Donner: ‘Verwerpelijk’

Vanuit het niets stond de sharia opeens weer op de politieke agenda. De islamitische wet, die zich overigens kenmerkt door verschillende varianten en dus niet eenduidig in één boekwerk is vervat, werd in september 2006 middelpunt van debat toen toenmalig minister van Justitie Piet Hein Donner (CDA) zich er over uitliet. “Als tweederde van alle Nederlanders morgen de sharia zou willen invoeren, dan moet die mogelijkheid toch bestaan?” zei hij tegen Vrij Nederland.

Daarna werd het stil rondom de sharia. Er waren ook geen tekenen dat er een grote beweging in Nederland actief was die deze wilde invoeren. Tot afgelopen weekeinde: daar was opeens Eerste Kamerlijsttrekker Roel Kuiper (ChristenUnie) die een verbod op de sharia wil opnemen in de Grondwet. Zijn uitspraken in Trouw leidden tot kritiek. Want is onze Grondwet niet juist hét verbod op de sharia?

Toevalligerwijze heeft de eerdergenoemde Donner, dit keer uit hoofde van zijn functie als minister van Binnenlandse Zaken, vorige week PVV-Kamervragen beantwoord over de sharia. De partij van Geert Wilders wilde opheldering over de extremistische groepering Shariah4Holland die – u raadt het al – de sharia wil invoeren. Donners reactie windt er geen doekjes om: “Ik wil er geen enkel misverstand over laten bestaan dat ik een eventuele invoering van de sharia volstrekt verwerpelijk acht en in strijd met alle fundamentele waarden en normen die wij in Nederland kennen. U zult dan ook begrijpen dat de doelstellingen van de in de vragen genoemde organisatie niet de mijne zijn.” Maar: “Desondanks zijn in ons land de vrijheid van meningsuiting, de vrijheid van vereniging en de vrijheid om de eigen godsdienst of levensovertuiging te belijden fundamentele en grondwettelijke rechten.”

En daarom heeft Donner nog steeds gelijk. Een verbod op de sharia opnemen in de Grondwet druist in tegen de democratische rechtsstaat, die door diezelfde Grondwet gegarandeerd wordt.

import haagse post