Gesel van het Pentagon

In Washington kunnen ze de naam niet meer hóren: WikiLeaks. Maar liefst 391.832 geheime documenten over de oorlog in Irak kwakte de ‘club’ onlangs op internet. Er is een Nederlandse link naar WikiLeaks: de met XS4ALL rijk geworden meesterhacker Rop Gonggrijp.

En wéér werd er hartgrondig gevloekt in het Witte Huis, voor de derde keer al in zeven maanden. Eerst was er, op 5 april 2010, het filmpje van Amerikaanse soldaten die vanuit een helikopter grinnikend en stel burgers doodschoten in Bagdad, onder wie een journalist en zijn assistent – ze zagen het groepje voor opstandelingen aan. Vervolgens, op 25 juli, belandden er pardoes 92.201 geheime militaire stukken over de oorlog in Afghanistan op internet. Op 23 oktober volgde kwantitatief gezien het klapstuk: 391.832 documenten over de oorlog in Irak.

Allemaal ultrageheime files, plof, zo op het world wide web. Voor iedere aardbewoner met een computer zichtbaar, van Harry van Bommel tot en met Osama Bin Laden.

Steen des aanstoots voor de Amerikaanse president Barack Obama en het Pentagon: de klokkenluiderswebsite WikiLeaks. Baas van WikiLeaks is de Australiër Julian Assange, naar eigen zeggen inmiddels een van de meest opgejaagde mensen op deze planeet. Maar er is ook een Nederlandse link naar WikiLeaks. Die link is Rop Gonggrijp, godfather van de Nederlandse hackers-scene en rijk geworden met de verkoop van internetprovider XS4ALL.

Het verhaal van Robbert (Rop) Valentijn Gonggrijp (1968) leest als een spannend jongensboek. Opgegroeid in Wormer ging hij op zijn negentiende van school om zich bezig te gaan houden met hacken, oftewel het kraken van computers en netwerken. Hij was verslingerd geraakt aan computers nadat zijn vader, journalist bij De Telegraaf, in 1984 als een van de eersten in Nederland een huiscomputertje, een Sinclair ZX 81, had geïnstalleerd om artikelen naar de krant te kunnen sturen.


In 1989 begon Gonggrijp – hij wilde helaas niet aan dit artikel meewerken – met enkele anderen het tijdschrift Hack-Tic. Dit blad voor techno-anarchisten, waarvan alle vijf de jaargangen nog zijn terug te vinden op internet, stond vol tips. Over hacken, over gratis bellen door bepaalde tonen na te doen (het zogenoemde phreaken), over virussen en wat allemaal nog meer maar interessant mocht zijn voor de whizzkids van die tijd. Het periodiek veroorzaakte regelmatig ophef.

De Hack-Tic-groep richtte in 1993 de eerste internet service provider van Nederland op: XS4ALL. De zaken gingen goed. Een beetje té goed zelfs. Het werd, keek Gonggrijp later terug, ‘te veel een gewoon bedrijf’. Gonggrijp voelde zich er niet meer thuis. “Tegen 1995, 1996 was ik niet zo belangrijk meer,” vertelde hij in Het Parool. “Ik ben meer een gekke-ideeënmens. Daar ben ik goed in. Ik richt bedrijven op, maar geef er geen leiding aan, dat is niets voor mij.”

In 1998 besloten de pioniers van XS4ALL hun bedrijf voor vele miljoenen te verpatsen aan hun voormalige ‘vijand’ KPN. Gonggrijp was in één klap ‘binnen’.

Ook daarna bleef hij regelmatig het nieuws halen. De burger waarschuwen dat zijn privacy gevaar liep, was zijn nieuwe missie. Hoewel, ‘nieuw’? Gonggrijp was een van de eerste computernerds geweest die zagen welke gevaren de digitale samenleving met zich meebracht. Al in 1989 schreef hij in Hack-Tic: “Big Brother kijkt steeds vaker mee. (-) Systemen die de privacy aantasten, moeten niet beter beveiligd, ze horen niet te bestaan.”

En in 1997, in een interview: “Ik denk dat als wij niets doen de overheid over tien jaar het als haar recht ziet om te weten waar haar burgers uithangen.” Dit blijken achteraf profetische woorden. Denk aan de ov-chipkaart, het tracken en opslaan van al het gsm-verkeer, en de door de overheid verplichte opslag van al het internet- en e-mailverkeer.


Gonggrijp ging in verzet. Zo heeft hij sinds 2003 een bedrijf dat zogeheten cryptofoons verkoopt. Dat zijn mobieltjes die een beveiligde verbinding tot stand kunnen brengen. En het is vooral dankzij Gonggrijp dat er in Nederland geen stemcomputers meer worden gebruikt. In 2006 toonde hij namelijk aan dat frauderen met die dingen een fluitje van een cent is. In februari van dit jaar deed de Amsterdammer – hij woont met vrouw en twee zoons op de tweede en derde verdieping van een groot herenhuis in de Watergraafsmeer – het nog eens dunnetjes over. In India. De Indiase regering ontkende in eerste instantie dat er iets mis was met de stemcomputers, maar moest vorige maand toch een onderzoek toestaan.

Zo mogelijk nog opmerkelijker is dat Gonggrijp in januari meeschreef aan een wetsvoorstel in IJsland. Dankzij dit voorstel, dat unaniem door het IJslandse parlement werd aangenomen, genieten journalisten, óók journalisten van over de grens, in IJsland absolute onschendbaarheid. Ook WikiLeaks-oprichter Julian Assange was bij het project betrokken.

