De Roy van Zuydewijn is vogelvrij

Het lichten van het Sociale Dienst-dossier van Edwin De Roy van Zuydewijn was onrechtmatig, zo besloot onlangs de Haagse rechtbank. De bureaus moeten hun opdrachtgever bekendmaken. Ook de doopcelen van ondermeer Wouter Bos, Robin Linschoten en Jaap van Zweden werden gelicht. En wellicht ook die van u.

Edwin de Roy van Zuydewijn was opgetogen, vorige week. “Drie rechters hebben nu onomstotelijk de onrechtmatigheid van opdrachtgever en uitvoerder erkend. Dat is in deze kafkaeske affaire een belangrijke uitspraak. Andere zaken komen hiermee in helder licht te staan en dat is voor mij en mijn advocaat Mark Meijjer van groot juridisch belang.” Aldus de ex-echtgenoot van prinses Margarita, nichtje van koninin Beatrix.

Het team van De Roy van Zuydewijn was er achter gekomen dat in 2003 onderzoek naar hem was gedaan. De bureaus Goddorie van Groen en Santema lichtten gegevens uit zijn Sociale Dienst-dossier. De zaak kwam aan het rollen met de arrestatie, in 2003, van privédetective Michel Kraay, die later werd veroordeeld tot een jaar gevangenisstraf wegens het op onheuse wijze achterhalen van privégegevens. Zijn klanten waren gerenommeerde advocatenkantoren als De Brauw Blackstone Westbroek, Nauta Dutilh en Moszkowicz. Maar ook grote verzekeraars en de landsadvocaat Pels Rijcken & Droogleever Fortuijn maakten gebruik van de diensten van Kraay. Hij deed zijn onderzoeken in dienst van de bureaus Mariëndijk en Goderie van Groen. Daarnaast deed hij onderzoek naar Robin Linschoten, Wouter Bos en dus Edwin de Roy van Zuydewijn. Dat blijkt uit documenten in bezit van HP/De Tijd.

In welke hoek de opdrachtgever van de naspeuringen na De Roy van Zuydewijn gezocht moet worden, is onduidelijk. De koninklijke familie beschikte in 2000 al over privégegevens van hem. Zo werd in 2003 duidelijk dat de onlangs overleden prins Carlos Hugo, inzage heeft gehad in het Sociale Dienst-dossier van zijn voormalige schoonzoon. De hoofdstedelijke Regionale Inlichtingendienst (RID), een voorpost van de AIVD, had daar de hand op weten te leggen. De opdracht daartoe was direct verstrekt door het Kabinet der Koningin, geen minister was op de hoogte. Gevolg: premier Jan Peter Balkenende cum suis moesten diep door het stof. Daarnaast werd de macht van koningin Beatrix beperkt, het Kabinet der Koningin valt sindsdien onder de verantwoordelijkheid van de premier.

Lees het gehele artikel in de HP/De Tijd van deze week.

Bas Paternotte