De pitbull en de labrador

In een kabinet vol grijze, doorgewinterde bestuurders zit er met VVD’er Fred Teeven een pitbull op het ministerie van Veiligheid en Justitie. Oud-collega’s prijzen zijn werklust en daadkracht. Critici zien hem als een gevaar voor de rechtsstaat. Portret van een man die van alles is, maar zeker geen politicus.

‘Als er straks verkiezingen zijn, kan Teeven zelfs minister van Justitie worden. Dan is het helemaal klaar. Die man is een gevaar voor de rechtszekerheid in Nederland.” Was getekend: Willem Albert Wagenaar, rechtspsycholoog en emeritus hoogleraar (HP/De Tijd, 2 april 2010). Wagenaar had een enigszins vooruitziende blik – Teeven is inmiddels aangesteld als staatssecretaris van Veiligheid en Justitie – maar kennelijk ook de behoefte de discussie over de man behoorlijk fel in te zetten. Dat zegt iets over Fred Teeven, een opvallende naam in een verder overwegend grijs kabinet. Waar weinig mensen een zeer uitgesproken mening hebben over mannen als Opstelten, Rosenthal of Donner, heeft de nieuwe staatssecretaris in zijn leven echt juridische vijanden gemaakt. En veel vrienden, trouwens: niet voor niets kreeg hij bij de laatste verkiezingen 63.000 voorkeursstemmen.

Het is geen toeval dat de term crimefighter de Nederlandse taal is binnengeslopen ongeveer op het moment dat Teeven landelijke bekendheid kreeg als officier van justitie.

De Haarlemmer ziet zichzelf vanaf zijn jeugd, in ieder geval vanaf het moment waarop blijkt dat hij wegens te slechte ogen nooit luchtverkeersleider op Schiphol zal worden, eerst en vooral als misdaadbestrijder. Hij gaat aan de slag bij de Belastingdienst, maar dan wel als rechercheur en later als teamleider bij de FIOD (Fiscale Inlichtingen- en Opsporingsdienst). Marcel Pheijffer, oud-rechercheur bij de FIOD en tegenwoordig hoogleraar aan Nyenrode, maakte Teeven als direct leidinggevende mee. Hij denkt er met plezier aan terug. “Teeven zat scherp op de onderzoeken en de onderzoekers waaraan hij leiding gaf, maar hij wist mensen genoeg ruimte en vrijheid te geven om zich te ontwikkelen. Met zijn lach en enthousiasme was hij de motor achter diverse succesvolle onderzoeken.”


In zijn FIOD-periode volgt de ijverige Teeven in de avonduren ook nog een studie Nederlands recht. Drie jaar na het afronden daarvan kan hij als officier aan de slag bij het parket in Amsterdam.

Daar loopt hij al snel in het oog vanwege zijn doortastendheid en zijn soms onorthodoxe opsporingsmethoden. In 1996 leidt hij de zaak tegen drugshandelaar Johan ‘De Hakkelaar’ Verhoek. Ook daarin speelt de FIOD een belangrijke rol. Pheijffer krijgt weer met Teeven te maken, nu als officier. “Positief vond ik dat hij nooit de meest voor de hand liggende en veilige weg zocht. Hij was bereid risico’s te nemen en onconventionele paden te betreden. Bijvoorbeeld het inzetten van kroongetuigen in het Hakkelaar-onderzoek, zelfs toen daar nog geen wettelijke regeling voor bestond. Menigeen zou dat niet hebben aangedurfd, terwijl de rechter er uiteindelijk wel genoegen mee nam.”

