‘Ik ben er heel normaal uit gekomen’

Verschrikkelijk vindt ze het dat ze jarenlang een ‘iets’ was. Frederique van der Wal (1967) was het eerste Nederlandse super-model. Ze woont sinds haar achttiende in New York, maar qua recht voor z’n raap is ze altijd Hollands gebleven. ‘Later werd gezegd: Doe als Freddy, just tell them to fuck off.’

Ik heb nooit gedacht: ik wil graag model worden, zoals je dat nu hoort van meiden. Dat bestond niet in mijn tijd. Nu zie je door programma’s als America’s Next Top Model dat het echt een baan is en dat het een carrière kan zijn. Vroeger was het sowieso maar een korte periode dat je kon werken – na je 28ste was het wel klaar. Maar halverwege de jaren negentig hebben we de weg vrijgemaakt voor langere modellencarrières, omdat we een naam bij het gezicht kregen en tv-optredens deden. Vandaar dat ik nog steeds werk. Pas nog had ik een shoot in New York voor een Zwitsers blad, samen met een model van 51. En dan zeggen we dus: “Lachen hè? Dat hadden we nou nooit gedacht, dat we hier als ouwetjes nog aan de slag zouden zijn.”

Er zijn wel periodes geweest dat het erg stil was, dat ik eruit lag. Bijvoorbeeld nadat mijn dochter, die nu 10 is, was geboren. Ik was 32, zat nog niet helemaal lekker in mijn vel. Heel dun moesten de modellen toen ook zijn. Het was een tijd waarin ik niet wist welke kant ik op wilde en of ik nog wel model wilde zijn. Nog steeds denk ik weleens: het is helemaal afgelopen met de shoots, maar dan komt er toch weer iets langs dat ik leuk vind. Lingerie hoeft voor mij in elk geval niet meer, daar vind ik mezelf te oud voor. Ik heb dat wel jaren gedaan. Het lingeriemerk Victoria’s Secret heb ik groot gemaakt. Het is wel uniek dat ik hen twaalf jaar als klant heb kunnen houden.

Zo’n lingerieshoot is heel intiem; je hebt niet het gevoel dat uiteindelijk miljoenen mensen de foto’s zien. Dat is heel anders dan een show op de catwalk. Ik heb zelfs een keer meegemaakt dat ik vlak voor een show hoorde dat-ie ook nog live op Times Square werd vertoond, en ook wereldwijd te zien was. Toen ik thuiskwam, stopte mijn toenmalige vriend me in bad. Opeens zat ik echt te huilen, tranen met tuiten. Het was de kwetsbaarheid, letterlijk en figuurlijk had ik bloot gestaan. Een heel intens moment was dat.


De modellenwereld is ongrijpbaar. De ene keer is blond goed, dan weer is Braziliaans in, of is er een fotograaf die het leuk vindt om vrouwen met grote neuzen te hebben. Er wordt vaak heel ingewikkeld gedaan. Dan doet zo’n team alsof het brain surgery is terwijl ze gewoon een shoot voor Vogue doen. Je ziet meiden daarvan in de war raken. Niet eens door drank of drugs, maar omdat alles om uiterlijk draait. Je kunt opeens als de mooiste vrouw worden gezien en het volgende moment word je uitgespuugd. Het slaat natuurlijk allemaal nergens op.

Ik heb vriendinnen en modellen zien ontsporen, dat ligt altijd op de loer. Ik heb het goed doorstaan omdat ik altijd vrienden heb gehad die me met beide benen op de grond hielden. Nicholas, de vader van mijn dochter, van wie ik inmiddels ben gescheiden, was ook altijd positief. En als ik te veel ging geloven in het beeld dat ontstond door de foto’s, de glamour en de roem, dan zei mijn broer wel: “Doe even gewoon.” Dat ik er heel normaal uit ben gekomen, daar ben ik wel trots op. Er zijn maar heel weinig meiden die er als één geheel uit zijn gekomen.

Mijn ouders zijn overleden toen ik 17 was. Daardoor was het voor mij vanzelfsprekender om naar New York te gaan toen ik daar op mijn 18de als model aan de slag kon. Ik had nog wel een broer in Nederland, maar als het een tijdje moeilijk was om op eigen benen te staan in een vreemde stad, dan had ik niets om naar terug te gaan. Dat gaf me wel de drive om vooruit te gaan. New York was zo vol van leven en ik voelde me er toen zo klein. De modellenbusiness is heel koud, dus het was weleens hard in die beginperiode. Ik studeerde toen ook businessmanagement en ik deed een opleiding onroerend goed. Ik zei in het begin nooit dat ik model was, maar student. Later was dat heel anders en was ik trots op wat ik ervan heb gemaakt.


De modellenwereld heeft voor mij veel deuren opengezet, en daar heb ik goed gebruik van gemaakt. Ik heb een eigen badpakken- en ondergoedlijn gehad, die vijf jaar heeft bestaan. Na 9/11 is dat jammer genoeg gestopt. Twee jaar geleden ben ik met mijn eigen bloemenbedrijf begonnen, Frederique’s Choice. Het begon ermee dat een roze lelie naar me werd vernoemd. Ik vond het echt een hele eer. Nu weet ik dat het vaker voorkomt, maar toen dacht ik echt dat het maar één keer in de zoveel tijd voorkwam. Ik ben daarna een programma gaan presenteren over de oorsprong van bloemen en daar is dit bedrijf uit voortgekomen. Ik verkoop luxe bloemen, bloembollen en accessoires via internet in Nederland en België. Het is heel leuk om met zoiets oer-Hollands in combinatie met mijn twintig jaar ervaring in de mode een eigen merk neer te zetten. Ook al is het wel eng, zo’n eigen bedrijf. Het zijn heel zware jaren geweest. Ik denk weleens: als ik had geweten hoe ingewikkeld en hard het zou zijn, had ik het dan wel gedaan? Als je innovatief bezig bent, is het lastig. De combinatie die ik bied is uniek, maar het is geen makkelijke markt en dan hebben we ook nog de crisis.

Een mooi moment in mijn carrière was de fotoshoot voor mijn eigen parfumlijn, zo’n zes jaar geleden was dat. Dat er werd gevraagd: “Kijk hier even naar, hoe vind je dit?” Dat was een van de eerste keren dat ik het gevoel had dat ík bepaalde wat er gebeurde. Dat vond ik wel way cool. Het was zo’n lange tijd vanzelfsprekend dat er over me werd gepraat terwijl ik erbij stond. Dat ze zeiden: “Kan zij even wat anders aandoen.” Je bent dan een ‘iets’. Verschrikkelijk. Gelukkig is dat voorbij.


Ik stond er wel om bekend dat ik altijd duidelijk was. Rond mijn 20ste deed ik de campagne voor Guess Jeans met een fotograaf die een klootzak scheen te zijn. De shoot was in Texas en ik moest er verkracht uitzien. Hij bleef maar zeggen hoe zielig ik eruit moest zien. Op een bepaald moment had ik het zó gehad: “Ben jij helemaal gek geworden? Zit je als vent mij te vertellen hoe zielig ik moet zijn. You know what? Fuck you, I am walking to Holland and I don’t give a shit.” Ik was helemaal over m’n toeren en ik vertrok zo ergens midden in Texas. De stylist kwam achter me aan, en de fotograaf ook. Met hem ben ik uiteindelijk zelfs vrienden geworden. Later werd dan gezegd: “Doe als Freddy, just tell them to fuck off.”

Sara van Gorp