Scheuren en paffen

Het recht om voortijdig te overlijden is dankzij dit kabinet weer onbeperkt.

Hans Hillen heeft het blijkens het leerzame interview in HP/De Tijd van 17 december niet erg begrepen op de sociaal-democratie. Ik kan hem geruststellen: die afkeer is wat mij betreft inmiddels geheel wederzijds.

Dat is niet alleen omdat Hillen in zijn senatorstijd als geheim nicotinelobbyist blijkt te hebben gefunctioneerd, waardoor zijn tot kop van het interview verheven uitspraak – ‘Als Ab Klink terugkomt, hang ik de vlag uit’ – in een wel heel speciaal daglicht komt te staan. Zoals bekend vormde het terugdringen van de tabaksverslaving een speerpunt van Klinks beleid als minister van Volksgezondheid, wat zich vertaalde in het rookverbod voor cafés.

Wat dat betreft heeft de diepte-investering van sigarettenfabrikant British American Tobaccoin Hillenniet averechts gewerkt. Het rookverbod is door het nieuwe kabinet immers meteen teruggedraaid: het recht om voortijdig te overlijden is voortaan onbeperkt. Misschien jammer voor de collateral damage – om een bekend eufemisme uit Hillens nieuwe beroepsbranche te lenen – onder astmapatiënten, maar dat scheelt in deze tijden van financiële schaarste in elk geval weer AOW. Vandaar dat u nu ook harder op de snelweg mag racen, de enige andere ‘grote hervorming’ die dit kabinet tot dusver heeft gerealiseerd om aan het onderbuiksentiment van de Telegraaf-lezer tegemoet te komen.

In het bewuste interview worden CDA en VVD vanwege hun lange bestuurlijke traditie als een soort onverwoestbare twee-eenheid betiteld (‘Ajax en Feyenoord’), en heet het einde van de PvdA nabij. Voor iemand wiens partij net in juni is gehalveerd en in de steden volledig is weggevaagd, terwijl de politieke tegenstander toen juist van een halvering in de peiling weer is opgeveerd, getuigt dit van correcte bescheidenheid.


Maar Hillen heeft de linkerhelft van Nederland nooit zien staan. Dat blijkt uit twee uitspraken. De ene: “Mijn diepste beweging in de jaren zestig om lid te worden van de KVP was de anti-KVP-resolutie van Marcel van Dam: de PvdA zou alleen nog maar met de KVP kunnen regeren na zeven herexamens van de KVP over progressiviteit. De arrogantie!”

Ik snap zijn frustratie. De jaren rond 1970 waren de enige periode in de afgelopen eeuw waarin de sociaal-democraten erin slaagden de rollen tijdelijk om te draaien en bij de formatie van het kabinet-Den Uyl de KVP eens een koekje van eigen deeg te bakken. Gedurende de rest van de eeuw waren het de confessionelen die de sociaal-democraten voortdurend aan exameneisen onderwierpen: van het niet-dan-in-uiterste-noodzaak van toenmalig partijleider Nolens in het interbellum tot de recente herhaling ervan door Verhagen. Aan de resolutie van Van Dam ging namelijk een formatie vooraf waarbij PvdA en VVD door de KVP schaamteloos tegen elkaar werden uitgespeeld.

Slechts als er even geen rechtse meerderheid was en de PvdA braaf rechts bezuinigde, mocht ze meedoen. De verkiezingsuitslag was irrelevant. Sterker: elke keer als de PvdA vanaf 1977 won, belandde ze in de oppositie – in 1977, 1982, 1986 en 2003. Meedoen mocht ze van het CDA alleen als ze verloren had, en zich dus deemoedig zou opstellen: in 1981, 1989 en 2006. In het laatste geval viel de tegenzin tot het eind toe van Balkenendes gezicht te lezen. Alleen 1994 en 1998 vormden een uitzondering, met Paars, want toen had het CDA even helemaal niets meer te vertellen, en zakte het dankzij totale gezichtsloosheid in de oppositie steeds verder weg. Dat zou in geval van Paars-plus nu opnieuw gebeurd zijn, en daarom gold voor de CDA-partijtop: regeren tot elke Wildersprijs.


Dan Hillens tweede uitspraak: “Toen midden jaren zestig iedere arbeider zijn autootje bezat, had de PvdA een groot opheffingsfeest moeten vieren onder het motto: doel bereikt.” Dit zegt vooral iets over het plat-materialistische wereldbeeld van Hillen zelf. Het past natuurlijk wel uitstekend bij het huidige kabinet, dat cultuur en natuur in de uitverkoop heeft gedaan.

En alle morele waarden erbij – zie een derde uitspraak: “Wilders en zijn collega’s stellen zich buitengewoon constructief op.” Inderdaad: aan de auto en de villasubsidie komen ze niet, en de PVV-aanval op Iran, waarvoor Hillen dan de middelen had mogen leveren, is voorlopig ook nog even uitgesteld. Al het andere doet er binnen zijn wereldbeeld niet toe.

Daarom snapt hij ook niets van de fundamentele bezwaren van Ernst Hirsch Ballin, Willem Aantjes en Ab Klink tegen samenwerking met een partij die dictatoriaal georganiseerd is, op schimmige wijze gefinancierd wordt en een miljoen ingezetenen tot tweederangsburgers wil maken, en worden die opponenten als ‘evangelistische radikalinski’s’ weggezet. Want inderdaad: ongelimiteerd scheuren en ongelimiteerd paffen vormt voor deze christen-democraten níet het hoogste ideaal.

import thomas van der dunk