Subtiele groove

José James. Blackmagic. 3 sterren.

Aangezien artiesten het haten om in vakjes gestopt te worden, moesten we daar maar eens mee beginnen. Code, het openingsstuk van José James’ nieuwe album Blackmagic, ademt de sfeer van de broeierige, funky soul van Meshell Ndegeocello. Een aangename verrassing dus, want Ndegeocello’s Plantation Lullabies en Peace Beyond Passion behoren nog steeds tot het beste wat het genre heeft voortgebracht. José James is, samen met Amp Fiddler misschien, een van de weinige musici die deze duistere, subtiel groovende soul neer weet te zetten zonder te vervallen in de barokke coloratuur van de gemiddelde soul- of R&B-coryfee. Het feit dat hij een paar jaar terug als een ware scoop op het North Sea Jazz Festival werd gepresenteerd, verraadt al dat zijn act eerder past in een rokerige – waar dat nog kan tenminste – jazzclub dan in een poppaleis. Op zijn nieuwe album is dat vooral te horen op het onweerstaanbaar roffelende stuk Warrior, een compositie waarin, naast de drums, twee duellerende piano’s,een hoofdrol spelen. Op zijn vorige plaat The Dreamer, met onder andere een cover van Rashaan Roland Kirks Spirits Up Above, legde James zijn jazzwortels al bloot. Op Blackmagic speelt hij het klaar om – zelfs op de hoekige beats van iemand als Flying Lotus – indruk te maken als een van de beste, zij het soms wat al te laidback, jazzvocalisten van deze tijd.

import muziek