Terugblikken en reflectie

Cecilia Bartoli

Sospiri

Igor Stravinsky, Miles Davis, Arvo Pärt, Yo-Yo Ma, John Eliot Gardiner, Daniel Barenboim gingen haar voor: alleen de absolute top wordt geëerd met de Sonning Music Prize, de hoogste Deense muzikale onderscheiding met het gewicht van een Nobelprijs. Dit jaar valt de Italiaanse mezzosopraan Cecilia Bartoli die eer te beurt. 2010 is sowieso het jaar waarin haar ster in een supernova lijkt te veranderen. Ze kreeg de Händel-Preis, werd benoemd tot artistiek directeur van de Salzburger Pfingstfestspiele 2012 en oogstte jubelende recensies voor haar gewaagde castratenalbum Sacrificium. Toch zijn dit allemaal maar toefjes slagroom op een carrièretaart die de afgelopen twintig jaar groter is geworden dan het leven zelf. Een moment van terugblikken en reflectie lijkt op zijn plaats en de anthologie Sospiri (‘zuchten’) is daarvoor het ultieme medium. Bartoli, zich er terdege van bewust dat zij geen volumineuze stem heeft, zocht het altijd in nuance en repertoirekeuze. Als een bezeten musicologe heeft zij archieven nageplozen op vergeten muziek en kwam ze keer op keer weer tevoorschijn met weinig of helemaal niet meer gespeelde juweeltjes. Op Sospiri is te horen hoe zij het stof van onder anderen Vivaldi, Salieri en Gluck afblies, teneinde deze componisten weer te laten stralen. Haar ongekende ademhalingscontrole stelt haar in staat om haar frasen niet alleen virtuoos, maar ook diep menselijk – met een voorbeeldige tekstinterpretatie – tot klinken te brengen. “Het doel is altijd om een mooi schilderij te maken met de stem. Proberen meer kleur te vinden, meer schaduw. Altijd moet je meer nuance en kleuren zoeken,” gaf zij ooit te kennen. Sospiri is het bewijs dat zij daar voor de volle honderd procent in is geslaagd.

import muziek