Dat is de spijker op zijn kop. Teeven wordt een publiek figuur door zijn optreden in individuele zaken tegen onder meer Verhoek, Mink K. en Desi Bouterse, maar hij zorgt voor een echt juridisch novum door zijn omgang met kroongetuigen. Geïnspireerd door Italiaanse en Amerikaanse collega’s begint Teeven, samen met collega Martin Witteveen, criminelen in te zetten in de strijd tegen criminelen. ‘Boeven vang je met boeven’ zal een van zijn meest gehoorde slogans worden. Maar dit soort deals – een belastende verklaring in ruil voor strafvermindering – is destijds nog helemaal niet in de wet geregeld. De officier begint er gewoon aan; de wetgeving zal wel volgen. En inderdaad, dat gebeurt. Het is een staaltje van het pragmatisme dat Teevens handelsmerk zal worden. Een tijdje later schiet hij er te ver in door. Met crimineel Mink K. sluit hij geheel op eigen houtje een nogal vage deal. Teeven wordt van hogerhand tot de orde geroepen middels een overplaatsing. Hij wordt districtsofficier in Amsterdam-Oost, ver van de grote, georganiseerde criminaliteit.


Bijna tien jaar dient de geblokte Haarlemmer het Openbaar Ministerie. Maar de politiek heeft hem ook altijd getrokken. Als Bolkestein-fan is Teeven een man van de harde en duidelijke lijn. Hij sluit zich aan bij Leefbaar Nederland, dat met Pim Fortuyn aan het roer afstevent op een stevige verkiezingsoverwinning. Als Fortuyn de partij na een geschil verlaat, om later met zijn eigen LPF door te gaan, wordt Teeven in maart 2002 verkozen tot lijsttrekker. Het is het begin van een mislukt politiek avontuur. De partij mikt op vijftien zetels, maar krijgt er twee. Blijkbaar valt de hardwerkende ambtenaar als lijsttrekker niet goed bij de fans van de zeer flamboyante Fortuyn. Als Teeven vervolgens hoort dat het partijbestuur overweegt om Emile Ratelband aan te trekken als lijsttrekker voor de vervroegde verkiezingen van 2003, heeft hij wel weer genoeg van het politieke circus. Ratelband verklaart dat Teeven nu eenmaal ook ‘het charisma van een koelkast’ heeft. Zelf verliest hij de strijd om het leiderschap trouwens ook. Leefbaar Nederland sterft een snelle dood.

Bij het Openbaar Ministerie heeft Teeven nog een lopende ‘terugkeergarantie’, die nu dus maar geïnd moet worden. Hij komt terecht bij het Landelijk Parket, dat onder meer oorlogsmisdadigers vervolgt, en steelt daar al snel weer de show met de vervolging van de vermeende wapenhandelaar Frans van Anraat. Binnen een jaar wordt hij teamleider van het Landelijk Parket op Schiphol, waar hij zich weer kan richten op zijn favoriete tegenstanders: de grote, georganiseerde boeven. Hij wil met name Heineken-ontvoerder en vermeend topcrimineel Willem Holleeder aanpakken. Zijn carrière – en volgens ingewijden zijn leven – staat tussen maart 2004 en oktober 2006 in het teken van die zaak. Hij is zelf vaak aanwezig bij getuigenverhoren. Teeven ligt nu eenmaal goed bij criminelen, bevestigt ook oud-politiechef John Olierook, die met hem samenwerkte. Ook bij hem geen kwaad woord over de oud-officier: “Fred durft zijn nek uit te steken en hij verkent graag grenzen. Hij neemt zijn verantwoordelijkheden en staat voor wat hij zegt. Afspraak is afspraak. Hij gaat niet snel voor iets of iemand opzij.”


Maar de grens tussen informele gesprekken en officiële getuigenverhoren is in de zaak-Holleeder wel volkomen zoek, betogen advocaten en strafrechtgeleerden. Bovendien blijkt, als de tapes worden beluisterd, dat de gespreksverslagen zoals ze in het dossier belanden nogal ingekort en aangepast zijn. Volgens Wagenaar, die de tapes analyseerde, gaat Teeven daarmee veel te ver. In HP/De Tijd: “Hij weet donders goed dat de rechter hier belazerd wordt en gaat erin mee. Niet waarheidsvinding is zijn doel, maar de veroordeling van Holleeder.” Zijn antwoord op Teevens pay-off: “Boeven vang je niet met boeven, maar met het recht.”

