Rap voor gevorderden

Sinds zijn debuut in 2004 werd hij 142 keer voor een prestigieuze prijs genomineerd. Het succes is hem dan ook behoorlijk naar het hoofd gestegen. Portret van een enfant terrible. ‘You can’t say shit to Kanye West no more.’

Kanye West zal de geschiedenis ingaan als een legende. De rapper is de nieuwe Jim Morrison, de nieuwe Kurt Cobain. Hij heeft goddelijke trekjes en als de Bijbel anno 2011 nog een keer geschreven zou worden, dan zou hij er zeker in staan. West is een van de belangrijkste mensen uit de hedendaagse popcultuur, een van de weinige mensen met een mening. De oude Bijbel telde tientallen personages, dus waarom zou West níet in die moderne versie staan? Hiphop is tot op zekere hoogte een religie en rappers vervullen de rol van predikers. De muziek heeft de heilige schrift vervangen. Hiphop lijkt dan ook in zekere mate op de kerk: je gaat naar een concert, je kleedt je mooi aan, je steekt je armen in de lucht, je zingt liederen en je levert ook een financiële bijdrage: de kerk ten voeten uit.

Een mooie, zij het ietwat overdreven analyse van het fenomeen hiphop en zijn boegbeeld Kanye West, denk je bij het lezen van bovenstaande lofzang. Hier is een criticus of musicoloog aan het woord die de hiphop van Kanye West hoog heeft zitten. Ere wie ere toekomt. Maar – zoals zo vaak in het leven van de gelauwerde rapper – is niets wat het lijkt. Aan het opstellen van de lovende woorden kwam maar één deskundige te pas, namelijk Kanye West zelf. Transponeer de tekst van de derde naar de eerste persoon enkelvoud en je krijgt exact wat de rapper in een minutenlange monoloog over zichzelf heeft gezegd in een gefilmd radio-interview. En dan worden dezelfde woorden ineens een beetje potsierlijk, ja zelfs gnant. Hoe serieus moet je iemand nog nemen die zichzelf tot de nieuwe Morrison of Cobain kroont? Wests geloof in zichzelf is wat dat betreft als dat van een vijfjarige jongen die voortdurend ‘kijk eens, mama!’ roept, en vervolgens een salto in de achtertuin maakt. En hoewel dat kunstje misschien niet eens zo geweldig is, zal toch iedereen voor hem klappen. Een denigrerende conclusie? Nee. Wederom gewoon zijn eigen woorden. Want soms kan Kanye ook bescheiden zijn.


Kanye West is een vat vol tegenstrijdigheden. ‘I’d rather be hated for what I am, than loved for what I am not’ luidt zijn devies. Die lijfspreuk wordt de laatste paar jaar door de rapper op een pijnlijke, vaak gnante manier nageleefd. Wanneer een volwassen vent van 33 zich regelmatig gedraagt als een vijfjarig jongetje dat zijn zin niet krijgt, dan spoort er iets niet.

Het succes is hem namelijk behoorlijk naar het hoofd gestegen. In 2006, nadat tijdens de MTV Europe Music Awards bekend werd gemaakt dat Justice vs. Simian de Best Video Award hadden gewonnen, beklom West het podium om te laten weten dat niet zíj, maar híj die prijs had moeten winnen. Datzelfde jaar had hij op de vooravond van de uitreiking van de Grammy’s te kennen gegeven dat hij het er moeilijk mee zou hebben als zijn album Late Orchestration niet tot Album of the Year zou worden uitgeroepen.

Toen een jaar later MTV niet hem, maar Britney Spears uitnodigde als openingsact voor de uitreikingceremonie van de Music Awards, sneerde hij dat hij misschien niet de juiste huidskleur had. Maar de druppel die voor vriend en vijand de emmer deed overlopen, was zijn gedrag tijdens de MTV Video Music Awards 2009. Toen Taylor Swift haar dankwoord voor de Best Video Award uitsprak, pakte West de microfoon van haar af om te zeggen dat Beyoncé die onderscheiding had moeten krijgen. Naar aanleiding van die actie noemde Barack Obama hem – off the record natuurlijk – een jackass en rap-godfather Snoop Dogg verklaarde dat Kanye should have his ass kicked.

