Het vrouwenquotum

Er zitten te weinig vrouwen in het nieuwe kabinet-Rutte. Eén vrouw op drie mannen is de verhouding. Topvrouwen als Neelie Kroes en Annemarie Jorritsma luidden begin deze week de noodklok. Veel te laat, natuurlijk. De aanstaande premier rondde net de laatste gesprekken af om zijn mannenteam compleet te maken. Waaruit in ieder geval blijkt dat timing geen uniek vrouwelijke toegevoegde waarde is.

Bij elke kabinetsformatie wordt de discussie over het vrouwenquotum weer gevoerd. En altijd verzandt die in een wirwar van voors en tegens. Er zijn ruwweg twee argumenten vóór. Jorritsma zegt: de bevolking bestaat voor meer dan de helft uit vrouwen en dat moet je terugzien in de samenstelling van de regering. Kroes gaat op de inhoudelijke toer: “Niet alleen uit onderzoek, maar ook uit de praktijk leren we dat een gemengd team veel efficiënter, opener en eigentijdser werkt. In een team moet je diversiteit en dus vrouwen hebben.”

Jorritsma’s argument is het meest eenvoudig en zuiver. Je kunt er tegenin brengen: ja, maar we moeten de beste hebben, ongeacht sekse. Maar dan luidt het antwoord: als de kwaliteit van de regering hierdoor minder wordt – en zie dat maar eens te meten – dan accepteren we dat omdat het hier gaat om het elementaire recht van gelijke vertegenwoordiging (of zoiets). Klaar.

Maar zo gaat het niet. Kroes schetst een op zich aannemelijk en aantrekkelijk beeld, maar ze zou beter vijf gemengde topkabinetten kunnen noemen, maakt niet uit uit welke windstreken of uit welke tijd, die aantoonbaar even goed of beter presteerden dan het gemiddelde mannenkabinet. Dat kan ze niet, en niet alleen omdat vrouwen in de geschiedenis nooit de gelegenheid hebben gehad. Of, zo je wilt, hebben gecreëerd.

Kijk naar de regeercarrières van Kroes en Jorritsma zelf, en het blijkt onmogelijk om de vinger te leggen op de specifiek vrouwelijke kwaliteiten die het verschil maakten. Ze deden gewoon goed wat je als minister of staatssecretaris goed móet doen. Harde beslissingen nemen, incasseren, op stellige toon niets inhoudelijks zeggen als de situatie daar om vroeg – simpelweg goede politici van de oude stempel.


Bij de volgende formatie gewoon tijdig hameren en hameren op argument één.

Eduard van Holst Pellekaan