Middeleeuws

Jazzimprovisatie en middeleeuwse, polyfone, vocale muziek: toen in 1994 het album Officium van de Noorse saxofonist Jan Garbarek en de oude muziekspecialisten van het Britse Hilliard Ensemble uitkwam, trok menigeen bedenkelijk de wenkbrauwen op. Toch bogen velen van hen hun vooroordelen om tot een gematigde vorm van bewondering: het huwelijk tussen beide totaal verschillende muziekculturen bleek wonderwel te werken. Vijf jaar later werd het beproefde concept nog eens dunnetjes overgedaan op het dubbelalbum Mnemosyne, en nu, zo’n 25 jaar na Officium, is er een Officium Novum te koop. Waarom nog een derde album uitbrengen vol muziek die bijna niet te onderscheiden is – het concept is toch een beetje een gimmick – van de twee voorgangers? Het antwoord op deze vraag is wellicht aardser dan de hemelse muziek die Garbarek en de ‘Hilliards’ maken: Officium werd een van de bestverkopende titels uit de omvangrijke catalogus van het ECM-label. Officium: Pecunia Non Olet zou wat dat betreft een betere titel zijn geweest. Wie een van de voorgangers al in de kast heeft staan, moet dit nieuwe album dan ook maar overslaan. Verstokte fans die de neus niet optrekken voor meer van hetzelfde, krijgen precies wat ze willen: etherische vocalen waar de saxofoon van Garbarek, gracieus als een kraanvogel, tussendoor zweeft.

import muziek