Demasqué van Sint Job

De bewieroking van zijn persoon, met name door partijgenoten, zit Job Cohen niet erg lekker. Zo zei hij in Netwerk vorige week: “Ik heb de afgelopen tijd niet geroepen: O wat geweldig dat die Job Cohen zo hoog in de lucht wordt gestoken. Ik ben ook maar een mens.” Dit naar aanleiding van de presentatie van het boek Job Cohen, burgemeester van Nederland van journalisten Hugo Logtenberg en Marcel Wiegman, dat een onthullende inkijk geeft in de persoon Cohen.

Cohen is niet de man van de ideeën, zo blijkt. De schrijvers wisten maar één duidelijke visie te vinden: Cohens kijk op integratie. Al sinds zijn aantreden in 2001 betoogt hij dat religie kan helpen bij de integratieproblematiek. “Zonder de hulp van moskeeën, kerken, tempels en synagogen gaat die integratie niet lukken,” zegt Cohen. En hij is bereid gebedshuizen daarbij te helpen, daarmee voornamelijk doelend op de moskeeën. Daarmee is Cohen te vergelijken met zijn medestander Ahmed Marcouch, die het over ‘compenserende neutraliteit’ heeft. Beiden gaan dus voorbij aan de scheiding van kerk en staat. In de zomer van 2007 kondigt Cohen nog de komst van een pamflet aan: Een vurig pleidooi voor gematigdheid. Sindsdien is daar niets meer van vernomen.

Cohen vindt zichzelf een goed bestuurder. Vlak voor zijn aantreden als burgemeester onthult hij in een televisieprogramma van Felix Rottenberg zijn sterkste kant: “Dat ik goed kan luisteren. Echt luisteren. Luisteren en voor je iets zegt ook naar de andere partij luisteren. Besluiten is bij mij altijd een beetje zoeken en tasten en daar heb ik veel opinies voor nodig.” Dat mondt uit in voortdurend wikken en wegen, wat weer leidt tot ergernis bij zijn medewerkers en collega’s. Tijdens felle discussies tussen wethouders Rob Oudkerk (PvdA) en Geert Dales (VVD) roept bouwwethouder Duco Stadig (PvdA) menigmaal uit: “Burgemeester, doe iets!”

Ook opmerkelijk: Cohen is moeilijk in de omgang. Hij is geen prater. Marieke Oudkerk, vrouw van, noemt hem een bange man. Oudkerk, psychiater van beroep, denkt dat Cohen een ‘gedragsstoornis’ heeft. Tijdens een afscheidsdiner voor Oudkerk en Dales in de ambtswoning zegt Cohen geen woord. Bij Dales’ afscheid van de gemeenteraad vergeet Cohen hem een bos bloemen te geven. “O ja,” zegt hij, “Daar in de hoek staan je bloemen.” Dales zegt daar later over: “Socialisten weten heel goed om te gaan met de mensheid, maar hebben problemen bij het omgaan met mensen. Ook Job Cohen. Want met al zijn bij elkaar houden, is hij ook een man van zeer grote distantie en geslotenheid.”


Job Cohen vindt zichzelf vooral een bestuurder en geen politicus. “Ik ga niet zeggen: we moeten die kant op, want misschien is het de verkeerde kant,” zegt hij tijdens een overleg in de roerige dagen na de moord op Theo van Gogh.

Het is de vraag of je met die attitude eigenlijk wel premier kúnt worden.

Hugo Logtenberg & Marcel Wiegman. Job Cohen, burgemeester van Nederland. Nieuw Amsterdam. €17,95. Ook verkrijgbaar via www.ako.nl

import haagse post