Mislukte ministers

Het opstellen van een regeerakkoord duurt maanden, maar het formeren van een ministersploeg is in een oogwenk gepiept. Althans, zo lijkt het. Echter, haastige spoed is zelden goed. Willen Drees jr., Hans van Mierlo, Herman Heinsbroek; allen faalden als minister, hetgeen achteraf bezien niet meer dan logisch was. Maar er waren ook pósitieve verrassingen.

Het heeft iets geks. Er wordt maandenlang onderhandeld over het regeerakkoord; de presentatie van het in beton gegoten conceptakkoord wordt zorgvuldig geregisseerd, maar de nieuwe premier is dan nog niet klaar. Hij moet nog ministers zoeken die het akkoord vervolgens gaan uitvoeren. En zie: waar het regeerakkoord maanden werk heeft gekost, staat binnen een vloek en een zucht de ministersploeg klaar. Het duurt – zo lijkt het – letterlijk slechts enkele dagen voordat de juiste ‘poppetjes’ zijn gevonden.
Met dat op het Binnenhof en in de media veelvuldig gebruikte woord, wordt meteen duidelijk hoe er wordt gedacht over de mannen en vrouwen die de komende jaren het beleid een gezicht geven. Het maakt kennelijk niet veel uit wie het doet. Een ministersschap is – zo ga je dan bijna denken – aanzienlijk minder zwaar dan directeur zijn van een basisschool. Als daar een vacature is, duurt het vaak maanden voordat het juiste ‘poppetje’ gevonden is.
Natuurlijk, de onderhandelingen over het regeerakkoord duren al lang genoeg. De mensen in het land willen actie, dus waarom eindeloos zoeken naar en steggelen over ‘de poppetjes’? De vraag is bovendien hoeveel invloed een minister nu echt heeft op beleid. Is een ministerie niet net een mammoettanker die met veel inspanning slechts een klein beetje kan worden bijgestuurd? Misschien.
Toch kun je met recht zeggen dat die poppetjes minstens zo belangrijk zijn als het akkoord zelf, misschien wel belangrijker. Ga maar na: hoeveel kabinetten zijn er niet gevallen op een ‘gebrek aan chemie’ in de Trêveszaal? Er wordt weleens vergeten dat het moet boteren tussen de bewindslieden. Voor je het weet rollen ze vechtend met elkaar over straat. Smullen voor de media en oppositie, maar niet goed voor het imago en de stabiliteit van het kabinet. Denk aan de verschillen in karakter en cultuur tussen de katholieke CDA’er Dries van Agt en de gereformeerde PvdA’er Joop den Uyl, aan de conflicten tussen de herrieschoppers Eduard Bomhoff en Herman Heinsbroek (beiden LPF) en aan de meningsverschillen tussen voormalig VVD-staatssecretaris van OCW Annette Nijs en haar minister Maria van der Hoeven (CDA) die werden uitgevochten in de media.

Lees het gehele artikel in de HP/De Tijd van deze week.

Frank Verhoef