‘Ik ben geen type voor achter de geraniums’

Vefi Peeters-Alberts (75) kon de stilte in huis niet meer zo goed aan. “Een kennis van mij was lijsttrekker voor de Lijst Huisman-Peeters. Die zei toen: Vefi, waarom kom je niet bij ons? Ze konden mijn kennis over de ouderenzorg wel gebruiken. Ik heb vroeger namelijk met bejaarden gewerkt.” Ook nu werkt Peeters-Alberts vaak met bejaarden. Ze is weliswaar geen verzorgster meer, maar verkoopt levensmiddelen in een winkeltje in het verzorgingstehuis. “Hagelslag, jam, dat soort dingen. En als ze iets bijzonders willen, bestellen we dat.” En ze zit al jaren bij de carnavalsvereniging. “Ik ben in Brunssum geboren en getogen, en door de carnavalsvereniging ken ik iedereen.”

Mevrouw Peeters vindt het fijn om haar hersenen te gebruiken ‘nu het nog kan’. “Ik ben alweer 75. Ik ben de jongste niet meer. Die raadsvergaderingen zijn best zwaar. En dat duurt dan niet één avond, maar soms wel drie. Af en toe wordt het wel een beetje te veel van het goede. Dan kan ik het allemaal niet meer zo goed volgen. Maar dan zeggen ze: ‘Ah toe Vefi, je kunt het best.’ Ze laten je niet zomaar gaan, hè.” Mevrouw Peeters weet veel over de problemen van minder valide mensen en kan vaak nuttige voorstellen doen om hun leven eenvoudiger te maken. “Ik heb mijn hele leven gezegd dat ik vrijwilligerswerk zou doen zodra ik tijd over zou hebben. Mijn man was daar niet altijd blij mee; hij was namelijk veel huiselijker dan ik. Maar hij liet me wél m’n gang gaan. Ik ben nou eenmaal geen type om achter de geraniums te zitten. Sommige mensen zetten om negen uur ’s ochtends de televisie al aan; ik vind dat verschrikkelijk. Nu kan ik wat voor anderen doen. En dat schenkt een hoop voldoening, om dat op m’n oude dag nog te kunnen.”

Jenny Velthuys