WikiLeaks – Obama en zijn minister van Buitenlandse Zaken Hillary Clinton kunnen de naam ongetwijfeld niet meer hóren. Sinds april staat de Nederlander Rop Gonggrijp eveneens te boek als een van de mensen achter de klokkenluiderswebsite. En wel dankzij het inmiddels beroemde ‘helikopterfilmpje’.

In het filmpje, op 12 juli 2007 gemaakt vanuit een Apache, komen zoals gezegd een Iraakse Reuters-journalist en zijn assistent om het leven als de helikopterbemanning hen en zestien anderen aanziet voor gewapende opstandelingen. Een ‘raketwerper’ bleek later een camera te zijn. Het Amerikaanse leger bracht diezelfde dag naar buiten dat er negen opstandelingen en twee burgers waren gedood. De zaak ging, kortom, in de doofpot.


Schokkend is ook dat je de militairen hoort lachen terwijl ze dood en verderf zaaien. Een gebrek aan compassie dat overigens mede zal zijn ingegeven doordat de Amerikanen destijds zelf bij bosjes het leven lieten in het door hen ‘bevrijde’ Bagdad – Washington Post-journalist David Finkel beschrijft dat op aangrijpende wijze in zijn onlangs verschenen boek Goede soldaten.

Het filmpje, getiteld Collateral Murder, sloeg op 5 april in als een bom, wereldwijd. Bij de totstandkoming ervan bleek Gonggrijp een flinke vinger in de pap te hebben gehad. De 42-jarige Amsterdammer staat als co-producer op de titelrol en zei in april tegen de NOS: “Ik ken de mensen van WikiLeaks heel goed en ben betrokken geraakt bij de voorbereiding. Ik heb heel veel productiewerk gedaan.” Dat deed hij wekenlang in een gehuurd appartementje in Reykjavik, waar hij samen met onder meer Assange leefde op een dieet van chips, pretzels en pizza.

Het tijdschrift The New Yorker meldde dat Gonggrijp het project heeft betaald. Dat is niet zo, verklaarde hij onlangs in Vrij Nederland. Hij had het bedrag, tien mille, slechts voorgeschoten. “Dat geld is terug.” Hij vertelde dat hij Assange bewondert. “Als doorgeefluik van anonieme bronnen laat Julian zien hoe de wereld werkt. Hoe overheden en bedrijven werkelijk in elkaar zitten.”

Gonggrijp gaf ook aan dat hij inmiddels geen rol meer speelt voor WikiLeaks. “Ik kan niet dezelfde keuzes maken als Julian. Hij kan leven uit een rugzak, verdwijnen en weer opduiken. Iets als WikiLeaks kan mijn levensmissie niet zijn. Ik zou daar slecht van slapen, en ik heb een vrouw en kinderen. Het is te heftig.” Maar kritiek op de werkwijze van WikiLeaks? Geen woord.


Toch valt er wel degelijk het nodige op WikiLeaks aan te merken, stelt een oude brother in arms van Gonggrijp, Roger Vleugels. Vleugels is onderzoeksjournalist, juridisch adviseur en docent openbaarheid van bestuur. Hij staat bekend als zeer kritisch volger van inlichtingen- en veiligheidsdiensten. Gonggrijp kent hij al meer dan twintig jaar. “Al sinds zijn Hack-Tic-periode. Rop heeft dezelfde drijfveer als ik: opkomen voor de rechten van het individu.”

Over WikiLeaks zegt Vleugels: “Op zich ben ik voor het openbaar maken van belangrijke documenten, maar, en dit is cruciaal: niet op deze manier.”

Hij noemt zijn drie belangrijkste bezwaren tegen WikiLeaks. “Ten eerste is WikiLeaks volledig losgezongen van de pers. Dat is niet goed. Je mag de pers mainstream vinden, maar je moet er wel mee in debat zijn. Er moet, zeg maar, elastiek zitten tussen jou en de pers. WikiLeaks zegt echter: ‘De pers is niks, wij zijn de níeuwe pers, de pers 2.0.’ Dat vind ik ontzettend arrogant.”

Kanttekening twee: “WikiLeaks pretendeert journalistiek te bedrijven, maar levert geen enkele context en duiding bij de naakte data die het op het net gooit. ‘Data werpen’ vind ik journalistiek van de laagste soort.”

En dan Vleugels’ derde bezwaar: “WikiLeaks beschermt de mensen die in al die data voorkomen volstrekt onvoldoende. Ja, ze halen de namen weg, maar dat is niet genoeg. Het is van het niveau: ‘De burgemeester van Aalsmeer…’, en vervolgens zie je bij wijze van spreken een paar klodders Tipp-Ex. Nou, uit de context kun je heus wel opmaken welke naam daar heeft gestaan.”

Heeft Roger Vleugels weleens met Gonggrijp over de WikiLeaks-methoden gediscussieerd? “Ja. Eind september nog. Rop heeft dezelfde mening als ik. Ik weet dat er om dit soort redenen al enkele tientallen mensen zijn vertrokken bij WikiLeaks. Mensen uit de inner circle. Vooral met dat data werpen hebben ze moeite, met het volslagen gebrek aan duiding. Ze hebben geprobeerd dat te veranderen, maar dat is niet gelukt. Ik heb sterk de indruk dat dat veel te maken heeft met het zeer eigengereide karakter van Assange.”


Kan hier een rol zijn weggelegd voor Rop Gonggrijp? Zou hij niet in het openbaar in debat moeten met Assange? Vleugels, op besliste toon: “Nee. Rop is vooral een ‘naam’ onder techneuten en in de human rights-wereld. Bij WikiLeaks gaat het vooral om intelligence. Daarbij speelt de discussie toch vooral in de VS. Rop is Europeaan. Zijn woorden zullen veel minder indruk maken dan die van een Amerikaan.”

Boudewijn Geels en Alex Ringeling