Probleem voor Wagenaar en andere critici is alleen dat de gemiddelde Nederlander de schouders zal ophalen en zal denken dat het toch mooi is dat Holleeder op deze manier veroordeeld kon worden. Teeven is nu eenmaal die pure pragmaticus. “Ik ben geen politicus,” zei hij in 2002 al tijdens zijn eerste speech als lijsttrekker van Leefbaar Nederland. “Geen denker of boekenschrijver, maar een doener, iemand die altijd met zijn schoenen in het bluswater heeft gestaan.” En die mentaliteit spreekt een flink deel van de bevolking aan. Dat onderkent de VVD, vanaf rechts ver weggezakt naar het midden, ook. De partij vraagt hem voor de verkiezingen van 2006 en biedt hem daarbij een voor een nieuwkomer opmerkelijk hoge plaats op de kieslijst aan: vijfde. Niet iedereen juicht dat toe. Arthur Docters van Leeuwen, de oud BVD-chef die op dat moment baas is van de Autoriteit Financiële Markten (AFM), wordt zelf genoemd voor ongeveer dezelfde plaats op de VVD-lijst. In het aantrekken van Teeven ziet hij een teken dat de VVD een weg in wil slaan die niet de zijne is. Hij trekt zich terug.


Teeven ziet genoeg politieke toekomst om aan een tweede avontuur in Den Haag te beginnen. Daar laat hij zich zien als de consequente rechtsbuiten van de VVD: hij stemt tegen het vertrek van Rita Verdonk, pleit voor hardere straffen, minimumstraffen voor recidivisten en een bredere inzet van anonieme getuigen. Rond de gemeenteraadsverkiezingen van maart 2010 wordt hij intensief op campagne gestuurd om PVV-stemmers voor de VVD te winnen. Vervolgens maken tienduizenden voorkeurstemmen bij de landelijke verkiezingen een ministerskandidaat van de man die zeven jaar deed over de havo. Die post gaat naar oud-informateur Opstelten, de behoudende en dus voor Rutte veilige keuze. Maar Teeven krijgt de rol van staatssecretaris, waaronder eigenlijk alles valt waar hij van droomt. In de officiële functieomschrijving staat onder meer preventie, ‘de juridische beroepen’, ‘jeugd en sanctietoepassing’, ‘bescherming persoonsgegevens’, het auteursrecht en het personen- en familierecht. Het lijkt bijna op maat gemaakt voor de man die veiligheid prefereert boven privacy, vindt dat straffen omhoog moeten en de oervader is van een nieuwe generatie officieren van justitie, die veel actiever misdadigers bestrijdt. Dat hij zaken als nationale veiligheid, brandweer en rampenbestrijding aan Opstelten moet overlaten, zal hem geen slaap kosten.

Op het gebied van het strafrecht kan het tijdperk-Teeven beginnen. Dat zal te merken zijn. Met een pokerliefhebber aan de macht lijkt bijvoorbeeld het gokbeleid af te stevenen op versoepeling, met name waar het online gokken en poker als behendigheidsspel betreft. Mark Woldberg, woordvoerder van Holland Casino: “Het huidige kansspelbeleid dateert uit 1964 en de wereld is in de tussentijd behoorlijk veranderd. Denk alleen al aan online kansspelen. Wat ons betreft is het dan ook positief dat Teeven werk wil maken van de hervorming van het kansspelbeleid. Dat zou zich overigens niet alleen moeten beperken tot poker.”


