Gidsland

Al-Qaida wordt niet verslagen, de Taliban zullen niet verliezen, en het is een illusie dat je met de bezetting van Afghanistan het terrorisme bestrijdt – je wakkert het eerder aan. President Obama weet dit ook, maar kan het onmogelijk toegeven; dat zou onpatriottistisch zijn. Het enige wat erop zit is: terugtrekken met zo min mogelijk gezichtsverlies. Als de Amerikanen, zoals gepland, het land in 2014 verlaten, kunnen ze alleen maar hopen dat de burgeroorlog het land niet al te snel weer in de as legt.

Zo zullen ook de ruim vijfhonderd Nederlanders (of zo veel als er dan over zijn) Afghanistan verlaten. Tenminste, als premier Rutte een nieuwe politiemissie door het parlement weet te loodsen.

De enige relevante vraag is: willen we ons ten koste van Hollandse mensenlevens en veel geld nog een keer solidair tonen met de Amerikanen en hun heilloze avontuur? Tellen we dan weer mee in de internationale gemeenschap en, zo ja, is dit nou echt de beste manier om daarvoor te zorgen?

Rutte heeft de pech dat deze missie inzet wordt van de Statenverkiezingen. En dat de kiezer er geen heil in ziet. Volgens peilingen is zeventig procent tegen, binnen GroenLinks zelfs 77 procent. Zo kan het haast niet anders of Jolande Sap, die haar gezag als partijleider nog moet veroveren, kiest eieren voor haar geld en keert zich tegen de missie. Dan heeft Rutte de internationale gemeenschap het een en ander uit te leggen. Dat zal hij op zo’n innemende manier doen dat het aanzien van de natie slechts in beperkte mate wordt geschaad. Hij kan er zelfs van maken dat Nederland zich weer eens een gidsland toont.

Wie blijft vinden dat we toch moeten gaan, kijke nog eens naar de foto van Evert-Jan Daniels in het AD van afgelopen maandag. “Lid van de Koninklijke Marechaussee traint in Tarin Kowt Afghaanse politiemannen,” staat eronder. We zien een afgetrainde Nederlandse militair – kaki outfit, holster met vuurwapen aan de dij – over een steenvlakte rennen, wijzend en bevelen schreeuwend. Achter hem aan twintig mannen in voddige overalls. Hun opdracht is hem op de voet te volgen. Wat een contrast. De militair straalt een en al focus en kracht uit, de politiemannen vormen een pafferig zooitje ongeregeld dat ongecontroleerd de armen in de lucht gooit. Ze rennen niet, nee, ze huppelen. Achtjarige meisjes op schoolreisje. Die, als ze zo meteen hun wapens hebben en min of meer kunnen schieten en arresteren, overgaan tot de orde van de dag in Afghanistan: het dienen van hun clanhoofden.

Meer leuke content? Like ons op Facebook

Eduard van Holst Pellekaan