‘Ik vind het wel lekker zo’

Als de jonge professional z’n studentenkamer nou eens opgaf voor een starterswoning, was de woningnood onder studenten in één klap opgelost. Maar de verleiding om nog even te blijven is erg groot. ‘Er is altijd iemand thuis en ik eet nooit alleen.’

Het tekort aan studentenkamers bestaat waarschijnlijk al zo lang als er studenten zijn. Volgens de Landelijke Studentenvakbond zijn er momenteel dertigduizend studenten op zoek naar een kamer. De wachttijd voor een kamer is minimaal een jaar. Een oorzaak die lange tijd onderbelicht bleef en nu steeds meer de aandacht trekt, is de jonge professional die maar geen afstand kan doen van zijn studentenkamer en -leven. Alleen al in Utrecht zijn er volgens de gemeente drieduizend jonge professionals die in het studentenleven zijn blijven hangen. Ze verdienen lekker, hebben lage vaste kosten en houden vast aan de gezelligheid en vrijheid van vroeger.

Jan Benschop, algemeen directeur van DUWO, met zeventienduizend kamers de grootste studentenhuisvester in Nederland, moest zijn beleid daarom de laatste jaren drastisch omgooien. “Tot tien jaar geleden was 97 procent van onze bewoners student. In die tijd woonde je met tien à vijftien man op een verdieping en moest je het doen met twee badkamers en twee keukens. Had je een baan gevonden, dan ging je automatisch een eigen woning zoeken, omdat je die levensstijl gewoon niet meer trok. Maar toen begonnen we kamers te bouwen van 25 vierkante meter, met een eigen badkamer, wc en keuken. En deze mooie kamers hadden dus ook een waardeloos bijeffect, namelijk dat ze zo comfortabel zijn dat de jonge professional er niet meer uit wil. Toen zijn we met een campuscontract begonnen. Zodra ze klaar zijn met hun studie, moeten ze er binnen een half jaar uit. We controleren twee keer per jaar bij de onderwijsinstellingen of een studie is afgerond of niet.”


Jan Benschop heeft begrip voor de starters, maar blijft hard in zijn beleid. “Ik snap dat je in die paar jaar vrienden voor het leven maakt en dat je de eerste periode nog aan het bedenken bent wat je wilt doen met je leven. Maar er moet nu eenmaal ruimte worden gecreëerd voor de nieuwe studenten. Zo hoort het gewoon.”

Maaike (22) – ‘noem mijn achternaam maar niet’ – uit Rotterdam staat niet echt stil bij de nieuwe studenten die op zoek zijn naar een kamer. Ze heeft een goede baan en geniet van het geld dat ze overhoudt. Ze zat in het tweede jaar van haar opleiding fysiotherapie toen ze het huis uit ging en was nog geen 21 toen ze afstudeerde en een baan in haar schoot geworpen kreeg.

“Ik verdien netto 2100 euro per maand. Dat is best veel voor mijn leeftijd. Ik heb ongeveer vierhonderd euro aan vaste lasten, dus ik hou veel geld over. Ik ben dit jaar vier weken naar Afrika geweest, vorig jaar naar Amerika en Canada. Ik ben aan motorrijlessen begonnen, heb mijn studieschuld al afbetaald en ik spaar nog maandelijks een paar honderd euro. Als ik zie wat voor kosten komen kijken bij een starterswoning, dan geeft dat mij alleen maar nog meer reden om te blijven waar ik ben.”

Marius van Heesewijk (25) verhuisde op z’n achttiende naar Rotterdam om economie te studeren. Hij woont met vier vrienden in een studentenhuis en werkt sinds een half jaar fulltime als analist bij een adviesbureau. Daar verdient hij zo’n 2600 euro bruto per maand en hij 450 euro aan vaste lasten. “Ik vind het wel lekker zo. Ik ben gewend om na mijn werk een biertje te pakken, op de bank te ploffen en slap te ouwehoeren met mijn huisgenoten. Er is altijd iemand thuis, ik hoef nooit alleen te eten en er is altijd wel iemand om een filmpje mee te pakken. De meesten van ons zijn inmiddels aan het werk, dus het is ook fijn om ervaringen uit te wisselen. Ik kan me niet voorstellen dat ik thuiskom in een leeg huis. Ik zou zelfs de rommel en de eeuwige afwas missen. Mijn kamer is vijftien vierkante meter – niet veel, maar voor nu oké. Ik heb genoeg privacy. Het scheelt natuurlijk ook veel geld. Ik kan mijn leningen aflossen en hou genoeg over om op vakantie en uit te gaan.


Op termijn wil ik wel richting Amsterdam voor mijn werk. Maar ook daar zou ik met vrienden willen wonen.” Voelt hij zich niet schuldig tegenover woningzoekende studenten? “Waarom zou ik? Er is voor beginnende professionals ook een kamertekort, vooral in Amsterdam.”

Suna Floret