Volgens oud-collega’s en andere fans betekent zijn komst veel voor de veiligheid van Nederland. Oud-politiechef John Olierook verwacht een snelle totstandkoming van de Nationale Politie. “En ik verwacht van Fred dat hij op recherchegebied, maar ook bij Justitie, veranderingen tot stand gaat brengen.” Marcel Pheijffer: “Met noeste ijver en enthousiasme zal hij gaan voor een veiliger Nederland. Op een no-nonsense wijze, beschermend voor degenen die dat nodig hebben, hard voor degenen die het ernaar gemaakt hebben en een dergelijke aanpak verdienen.” Dat daarbij oude, verankerde grondrechten van verdachten wat losser kunnen worden gehanteerd, leidt niet eens meer tot breed publiek protest. De grote strafrechtadvocaten, die Teeven in de rechtszaal toch vaak verbaal flink te lijf gingen, houden zich nu gedeisd. Ze willen hoogstens anoniem nog iets zeggen of trekken een beloofde reactie weer in.

Dat heeft een opvallende reden. Omdat Teeven nog relatief kort geleden diende als officier van justitie in grote strafzaken, en al die strafzaken doorgaans heel veel tijd kosten, hebben veel advocaten in de rechtszaal nog met hem te maken. De dossiers van hun cliënten zijn door Teeven samengesteld of de staatssecretaris wordt nog opgeroepen als getuige. In zo’n positie is het niet handig de nu machtige politicus al te hard tegen je in het harnas te jagen. Zo houdt Fred Teeven onbedoeld de top van de strafrechtadvocatuur gegijzeld. Van de gevraagden is alleen strafpleiter Peter Plasman wel bereid openlijk te reageren. Hij omschrijft Teeven als ‘een diehard praktijkjurist’, maar als persoon ‘open en vriendelijk’. Plasman, diplomatiek: “Hij gaat Nederland meer aandacht voor slachtoffers en nabestaanden brengen en ik ga ervan uit dat hij begrijpt dat dat ook kan zonder de rechten van de verdachte – verder – aan te tasten.”


Het is een vriendelijke knipoog naar de manier waarop Teeven doorgaans wordt neergezet: als een juridische pitbull met weinig oog voor de verdachte. “Als hij denkt beet te hebben, zal hij niet snel loslaten,” bevestigt ook Pheijffer. Teeven gaat tot het randje, volgens hemzelf en zijn fans, of een stuk eroverheen, volgens advocaten en een enkele rechter of collega. De nieuwbakken staatssecretaris heeft weinig moeite met dat stempel. Op zijn site schrijft hij: “Men schrijft over mij dat ik een pitbull en een crimefighter ben, maar mensen die me kennen, noemen me een labrador. Wie me echt goed kent, weet dat ik het allebei ben.” Pitbull én labrador. Het past wel in het beeld dat je na enig bestuderen en rondvragen van Teeven krijgt: hij speelde vroeger rugby, maar kan ook heel goed schaken. Hij kan rechten van verdachten negeren, maar zet zich in voor de rechten van homoseksuele adoptieouders. Hij is keihard, maar niemand noemt hem een onaardige man.

Wat je ook van hem vindt, Teeven is wel consequent. Tijdens zijn eerste dagen op zijn nieuwe post predikt hij wat hij de afgelopen jaren steeds heeft gepredikt: hardere straffen, meer aandacht voor slachtoffers, een veiliger Nederland. Op de dag van zijn aanstelling zei hij het al tegenover enkele televisiecamera’s. “Ik had een hoop kritiek, dus er ligt nu ook een hoop werk voor mezelf. Dat is de consequentie.” Het tijdperk-Teeven is aangebroken.

Naam: Fredrik (Fred) Teeven

Geboren: 5 augustus 1958, Haarlem

Opleidingen: Havo, Controleursopleiding Rijksbelastingdienst, avondstudie Nederlands recht, postdoctorale opleiding Master Public Management.


Privé: Woont samen met zijn vriendin in Diemen.

Hobby’s: Vroeger rugby, tegenwoordig poker en schaken.

Nevenfuncties: Lid Raad van Advies BorgTax, voorzitter van het Max Euwe Centrum.

Peter Smolders