Hoewel Kanye West na dit soort blunders steeds weer nederig door het stof gaat, kan hij het toch ook niet laten om uitgebreid uit te leggen waaróm hij vindt dat hij de beste is. Het feit dat hij smaak en talent heeft en het gegeven dat hij soms maandenlang keihard werkt aan een productie, leidt volgens hem per definitie tot een resultaat dat door anderen niet kan worden overtroffen. Zijn obsessie voor het winnen van prijzen kan worden verklaard uit zijn drang naar competitie. In een interview in zijn ietwat megalomane fotoboek A Glow in the Dark vertelt West aan regisseur Spike Jonze dat competitie zijn belangrijkste drijfveer is, en dat hij de strijd niet zozeer heeft aangebonden met zijn collega-rappers, maar eerder met iconen als Madonna, Michael Jackson en Prince. Zijn creativiteit wordt minder gevoed door zijn liefde voor muziek, dan door zijn zucht naar eeuwige roem.


Wellicht komt Wests overmatige geldingsdrang voort uit het feit dat hij aanvankelijk zelfs door de zwarte muziekbusiness niet serieus werd genomen als potentiële rapper. Als zoontje van een moeder die Engelse taal & letterkunde doceerde aan de universiteit, werd hij ondanks zijn talenten als beat maker bestempeld als een verwaande bourgie, een rijkeluiskindje met een egoprobleem.

Voordat hij besloot zich volledig te richten op een muzikale carrière, studeerde West aan de American Academy of Art en de Chicago State University. In die tijd produceerde hij als hobby al tracks voor lokale acts. Nadat hij de schooldeuren achter zich dicht had getrokken, ontwikkelde hij zich tot een player van importantie die hitsingles van huidige sterren als John Legend, Alicia Keys en Janet Jackson op zijn naam schreef. Nadat hij Jay-Z’s baanbrekende album The Blueprint op zijn palmares had bijgeschreven, wilde de meester van de samples en de beats zelf aan de bak. Maar hij werd keer op keer afgewezen.

In interviews onthulde hij dat hij in die tijd heel wat tranen heeft geplengd. Zelfs bij Rock-A-Fella, het label waarvoor hij hits produceerde van Jay-Z, Cam’ron en Beanie Sigel, zagen ze niet hoe zij de bourgie in de markt moesten zetten. Voor hen stond een keurige jongeman op Gucci-loafers, die nota bene een roze polootje droeg met een opstaand kraagje.

Zelfs zijn maatje Jay-Z, die ten tijde van The Blueprint moest voorkomen voor illegaal wapenbezit en geweldpleging, zag het niet zitten. “Wij groeiden allemaal op als straatjongens die letterlijk alles deden om in leven te blijven. En ineens was daar Kanye, een jongen die zich nog nooit met vieze zaakjes bezig had moeten houden.


” West was zich daarvan bewust: hij vertelde later dat hij door een muur van vooroordelen had moeten breken: zijn talenten werden erkend, maar hij voldeed domweg niet aan het beeld – baggy trousers, hoodie en sneakers – dat iedereen had van een succesvolle rapper.

Toen Kanye zichzelf in 2004 eindelijk mocht bewijzen, vermeed hij de strijd niet. Het getuigt van lef om je debuutalbum te noemen naar de kwalificatie die eerst zo tegen hem had gewerkt: The College Drop-out. De meeste rappers hebben namelijk nog nooit een collegezaal van binnen gezien. De straat is het meest bezochte onderwijsinstituut van de projects. Ook deinsde West er niet voor terug om de moeizame voorgeschiedenis van zijn debuut tot in de kleinste details te beschrijven in de sleuteltrack Last Call:

Last Call was niet de enige persoonlijke angel op The College Dropout. De track Jesus Walks, waarin hij rapt over het belang van het geloof, leek aanvankelijk artistieke zelfmoord: een rapsong met Jezus in de titel was voordien de garantie voor een glorieuze flop. Maar het werkte. Met zijn intelligente, spirituele raps en zijn verfrissende, creatieve manier van sampelen, creëerde Kanye West een muziekvorm die je rap voor gevorderden zou kunnen noemen.

Het maken van een tweede, sophomore album is voor de meeste artiesten een hel. Zullen ze nog creatief genoeg zijn om het succes van de eersteling te overtreffen, of zelfs maar te evenaren? Voor Kanye West was het nog lastiger. Hij was er namelijk van overtuigd dat hij The College Dropout niet alleen, maar samen met God had gemaakt. En, vroeg hij zich af, zou God er deze keer er ook voor hem zijn? Of had hij het nu te druk met de carrière van iemand anders?


