Bruisend nieuw leven

Let England Shake

De titelsong van Let England Shake zong PJ Harvey vorig jaar al in de Andrew Marr Show, en dat was een bijna surrealistische ervaring. Met een boa van zwarte veren als een dode kraai op haar hoofd en een autoharp in de armen zong en speelde ze het nummer met op de achtergrond een loop van Estambul (Not Constantinople), een jarenvijftighit van The Four Lads. De albumversie opent nog steeds met een motiefje dat aan het refrein van dat hitje werd ontleend, en de nostalgie die de smekende regel Take me back to Constantinople uitstraalt, vervult eigenlijk de hele plaat. De muziek, voor een groot deel op de autoharp gecomponeerd, ademt de geest van oude volksmuziek die door Harvey en haar muzikanten in een punkrockjasje is gestoken. Het gegeven dat Let England Shake is opgenomen in een kathedraal in Dorset die over de zee uitkijkt, maakt het plaatje compleet. Waar haar teksten vroeger persoonlijk en naar binnen gekeerd waren, laat Harvey nu horen wat de politieke beslissingen in Groot-Brittannië en de rest van de wereld emotioneel met haar doen. Die beslissingen, The Words that Maketh Murder, vervullen haar met afkeer, en zowel het taalkundige als muzikale idioom dat zij hanteert, verraadt een hang naar lang vervlogen tijden die, zoals we allemaal weten, nóg oorlogszuchtiger waren. Die paradox vormt de kern van iedere song. Want hoewel Let England Shake muzikaal gezien niets te maken heeft met Estambul (Not Constantinople), wordt uit hun samenzijn tóch weer bruisend nieuw leven geboren.

Ruud Meijer