De les van het oude Athene

Michael Scott: Het wrede ontwaken van een nieuwe wereld. Bert Bakker. € 29,95. Ook verkrijgbaar via www.ako.nl.

Het is opvallend hoe populair boeken over de klassieke oudheid tegenwoordig zijn. In elke boekwinkel staat wel een rijtje boeken over onderwerpen die zich op het eerste gezicht aan de actualiteit van het leven onttrekken en geschreven lijken als een chique vlucht in een verleden van eer en heroïek. Ze worden grif verkocht. Fik Meijer schrijft bijna jaarlijks een boek over de Romeinen en komt binnenkort met een geschiedenis van de Middellandse Zee. De Brit Robin Lane Fox schreef met de voorbeeldige nonchalance van de vakman een vuistdik overzichtswerk van de klassieke oudheid dat ook in het Nederlands is vertaald. En het zou niet moeilijk zijn dit rijtje boeken uit te breiden.

Het opvallende is dat deze boeken zich niet presenteren als zomaar spannende verhalen over vroeger. Veel werken over het verleden pretenderen van belang te zijn voor het heden. De jonge Britse historicus Tom Holland schreef een boek over het begin van de scheiding van kerk en staat in de West-Europese geschiedenis, en hij deed dat omdat dat onderwerp volgens hem van actuele relevantie was. De Italiaanse archeoloog Salvatore Settis heeft in Italië een discussie ontketend over het publieke belang van de bescherming van cultureel erfgoed. In een interview met De Groene Amsterdammer heeft Robin Lane Fox de vorige Amerikaanse president eens vergeleken met de Romeinse keizer Trajanus, die ook al met ‘unilaterale arrogantie’ een nieuwe orde aan de wereld opdrong. En Ineke Sluiter, hoogleraar Grieks in Leidenen winnaar van de Spinoza-premie, pleegt ook het belang van een grondige kennis vande oudheid te benadrukken, zelfs voor discussies over homoseksualiteit zoals die recentelijk nog in de Amerikaanse staat Colorado zijn gevoerd.


Een oud-historicus die zonder enige schaamte of terughoudendheid de actuele relevantie van zijn vak benadrukt, is alweer zo’n jonge man uit Engeland. Michael Scott is van 1981 en heeft bereikt waar elke historicus tijdens zijn studietijd van droomt. Hij doceert in Cambridge, komt geregeld op de buis en is gastdocent op cruisereizen naar het klassieke Griekenland.

Hij schreef een boek over een belangrijke overgangsperiode uit de Griekse geschiedenis. Het begint in de vijfde eeuw voor Christus, toen Athene een democratie was, en eindigt met de opkomst en dominantie van de Macedonische koningen, culminerend in de periode van Alexander de Grote (gestorven in 323 voor Christus), die als god werd vereerd.

Waarom zou je je in die periode verdiepen? Alexander de Grote kwam in een situatie terecht waarin hij om in de ene cultuur als heerser te worden aanvaard op een wijze moest handelen die hem voor de andere cultuur onaanvaardbaar maakte. Wat Alexander daarom probeerde, was ‘om de levens en gewoonten van de mensen met elkaar te vermengen’. Deze vermenging van rassen en culturen om de harten van de mensen te verzachten was een nobel streven, en daarmee ‘iets wat we zelfs in onze huidige gemondialiseerde wereld nog steeds verwoed proberen te verwezenlijken,’ betoogt Scott. Historische lessen in de schepping van ‘één liefhebbende beker’ – wie wil daar niet graag een goed geschreven boek over lezen?

Bart Jan Spruyt