigszins uit de weg. “Ik zal geen toestemming verlenen voor het bouwen van hotels, spa’s en dergelijke. Maar nevenactiviteiten mogen wel. Wat er mogelijk is, wat we beschouwen als synergie, daarover heb ik de landsadvocaat om advies gevraagd.” Teeven: “Denkt de minister dat Holland Casino in staat zal zijn de bedrijfsvoering op lange termijn voort te zetten?” Hirsch Ballin: “Een van de redenen waarom ik positief sta tegenover veranderingen, is juist dat ik die vraag niet wil laten ontstaan.” Dat de vraag op dit moment al kan béstaan, lijkt iedereen in de zaal liever nog even te vergeten.


Tijdens de rest van het drie uur durende overleg gaat het weer als vanouds. De discussie richt zich op de mate waarin Holland Casino gokken afraadt of juist aanmoedigt. De economische malaise heeft geleid tot een ingrijpende reorganisatie, die onder meer betekent dat er zeventig table managers verdwijnen. Dat feit wordt direct in die andere discussie geplaatst. “Er wordt bezuinigd op toezicht,” concludeert Bouwmeester veelzeggend. Ze gaat nog een stap verder: “Verslaafden worden in de watten gelegd. Medewerkers geven aan dat ze verslaving moeilijk herkennen.”

En daar is hij weer, de discussie die Holland Casino al dertig jaar achtervolgt. Is het niet eigenlijk een goktempel in staatsbezit, bedoeld om zo veel mogelijk geld binnen te halen? Wordt de taak gokverslaving tegen te gaan wel serieus genomen? Kunnen criminelen geld witwassen in het casino? “Ja, nee, ja,” luidt iedere paar jaar de conclusie van een nieuwe journalist, doorgaans gevoed door bronnen van binnenuit. “Nee, ja, nee,” antwoordt de directie van Holland Casino steevast. Over Holland Casino zijn al zo veel Kamervragen gesteld dat niemand het exacte aantal meer weet. Ter illustratie: op deze achtste december krijgt Lea Bouwmeester de antwoorden van Hirsch Ballin op haar vragen, terwijl tegelijkertijd de volgende lijst wordt ingediend door Kees Vendrik van GroenLinks. Een paar vragen zijn vrijwel identiek. De antwoorden die Vendrik gaat krijgen, kan hij nu vast bij Bouwmeester van het bureau plukken.

Die ethische discussie, die zelfs nu de boventoon voert in het debat, heeft iets van een rituele dans. Honderden vragen, honderden nietszeggende antwoorden, weinig wezenlijke veranderingen. Zelfs Kees Bakker, toch de bekendste en meest bevlogen aanvoerder van de strijd tegen Holland Casino op dit vlak, is er niet blij mee. De robuuste Zaandammer weet wel iets van de organisatie: hij werkte er 23 jaar voordat hij in 2003 met een arbeidsconflict vertrok. Zijn laatste functie was die van zaalchef, toen net omgedoopt tot floor manager. Sinds zijn vertrek heeft hij zich in de media meer dan eens uitgelaten over misstanden bij Holland Casino. Bakker had het over witwaspraktijken en de manier waarop het kansspelverslavingsbeleid werd toegepast. In september 2003 gunde hij de primeur gelijktijdig aan Het Parool en NOVA. Alleen al in Amsterdam zouden jaarlijks miljoenen worden witgewassen. Criminelen zouden met zwart geld spelen en als ze winnen ‘winstverklaringen’ van Holland Casino krijgen. Daarmee was de afkomst van het geld verklaard – legaal gewonnen in het casino – en het geld dus wit geworden. Daarnaast zou de directie van het casino gokverslaafden niet waarschuwend toespreken, maar juist fteren en aanmoedigen. Er zou sprake zijn van een ‘schaduwboekhouding’ waarin de winsten en verliezen van grote spelers worden bijgehouden. Niet om ze vervolgens te weren, integendeel. Bakker: “Nee, om de service zo klantgericht mogelijk te kunnen maken. Om ze nog méér te laten gokken.” De kritiek werd door Holland Casino met klem tegengesproken. Bakker zou een rancuneuze ex-medewerker zijn, uit op het beschadigen van zijn voormalige werkgever. In NOVA liet Kees Paauw, toen directeur Security and Risk Control bij Holland Casino, geen spaan heel van Bakkers verhaal. Zelfs de ‘winstverklaringen’ waren volgens hem compleet verzonnen.


