Stiltegebied Binnenhof

Na de vrijlating van de ‘Drie van Sirte’ wacht de Tweede Kamer zich op een verklaring van regeringswege. Gemengde berichten uit Den Haag: over de strijd tussen BZ en Defensie, de slapeloze nachten van Hans Hillen en de raadselachtige Zweedse evacuée.

Goddank liet Libië de drie Nederlandse militairen vrij, en in perscentrum Nieuwspoort was donderdagavond de diepe zucht van opluchting bijna hoorbaar. Maar al snel na de televisieverklaring van Kadhafi junior begonnen politici en ambtenaren de zege op te eisen. Dat had onderhandelaar Ed Kronenburg, de hoogste ambtenaar van Buitenlandse Zaken, toch maar mooi geflikt, sprak iemand vol trots. Of was de goede afloop te danken aan de stilte-strategie van premier Mark Rutte? Nee, het waren de militairen geweest uit het onderhandelingsteam die kennelijk op de juiste momenten op de juiste knoppen hadden gedrukt. En zo ging het door. Eerder al hadden Buitenlandse Zaken en Algemene Zaken een oorlogje uitgevochten in respectievelijk De Telegraaf, die had ontdekt dat Kronenburg de onderhandelaar was, en het AD, dat ‘verschillende diplomaten’ liet zeggen dat het omstreden koninklijke reisje naar Oman was bedoeld om goodwill te kweken in de regio. Het Kronenburg-nieuwtje kwam nogal opzichtig van Buitenlandse Zaken; Oman moest ingestoken zijn door Algemene Zaken.

Later bleek het desgevraagd voor PvdA-Kamerlid Frans Timmermans een uitgemaakte zaak dat ‘dit de verdienste is van Buitenlandse Zaken. Defensie heeft hier weinig inbreng in’. En zijn collega van de SP, Harry van Bommel, meende: “Het is deze keer goed afgelopen, dus ik denk niet dat er nu veel rivaliteit bestaat tussen Buitenlandse Zaken en Defensie. Men gunt elkaar wat. Maar als het fout was afgelopen, dan had je wat gezien.”

Lees het gehele artikel in de HP/De Tijd van deze week.

Frans van Deijl