Cold turkey

Verslaafd aan de macht. En het gevoel dat het land en de partij niet zonder jou kunnen. Dat is waar naar verloop van tijd alle politieke leiders aan lijden. Als ze afscheid hebben genomen en het speelveld verlaten, vallen ze in het zwarte gat. Niemand meer die de tas draagt, geen voorlichter meer die je belangrijk maakt; de vanzelfsprekendheid van het upgraden is voorbij. Het lijkt veel op verplicht afkicken, cold turkey. Maar een gewezen leider zal nimmer toegeven dat er geleden wordt aan politieke ontwenningsverschijnselen. Juist die ontkenning behoort tot het ziektebeeld. Jan Peter Balkenende is alweer heel druk. Zo druk zelfs dat hij geen tijd had om naar het debat over de regeringsverklaring te kijken. In het enige tot nu gegeven interview na zijn vertrek, in Christen Democratische Verkenningen, lees ik dat zijn agenda alweer ‘vol’ is. Ook al heeft geen van Balkenendes kabinetten ‘de rit uitgezeten’, in het interview rijst het beeld op van een zeer succesvol politicus: de fouten lagen bij anderen, met veel ideeën was hij de voorloper, belangrijke veranderingen zijn door hem op de rails gezet, en bij de pers was te weinig belangstelling voor het inhoudelijke verhaal. Kortom, nieuwe boeken over de periode-Balkenende zijn niet meer nodig, dit was het wel zo’n beetje.

Natuurlijk hoef ik niet te lezen dat hij ongelooflijk blij was dat hij op enig moment zelfs op een postzegel prijkte. Ik stond erbij toen hij zijn moeder belde: “Ja mam, er wordt zo meteen een foto gemaakt voor een postzegel. Ja, echt waar, er komt een postzegel met mij erop!” En ik hoef ook niet te weten dat hij het hartstikke leuk vond om bij Berlusconi in de tuin in het golfkarretje te worden rondgereden. Uiteraard mag Balkenende ook met enige trots op zijn regeerperiode terugkijken. De politieke baas zijn is in het post Fortuyn-tijdperk is niet niks geweest. Maar een klein beetje meer zelfkritiek had gekund. Misschien komt het door de ‘gereformeerde rompstand’, zoals de katholieke historicus Bornewasser in Christen Democratische Verkenningen wordt geciteerd. Vaak hoorde ik van ministers uit zijn kabinet op mijn vraag: “Wat deed JPB eigenlijk tijdens het kabinetsberaad?” steevast het antwoord: “Niets.” “Een premier moet zich niet alle dossiers toe-eigenen,” noemt Balkenende dat in het interview. Gerrit Zalm heette toentertijd niet voor niets de ‘beslismachine’. De geschiedenis bepaalt hoe goed je was. Dat zeggen ze. Maar veel oud-politieke leiders houden daar eigenlijk niet van.

Kees Boonman