Anno 2009 is de woede van Kees Bakker eerder opgelaaid dan afgenomen. De ‘klokkenluider’ heeft nooit meer een fatsoenlijke baan gevonden. “Ik zat laatst bij de laatste twee voor een baan als manager bij MediaMarkt, maar daar googelen ze ook. Ik ben als leugenaar afgeschilderd.” Bakkers frustratie is begrijpelijk. In 2003 was het al lastig zijn verhaal als onzin aan de kant te schuiven, maar in de jaren erna stapelde het steunbewijs zich op. In 2008 werd een Amsterdammer van Pakistaanse afkomst, Asif M., veroordeeld wegens het witwassen van ongeveer drie ton in Holland Casino. Hij wisselde zwart geld voor fiches, speelde en liet zijn winsten overmaken naar zijn rekening. De zaak speelde tussen 2000 en 2004, de jaren waarop Kees Bakker volop zicht had. Zei het casino eerder dat witwassen niet voorkwam, nu liet het in de Volkskrant optekenen dat het dus niet was uit te sluiten. Een woordvoerder: “We zijn nu realistischer.” In deze en andere zaken kwam bovendien vast te staan dat er wel degelijk sprake was van winstverklaringen, zoals Bakker altijd al beweerd had.

En dan was er de schikking met Subaru, eerder dit jaar. Een boekhouder van dat bedrijf, W., stal 23 miljoen uit de kas en vergokte dat geld grotendeels in het casino. Hij werd veroordeeld, maar tijdens de rechtszaak haalde advocaat Bram Moszkowicz hard uit naar Holland Casino, dat hem geen strobreed in de weg had gelegd. Uit allerlei verklaringen is vast komen te staan dat W. in een paar jaar zevenhonderd keer naar het casino ging en inderdaad gefteerd werd door het personeel. Hij mocht zijn auto achter de vestiging parkeren, waar zelfs personeelsleden niet mochten staan. Bakker: “Als hij speelde, werd tegen hem gezegd: wilt u iets eten? Dat werd dan als gastheergesprek in de computer gezet. Het was puur een formuliertje invullen. Hij wilde een keer 380.000 euro cash mee naar huis nemen. Ik zei: neem nou 20.000 mee en laat de rest overboeken, of laat het hier in depot. Dat wilde hij niet. De directie zei toen: je moet die man met rust laten, anders gaat hij ergens anders heen. En inderdaad, de dag erna ging hij naar Scheveningen.”


Subaru stelde Holland Casino aansprakelijk. Het resulteerde in het voorjaar van 2009 in een schikking, waarbij Holland Casino 2,3 miljoen euro aan Subaru betaalde. Een schuldbekentenis? Natuurlijk, zegt PvdA’er Lea Bouwmeester desgevraagd. “Holland Casino erkent hiermee dat er iets heel erg fout is gegaan.” En wederom dat Bakker geen onzin praatte, zo lijkt het.

Bakker heeft door de jaren heen op veel punten zijn gelijk gehaald, zeker voor de periode tot 2004. Maar hij is verre van tevreden. Gelijk – laat staan eerherstel – heeft hij officieel nooit gekregen. Eigenlijk rest er nog maar één ding: de schaduwboekhouding. Bakker beschikt over een floppy met de namen, de winsten en de verliezen van bijna tweehonderd grote spelers die geregeld het casino in Utrecht hebben bezocht. Als hij niet alsnog rehabilitatie krijgt, dreigt hij die lijst openbaar te maken. Zo wil hij aantonen dat de schaduwboekhouding er echt is (geweest), met als doel de grote gokkers nog persoonlijker en beter te kunnen bedienen en ze aan het casino te binden, op zoek naar meer winst. Na zes jaar vechten tegen windmolens, wil hij bovendien een civiele zaak starten tegen Holland Casino en de Staat. “Het heeft nu lang genoeg geduurd.” Hij is teleurgesteld, ook in de Kamerleden, die volgens hem vragen stellen om maar vragen te stellen, niet om iets te veranderen. “Alle antwoorden die Hirsch Ballin geeft op Kamervragen komen rechtstreeks van Holland Casino zelf. En Kamerleden slikken het keer op keer. Ik heb ze eindeloos aangeboden harde bewijzen te laten zien waarmee ze écht iets zouden kunnen doen, maar daar gaat nooit iemand op in.” In november 2009 stuurde hij een aantal Kamerleden nog een mail met dat aanbod. De oogst: één reactie, van SP’er Ada Gerkens. Verder niets. Bakkers stelling: de ethische discussie over Holland Casino wordt puur voor de vorm gevoerd, voor de bühne. Daarom duurt hij ook eindeloos voort.


