De beste non-fictie van 2010

Wij lezen om onszelf te vergroten. Onze eigen ervaring is immers maar zeer beperkt. Door te lezen delen we in de ervaringen en observaties van anderen, de schrijvers, en corrigeren daarmee onze kleingeestigheid en ons provincialisme.

De Franse filosoof Alain Finkielkraut (1949), hoogleraar in Parijs, weet dit en heeft dit jaar een boek gepubliceerd over negen romans die ons kunnen helpen ons een weg te banen door het moderne leven. Zij kunnen ons ‘de genade van een intelligent hart’ schenken, zodat we ‘niet alleen de wetten, maar ook de jurisprudentie van het leven’ leren kennen.

Finkielkraut bespreekt bijvoorbeeld Sebastian Haffners autobiografie (Het verhaal van een Duitser) en waarschuwt ons tegen meegaandheid bij de opkomst van grote bewegingen. De opkomst van het nazisme is toe te schrijven aan het aanpassingsvermogen van een karakterloze natie, betoogt Haffner, en het is goed dat Finkielkraut ons daar weer eens aan herinnert.

Maar behartigenswaardig zijn vooral zijn opmerkingen over The Diary of a Man of Fifty (1879) van Henry James. Een man van vijftig keert na een lange militaire carrière terug naar Florence waar hij vroeger een Italiaanse gravin heeft liefgehad. Uit wantrouwen jegens haar oneerlijke intriges (zo denkt hij) heeft hij haar echter afgewezen. Hij ontmoet een Engelsman die dertig jaar jonger is dan hij en verliefd is op de dochter van deze vrouw. Hij wil hem van zijn ervaring laten profiteren en waarschuwt hem voor de behaagzieke jonge vrouw. Maar deze jonge man trouwt toch met haar – en wordt gelukkig. “Hij leert het eenvoudige en zeldzame geluk van gedeelde liefde kennen.”

Normaal gesproken gaat het in romans om mensen die hun illusies verliezen, ontnuchterd raken en aldus volwassen worden. De novelle van James leert ons dat het leven soms ook veel rijker is en dat wij soms te achterdochtig zijn. De werkelijkheid kan sterker zijn dan onze desillusies. Een mooie les bij het begin van een nieuw jaar.


Bart Jan Spruyt

Alain Finkielkraut: Een intelligent hart. Contact, €24,95.

Het is ongetwijfeld not done om een boek van een vriendin en collega te prijzen, maar om Het Grote Etiquetteboek van Beatrijs Ritsema kan en wil je niet heen. Ritsema beschouwt etiquette niet als een statisch geheel van dorre regeltjes, maar als een voortdurend veranderende manier om het sociale verkeer tussen mensen zo soepel mogelijk te laten verlopen. De conventie, datgene wat door de traditie geijkt en dus algemeen herkenbaar en aanvaardbaar is, maakt daar een wezenlijk deel van uit, maar wijzigende sociale verhoudingen vragen ook om plooibaarheid, tact, inlevingsvermogen en inventiviteit.

Het plezier waarmee ik deze prachtig uitgegeven etiquettebijbel voor moderne mensen heb gelezen, bestond voornamelijk uit mijn pogingen om bij elke brief (want het boek is gebaseerd op de ingezonden brieven die Ritsema besprak in haar wekelijkse etiquetterubriek in dagblad Trouw) te bedenken wat mijn eigen advies aan de briefschrijver zou zijn, alsof het een amusante puzzel was, en vervolgens te kijken wat Beatrijs er over te zeggen had. Waarbij ik onder de indruk kwam van de benijdenswaardige mix van gezond verstand, hoffelijkheid, redelijkheid en voortvarendheid waarmee zij de meest onoverzichtelijke knopen doorhakt.

Kortom, een boek waarop je je kunt verlaten als je het zelf eventjes niet meer weet.

Emma Brunt

Beatrijs Ritsema: Het Grote Etiquetteboek. Hoe het eigenlijk hoort in de 21ste eeuw. Meulenhoff, €29,95.

Het beste non-fictieboek van het afgelopen jaar is voor mij Vrouw des huizes, een indrukwekkende cultuurgeschiedenis van de Hollandse huisvrouw. Met behulp van tal van oorspronkelijke bronnen beschrijft historica Els Kloek in een levendige stijl het dagelijks leven van vrouwen door de eeuwen heen en zoomt daarbij in op de wisselende opvattingen over welke kwaliteiten een goede vrouw betamen en welke niet.Interessant in dit verband zijn vooral de observaties uit reisbeschrijvingen en dagboeken van buitenlandse bezoekers aan Nederland. In deze geschriften klinkt verbazing door over de vrijgevochtenheid van vrouwen hier ten lande: bazige types die hun man commanderen, met veel bewegingsvrijheid, organisatietalent en een grote properheidsmanie. De Nederlandse vrouw stond eeuwenlang haar mannetje.


Kloek laat verder zien hoe het in de 19de eeuw door kerk en staat gepredikte ideaal van de zorgzame huisvrouw, vrijgesteld van loonarbeid omdat haar echtgenoot als kostwinner voldoende geld verdient, kon evolueren tot het typisch Nederlandse fenomeen van de in deeltijd werkende zorgmoeder. Nog steeds zwaait zij de scepter binnenshuis, hoewel ze het predicaat ‘huisvrouw’ inmiddels als belediging beschouwt.

Beatrijs Ritsema

Els Kloek: Vrouw des huizes. Balans, €19,95.

1 Ware woorden(1) – Youp van ’t Hek

2 Wij zijn ons brein (3) – Dick Swaab

3 Eten, bidden, beminnen (4) – Elizabeth Gilbert

4 Congo (2) – David Van Reybrouck

5 Het afzien van 2010 (7) – Reid, Geleijnse & Van Tol

6 Je hebt het niet van mij, maar: (6) – Joris Luyendijk

7 Life (5) – Keith Richards & James Fox

8 Snoecks 2011 (10) – Marijke Arijs et al.

9 Top (-) – Mart Smeets

10 Sonny Boy (re) – Annejet van der Zijl

Tussen haakjes de klassering van vorige week. Deze non-fictietoptien is tot stand gekomen op basis van een selectie uit De Bestseller60 van de CPNB.

import non fictie