De reaguurder, wie is dat?

Dankzij de digitale revolutie doet het klootjesvolk nu ook mee aan het publieke debat. Journalistieke gedragscodes en fatsoensnormen worden overboord gekieperd. Maar de ‘reaguurder’, wie is dat eigenlijk? Een vervelende querulant of een betrokken burger?

De media zijn een stuk democratischer geworden. Niet langer is het ventileren van een mening voorbehouden aan het journaille. De lezer, die voorheen alleen de ingezonden brief had, heeft nu de reactiepanelen tot zijn beschikking. De stem van het volk klinkt luider dan ooit. Niet iedereen is daar blij mee. Internetgebruikers reageren vaak anoniem en hoewel sommigen hun oordeel netjes beargumenteren, zijn veel reacties lompe scheldkanonnades. De participerende lezer is nogal eens ongenuanceerd, grofgebekt en schuwt de persoonlijke aanval niet. De ‘reaguurders’ van weblog GeenStijl – een van de eerste media die zijn lezers de mogelijkheid gaven te reageren, politiek correct of niet – werden al snel de beruchtste. Slachtoffers van deze zogeheten ‘trollen’ deden uitvoerig hun beklag. Vooral Hanneke Groenteman en Francisco van Jole kregen er flink van langs en haalden als reactie daarop fel uit naar de roze horden van GeenStijl. Zelf bleken ze ook niet vies van een stevig potje schelden en demoniseren. Die reaguurders? Allemaal rechtse schreeuwers en fascisten in de dop. ‘Anonieme lafbekjes’ doopte de voormalige communicatiedirecteur van de NS Joost Ravoo ze. Ook de journalisten Bert Wagendorp, Charles Groenhuijsen en Bert Vuijsje baalden van de vuilspuiterij. Vooral in de oude media verschenen veel klaagzangen over ‘vervuiling en verruwing’ van het debat. Louter ‘oprispingen uit de onderbuik van Nederland’ noemde Vuijsje de reacties. Recente kritiek komt van Volkskrant-ombudsman Thom Meens, die de reactiemogelijkheid op zijn blog heeft uitgezet omdat hij genoeg heeft van het ‘internetafval van het ergste soort’. De roep om een ‘hek om het internet’ klinkt nog steeds, alleen wordt die steeds minder serieus genomen. Inmiddels is het anoniem reageren de regel waartegen weinig te doen is.

Lees de rest van het artikel in HP/De Tijd van deze week

Joep Smaling