In het Tweede Kamergebouw, op 8 december, gaat de discussie inderdaad volgens het vertrouwde patroon door.

Inmiddels is de Subaru-schikking het onderwerp. Hirsch Ballin weet er weinig van en kan vanwege de privacygevoeligheid niet ingaan op de ‘specifieke omstandigheden van dit geval’. In zijn antwoorden verwijst hij naar vergelijkbare antwoorden die al in 2004 zijn gegeven. En dan moet hij nog aan de vragen van Vendrik beginnen. Bijna achteloos zegt hij ook nog wat Kees Bakker steeds vaker moet horen: “Het speelde ook al lang geleden…” Strikt genomen klopt dat. De echte schandalen die de aandacht opeisen – Asif M., Subaru – speelden tot ongeveer 2004. Wat Kees Bakker zegt klinkt inmiddels allemaal geloofwaardig, maar er is de afgelopen jaren geen nieuwe Kees Bakker opgestaan, met nieuwe zware beschuldigingen. Ook dat maakt het bijna vreemd dat Holland Casino zo consequent op de politieke agenda blijft. Los van de financiën is er op het eerste oog weinig mis met het recente track record. Dat lijkt voor Holland Casino een makkelijk te communiceren boodschap.

Maar er speelt nog iets. Holland Casino heeft niet alleen een moeizame verhouding met veel Kamerleden, maar ook met journalisten. Er is sprake van wederzijdse argwaan. De onjuiste reactie op de beweringen van Bakker (‘winstverklaringen bestaan niet’ en ‘witwassen kan niet’) hielpen niet. En ook nu nog gaat het casino tamelijk krampachtig om met de pers. Voordat HP/De Tijd kan aanschuiven in het hoofdkantoor in Hoofddorp, is er intensief telefonisch contact met een voorlichter nodig, plus een ontmoeting en veel gesteggel over de opzet van het verhaal, andere bronnen en inzage vooraf. Het eerste verzoek, om een open gesprek met algemeen directeur Dick Flink, wordt van de hand gewezen met als argument ‘daar hebben we niets mee te winnen’. Daar valt best over te twisten, als je de media en de Kamerdebatten een beetje volgt.


Guus Appels, sinds april 2009 directeur Security & Legal bij Holland Casino, wil het anders doen. Hij gaat het gesprek aan. “Wat er in het verleden is gebeurd, daar kan ik weinig over zeggen. Maar wat mij betreft is het: vertel wat je doet, geef toe dat je af en toe een fout maakt, laat zien dat je ervan leert.”

Om dat maar meteen te testen, nu we er toch zijn: is het mogelijk dat via Holland Casino crimineel geld wordt witgewassen? “Dat kun je niet uitsluiten,” reageert hij, “maar het is razend moeilijk. De omgeving is niet veilig voor een witwasser. Je wordt van voor naar achter vastgelegd. Als ik het zou willen proberen, zou ik het niet bij Holland Casino doen.” En een schaduwboekhouding? “Zoiets bestaat bij Holland Casino niet. Wel is het zo dat in de vestigingen op dagbasis globaal wordt bijgehouden wat grotere spelers ongeveer aan winst en verlies genereren. Dit in verband met het eventueel uitgeven van speelwinstverklaringen en het kunnen verklaren van opvallende tafelresultaten.”

