Ich bin ein Hamburger

Te midden van somber economisch nieuws uit Amerika komen er ineens goede cijfers uit Duitsland. De economie laat er een onverwacht sterke groei zien en de export trekt aan alsof de dagen van het Wirtschaftswunder zijn weergekeerd. Dat zijn opstekers voor kanselier Angela Merkel, die het in de peilingen niet goed doet en te lijden heeft van het vertrouwensverlies voor de liberale FDP, waarmee de CDU na jarenlang met de SPD te hebben geregeerd afgelopen najaar eindelijk een ‘droomcoalitie’ kon vormen. Die samenwerking verloopt veel stroever dan gedacht. In Noordrijn-Westfalen kostte dat de CDU al de regeringsmacht en is een minderheidskabinet van SPD en Grünen met gedoogsteun van de (communistische) Linke aangetreden. Ook bij onze oosterburen zijn er experimenten ‘op z’n Deens’, in een deelstaat met meer inwoners dan Nederland, maar dan over links. Het zorgt voor minder commotie dan de rechtse variant bij ons.

De goede cijfers uit Duitsland zijn bemoedigend, maar ook vertekenend. Eerder was het verhaal dat geen Europese economie zo zwaar door de recessie was getroffen als de Duitse, waarbij ook de ooit zo solide financiële sector het schip was ingegaan. Als het herstel nu krachtiger is dan elders, is dat een inhaalslag, waarbij Duitsland altijd achterloopt bij Amerika, dat vorig jaar alweer groei kende, maar nu voor een dubbele dip moet vrezen. Tegelijk vergroot de Duitse acceleratie de kloof met de slecht concurrerende Zuid-Europese landen, wat de cohesie binnen de eurozone verder onder druk zet. Dat neemt niet weg dat het voor Nederland prettig is dat Duitsland zijn positie als trekpaard van de Europese economie herbevestigt.

Politiek en economie gaan echter zelden gelijk op (zie de slechte opiniepeilingen voor de regering-Merkel) en bestaanszekerheid en geluk blijven ongrijpbare grootheden. Anderhalf jaar terug kon je experts in Duitsland horen zeggen dat die Stimmung besser ist als die Lage en misschien is het nu andersom. Dat vraagt een objectieve geluksbarometer. Economen ontwikkelden de ‘hamburgertest’ om aan de hand van dit eenvormige McDonald’s-product te meten waar ter wereld je het meeste vlees voor je geld kreeg. Zelf was ik op de terugweg vanuit het kalme Denemarken (het Beloofde Land voor verwilderd Nederland) in het echte Hamburg en zag dat het met de koopkracht in Duitslands rijkste stad wel goed zit. De Bondsrepubliek stond, in weerwil van het absurde verwijt dat de Duitsers van nu te spaarzaam zijn, altijd al bekend als consumptieparadijs. Maar daar is iets bijgekomen: Duitsland is tegenwoordig hip en trendy en een van de aangenaamste landen van Europa. Zelfs de tijdens de Tweede Wereldoorlog kapotgebombardeerde steden herrijzen uit hun as en herbergen een levenskwaliteit die je nergens anders vindt.


Daarmee doel ik niet alleen op de superieure auto’s waarmee de Hamburgers zich verplaatsen. Die heb je in Amsterdam ook, maar dankzij de brede allees kun je er in Hamburg (net als in het grotere Berlijn) ook mee rijden en uit alles blijkt dat Duitsers van hun auto’s houden. Vooral de liefde voor de Volkswagen Kever, in al zijn eenvoud een briljante cultauto die je in Dinky Toy-incarnaties nog overal ziet uitgestald, gaat ver. Ik heb dat altijd een zeer menselijke eigenschap gevonden die een innige band verraadt met de geboortejaren van de Bondsrepubliek, toen Duitsland een herstart maakte. De KdF (Kraft-durch-Freude) Wagen die geen kwaad kan doen en een heel volk een blij gevoel geeft. Het doet me aan mijn eigen kinderjaren denken, reden waarom ik graag in Duitsland kom. Denemarken is ook zo’n Legoland voor de spelende mens, maar de Denen houden niet van auto’s en zijn me te braaf en crèchegericht.

Mijn eigen hamburgertest gaat verder. Niet alleen is Hamburg de Duitse mediahoofdstad, waar The Beatles in een nachtclub bij de Reeperbahn een nieuw tijdperk inluidden en Mohammed Atta zijn plannen voor 11/9 smeedde, maar alles ademt er ook kwaliteit en design. Nergens vind je zulke rijk gesorteerde boekwinkels. Hamburg is een waar cultuurparadijs. En de beste hamburgertest: in welk café of restaurant je ook komt, eten en drinken zijn altijd goed en de bediening hoffelijk en aardig. Nog nooit heb ik zoveel ‘super’,’toll’, ‘total gut’, ‘locker’ en ‘sehr lecker’ horen zeggen, als bewijs dat iedereen er zin an heeft. Wat een ontspannen, fortuinlijke stad. Als modern kosmopolitisch mens kan ik slechts concluderen: ich bin ein Hamburger.

import dirk jan van baar