God was er. Ook Late Registration (2005) en Graduation (2007) werden megasuccessen. Ook zijn publiekelijk uitgesproken afkeer van homofobie – in rapkringen is dat vloeken in de kerk – maakte hem alleen maar interessanter. In een televisie-interview zinspeelt hij zelfs, met een opzettelijke of onopzettelijke verspreking op de mogelijkheid dat hij zelfs ook wel een closet gay zou kunnen zijn: “The whole closet thing is what it is. When I was younger I found out that my cousin was gay and I’m happy that he is who he is. I wish I could be more of who I am. It seem to me the opposite of hiphop is gay. All you hiphop people discriminate against us… I mean gay people.”

Kanye Wests rapmuziek voor de middenklasse – hij combineerde zelfs ‘klassiek’ en rap op Late Orchestration (2006) – werd achter de schermen aangestuurd door zijn moeder, Donda West, die haar baan aan de universiteit had opgegeven om manager van haar zoon te worden. Eind 2007 kwam op een tragische manier een einde aan hun samenwerking. Donda West overleed aan complicaties na plastische chirurgie. Haar arts had, gezien haar gezondheidstoestand, de voorgenomen tummy tuck en boob job ontraden. Donda West zette echter door. Kanye West was er kapot van: hij was alleen door zijn moeder opgevoed – zij schreef er het boek Raising Kanye over – en hun relatie was zeer symbiotisch. Hij verdrong zijn verdriet door gestaag door te werken. In 2008 oversteeg hij zichzelf als live-act met de tour Glow in the Dark, gevolgd door het nieuwe album 808s & Heartbreak.

Maar ondanks het feit dat hij artistiek gezien met elk nieuw project groeide, keerde de publieke opinie zich, door zijn onbesuisde, respectloze acties, steeds meer tegen hem. De media schreven meer over de man zelf dan over zijn muziek. Dat irriteerde West op zijn beurt dusdanig, dat hij het op zijn beurt meer over de media had dan over zijn muziek.


Na het Taylor Swift-incident verdween hij een tijdje in het niets. West verbleef in Europa en vermaakte zich met alles behalve muziek. Begin 2010 ging hij naar Hawaii en pakte daar de draad weer voorzichtig op. Daar gebruikte hij, zoals hij in Last Call beschreef, zijn arrogantie ‘als de stoom die als krachtbron voor zijn dromen’ fungeerde. Hij keerde terug met het meesterwerk My Beautiful Dark Twisted Fantasy. Het bleek een album te zijn waar alles met alles te maken heeft, en niets elkaar uitsluit. Rauwe klanken en woorden van de zwarte straatcultuur lijken haaks te staan op samples van highbrow Britse art-rock, maar Kanye West wist deze twee werelden op een organische manier bijeen te brengen.

Die grenzeloosheid op elk gebied maakt dit album, met de adembenemende clip Runaway, tot een totaalkunstwerk. Noem het, zo schreven wij in HP/De Tijd, een luisterfilm, een klankschilderij of een cultuurexplosie: My Beautiful Dark Twisted Fantasy is zonder twijfel een zeldzaam monument voor de rapcultuur. Het album klinkt door de sublieme extravagantie nog steeds als een schreeuw – “Kijk eens, mama!” – om aandacht. In plaats van een salto, zien we nu een compleet circus in de achtertuin. Donda West kijkt niet meer: zij heeft haar ijdelheid met de dood moeten bekopen. Maar de ijdelheid van haar zoon, we moeten het erkennen, heeft inmiddels de contouren aangenomen van een levende legende. My Beautiful Dark Twisted Fantasy heeft recent de platina status verworven. “Fuck the past,” twitterde West, “and make love to the future!”

Last year shoppin’ my demo, I was tryin’ to shine

Every motherfucker told me that I couldn’t rhyme


Now I could let these dream killers kill my self-esteem

Or use my arrogance as the steam to power my dreams

I use it as my gas, so they say that I’m gassed

But without it I’d be last, so I ought to laugh

So I don’t listen to the suits behind the desk no more

You niggaz wear suits ‘cause you can’t dress no more

You can’t say shit to Kanye West no more

I rocked 20,000 people, I was just on tour, nigga

I’m Kan, the Louis Vuitton Don

Ruud Meijer