Hij zegt trots te zijn op de manier waarop zijn organisatie gokverslaving tegengaat, met trainingen voor de medewerkers, gastheergesprekken en entreebeperkingen. Steekt het hem als Kamerleden over hem en zijn directe bazen spreken als ‘zonnekoningen’ waar niemand nog grip op heeft? “Natuurlijk doet het dat, als ik zie hoe goed we onze taak uitvoeren. Ik denk dat sommige politici een compleet verkeerd beeld hebben. Ik zou bijna zeggen: kom eens langs en ik laat het je zien. In de Kamer worden geen vragen gesteld over een miljoen spelers die met plezier spelen en gewoon een leuke avond hebben.”


Ook in het gesprek met Appels valt de term ‘spagaat’, maar hij ziet de dubbele opdracht van Holland Casino positiever. “De belangen lijken tegenstrijdig, maar volgens mij zijn ze dat in the end niet. Als wij de regulering goed doen, is het onze eigen reclame. Dan denken mensen: als ik een kansspel wil doen, kan ik dat het beste daar doen, in een veilige omgeving.”

Als dat allemaal zo is, waarom dan toch die eindeloze politieke discussie? Appels heeft wel een verklaring. “De verschillen in politiek inzicht zijn groot als het om gokken gaat. Plus: de Staat is de enige aandeelhouder. Ja, ik heb weleens het idee dat we onder een vergrootglas liggen. En eigenlijk zou de Kamer blij moeten zijn met ons. Gokken is in Nederland heel wat beter gereguleerd dan bijvoorbeeld het gebruik van drank.”

Er zijn deskundigen die zijn verhaal in grote lijnen onderschrijven. Pieter Remmers van Jellinek Consultancy, dat het Preventiebeleid Kansspelen samen met Holland Casino vormgeeft: “De aanpak zorgt absoluut voor resultaat, hoewel het niet altijd even makkelijk te meten is. Maar Holland Casino heeft een absolute voortrekkersrol op dit gebied, zeker als je het vergelijkt met het buitenland.” Hij ziet ook de lastige opdracht wel: “Het is niet altijd makkelijk te functioneren op het snijvlak van meer marketing voor het product en terughoudendheid van het aanbod.”

Maar hoe relevant is dat snijvlak – inzet van duizenden uren politieke discussie – eigenlijk nog als Holland Casino geen toekomst zou blijken te hebben? Appels is realistisch over de cijfers: “Ze komen pas in april of mei, maar de voorlopige voorspelling is dat het een slechter jaar wordt dan 2008.” Dat is geen goed nieuws na een winstdaling van 83 procent. Bovendien gaat de Subaru-schikking ook ten koste van het resultaat. Wat als Holland Casino in de rode cijfers komt? In tegenstelling tot de politici heeft Appels wel een antwoord op die vraag. “Dan zullen we met het boetekleed om de schouders naar de minister van Financiën moeten stappen en hem zeggen: het goede nieuws is dat we kansspelbelasting hebben afgedragen, het slechte dat de nettowinst min nul is.” Die redenering klopt deels, maar hij is ook wat krom: ieder ander bedrijf dat alleen belasting afdraagt en verder verlies draait, gaat failliet.


In 2010 zal er iets moeten gebeuren, zo lijkt het. Nóg een jaar terugval en de urgente economische discussie over Holland Casino wint het echt van de voortkabbelende ethische. Wat te doen?

Appels: “Daar gaat de politiek over. We kunnen alleen maar afwachten.” Geen benijdenswaardige positie, want het is de vraag of de politiek ooit een eenduidig antwoord zal geven. PvdA’er Bouwmeester ziet een sober geleid bedrijf voor zich dat een puur casino is, of een breder entertainmentbedrijf dat niet meer in handen van de staat blijft. De SP wil bezuinigen, maar dan anders. Kamerlid Jan de Wit: “De bestuurders, drie heren, verdienen samen een miljoen. De oplossing is niet staatssteun, maar bezuinigen. Dus misschien een casino sluiten, snijden in de salarissen aan de top en minder entertainment.” VVD’er Teeven stemt voor privatiseren en juist meer mogelijkheden voor breed entertainment. Hirsch Ballin denkt dat de verkoop van het staatsbelang ‘meer problemen schept dan oplost’.

Zolang staatsbedrijf Holland Casino bestaat, ligt het onder vuur. Maar hoe lang is dat nog?

Peter Smolders