Dat schrééuwt om een remake

De Spaanse media brachten half september groot nieuws. Penelope Cruz blijkt in verwachting van een eerste kindje en Javier Bardem is de vader. Cruz en Bardem zijn respectievelijk de bekendste actrice en bekendste acteur van Spanje en vormen als zodanig een Mediterrane variant op het fenomeen ‘Brangelina’ (Brad Pitt en Angelina Jolie). We vertrouwen erop dat Albert Verlinde en trawanten deze zaak haarscherp in de gaten zullen houden.

Een oververmoeide Bardem had eerder al laten weten van plan te zijn het wat rustiger aan te gaan doen. Maar geen nood: de troonopvolgers staan al klaar aan de zijlijn. Carlos Bardem bijvoorbeeld – inderdaad, de broer van. Hij heeft als de messentrekkende Colombiaan Apache een sterke bijrol in de gevangenisthriller Cell 211. De ster van die film is echter Luis Tosar, ook al zo’n acteur met een weerbarstige karakterkop. Tosar mocht al eens een schurk spelen in Miami Vice. Zijn sterke optreden in Cell 211 doet vermoeden dat Hollywood vaker bij hem aan zal kloppen.

Tosar speelt een tot levenslang veroordeelde bullebak die een bloedige gevangenisopstand ontketent. Cell 211 (Celda 211 in de Spaanse gebieden) was vorig jaar een groot commercieel succes in Spanje. De film won onder meer de Goya’s (het Spaanse equivalent van de Oscar) voor Beste Acteur, Beste Film, Beste Regie en Beste Scenario. Het uitgangspunt van deze thriller is ijzersterk. Op zijn allereerste werkdag als cipier wordt een man (Alberto Ammann) door zijn collega’s rondgeleid in de gevangenis. Bij een ongelukje raakt hij licht gewond en in afwachting van een dokter wordt hij op bed gelegd in een leegstaande cel. Het incidentje leidt tot een moment van onoplettendheid bij een andere cipier. Een koelbloedige gevangene (Tosar) maakt van de gelegenheid gebruik om deze bewaker te overmeesteren en een opstand te ontketenen. Als de nieuwbakken cipier weer bij zinnen is gekomen, constateert hij verbijsterd dat de vleugel waarin hij zich bevindt bezet wordt gehouden door een horde dolgedraaide en op wraak beluste gevangenen. Hij realiseert zich echter bijtijds dat geen van de gevangenen zijn identiteit kent. Om zijn hachje te redden besluit hij zich als een nieuwe gevangene voor te doen.


Het is een situatie waarbij de toeschouwer welhaast automatisch op het puntje van z’n stoel gaat zitten. De intriges, gewetensconflicten en spannende situaties liggen voor het oprapen. Als de cipier uit zijn rol valt, is hij immers ten dode opgeschreven.

De eerste helft van de film is uitstekend. Jammer genoeg laat regisseur Daniel Monzon gaandeweg steeds meer steken vallen, en in het laatste bedrijf maakt hij er zelfs een rommeltje van. Met name de verhaallijn waarin de echtgenote van de cipier figureert, zit vol onnodige onwaarschijnlijkheden. Toch jammer voor een film met zo’n solide fundament. Er wordt een een situatie gecreëerd die nagelbijtend spannend zou kunnen, nee, zou móeten zijn. Maar de uitwerking stelt teleur. In voetbaltermen: men springt slordig om met alle opgelegde kansen. Cell 211 lijkt me dan ook geknipt voor een Amerikaanse remake. Een vakbekwaam filmmaker – mag ook best een Nederlander zijn – zou in staat moeten zijn het origineel te overtreffen.

Cell 211. Regie: Daniel Monzon. Vanaf 4 november in de bioscoop.

Meer leuke content? Like ons op Facebook

Erik Spaans