Job Cohens alternatieve regeringsverklaring

Op verzoek van HP/De Tijd schreef PvdA-fractievoorzitter Job Cohen de regeringsverklaring die hij zou hebben uitgesproken als hij minister-president was geworden. Volgende week spreekt premier Mark Rutte de zijne uit.  Cohen hekelt de maatregelen die het VVD/CDA-kabinet neemt: “Mijn grootste zorg zit in de benadering van mensen.” Daarnaast zegt hij zijn verantwoordelijkheid als PvdA-leider niet uit de weg te zullen gaan. “Er is volop aanleiding tot politieke strijd en daarom ben ik in Den Haag.”

“Mevrouw de Voorzitter!

Met groot plezier presenteer ik u de plannen van het nieuwe kabinet, dat onder leiding van de Partij van de Arbeid tot stand is gekomen. Plannen, die rekening houden met de economische en financiële crisis, met de duurzaamheidscrisis en de crisis in onze democratie, plannen die ons land weer brengen op een gezonde, evenwichtige koers, waarbij wij ervoor gezorgd hebben dat de lasten eerlijk over de bevolking verdeeld worden en waarbij wij investeren op die terreinen die voor onze toekomst van groot belang zullen zijn.

Ja, wij hebben een financiële en economische crisis. Dat veel landgenoten daar tot nu toe niet veel van gemerkt hebben, komt door het beleid van de vorige regering, dat het spaargeld van mensen veilig stelde, met slimme investeringen de economie overeind hield en ervoor zorgde dat zo veel mogelijk mensen bij hun bedrijf in dienst konden blijven. Dat beleid heeft ertoe geleid dat Nederland er relatief goed voor staat.

Maar er moet wel degelijk bezuinigd worden en dat leidt ook tot lastenverzwaring voor burgers. We doen dat op zo’n manier dat de economie er zo min mogelijk schade van ondervindt, het aantal banen stijgt en de lasten eerlijk worden verdeeld. Ik geef een paar voorbeelden. Hogere inkomens gaan relatief meer voor zorg betalen dan lagere inkomens. Hypotheekrenteaftrek wordt weer voor zijn oorspronkelijke doel gebruikt: niet als ‘villasubsidie’, maar om gewone mensen in staat te stellen een eigen huis te kopen. Er komt een bankbelasting om de kosten van de financiële crisis te betalen.

We moderniseren onze economie. Dat doen we onder andere door arbeid goedkoper te maken en energie duurder. Dat is bovendien essentieel om een bijdrage te leveren aan de klimaatcrisis. Mobiliteit is onmisbaar in een goede economie; daarom wordt de wegenbelasting vervangen door een eerlijke kilometerheffing. We investeren extra in openbaar vervoer. Zo halen wij ook nog de CO2-reductiedoelstellingen die al waren afgesproken.
Wij investeren fors in het onderwijs, in alle vormen daarvan. Dat is essentieel, want alleen met een uitstekend opgeleide bevolking kunnen wij de concurrentie met andere landen aan. Overigens is de kwaliteit van onderwijs zeker niet alleen afhankelijk van ‘meer geld’.

In de jaren die voor ons liggen, zal werkloosheid aanzienlijk verminderen doordat er door pensionering meer banen vrijkomen dan mensen banen zoeken. De arbeidsmarkt gaat anders functioneren. Met de sociale partners maken wij daarover afspraken, want iedereen is erbij gebaat dat zo veel mogelijk mensen aan het werk zijn, gaan of blijven, en langer dan nu. Daarom zou bezuinigen op kinderopvang zo dom zijn. Mensen die hard willen werken, verdienen onze steun!

Werk is en blijft het belangrijkste voertuig, ook voor de integratie van allochtonen. Daar is een wereld te winnen, ook als het gaat om deelname van vrouwen. Inburgering gaat niet vanzelf: de kost gaat voor de baat uit. Dat geldt ook voor de inspanning die migranten zelf moeten leveren. Er is dus sprake van een gemeenschappelijk belang. We gaan daarbij uit van de kracht en de talenten van mensen. Iedereen moet zo snel mogelijk een zelfstandig bestaan opbouwen. De overheid kan daar een handje bij helpen.

Maar stop! De Partij van de Arbeid zit helemaal niet in de regering en gaat oppositie voeren. Oppositie tegen de coalitie van VVD, PVV en CDA. En op allerlei terreinen gebeurt het tegenovergestelde van wat ik hierboven schreef. Lasten die niet eerlijk worden verdeeld, gewone mensen die de bezuinigingen moeten betalen, werkloosheid die met maar liefst 110.000 banen toeneemt, huurverhoging, verlaging van uitkeringen. En bovenal het gemis van het besef dat we echt iedereen nodig hebben de komende decennia.
Maar mijn grootste zorg zit in de benadering van mensen. Met politici die onderscheid maken tussen mensen op basis van afkomst of levensovertuiging en in het centrum van de macht komen. Met deze beleden ongelijkheid ontstaat een voedingsbodem voor een wereld die ik niet wil. Een wereld met angst, onbegrip en hardheid, over mensen die daar niets aan kunnen doen – en dan heb ik het natuurlijk niet over criminaliteit of overlast, want die moeten worden aangepakt. Een wereld waarin openingen worden geboden voor uitsluiting, voor armoede, voor verruwing en verharding. En dat in een tijd waarin wij juist iedereen bij de samenleving moeten betrekken, en te zorgen dat iedereen verantwoordelijkheid neemt. Er is volop aanleiding tot politieke strijd en daarom ben ik in Den Haag.”

Job Cohen, fractievoorzitter Partij van de Arbeid

Job Cohen