Signerend schrijversvolk

Waarin auteurs nooit te beroerd zijn om een krabbeltje te zetten.

De Bijenkorf nam een voorschot op de Boekenweek door 26 Nederlandse auteurs plus één Vlaming te laten signeren in het Amsterdamse filiaal, tussen de japonnen en de deux-pièces op de afdeling damesmode. Er was een looppad gemaakt tussen twee rijen stands waarachter de schrijvers zaten. Om elk misverstand te voorkomen, hing er een bord met auteursnaam plus een kolossale foto boven elk tafeltje, zodat je in één oogopslag kon zien wie er in diepe wanhoop was weggebleven (Remco Campert) of wie er heerlijk oenig op de verkeerde plek stonden (Marion Bloem met echtgenoot Ivan Wolffers). Een vader stootte zijn zoontje aan en sprak: “Kijk, die meneer daar met die snor was laatst bij De Wereld Draait Door!” De aangesprokene staarde met een blik waarin intense minachting en diepe verveling om voorrang vochten naar Midas Dekkers en zuchtte diep. Een vrouwelijke lezeres van Geert Mak had er geen been in gezien om vijf beduimelde boeken van de succesauteur van huis mee te nemen naar het grootwarenhuis en stond geduldig in de rij te wachten om ze elk van handtekening plus opdracht te laten voorzien. Onze gedachten gingen naar de door ons intens bewonderde auteur Bob den Uyl, die zou signeren in de Haagse boekwinkel Ulysses op de Denneweg. Auteur en winkel zijn inmiddels allang geschiedenis. De gedachte om onze favoriete auteur om een handtekening te vragen leek zo ondraaglijk naarmate het signeeruur naderde, dat we op het laatst een familielid smeekten in onze plaats te gaan. De uren die volgden leken dagen te duren, en gevoelsmatig nog eens vele maanden later was daar dan de boodschapper, met het boek. We rukten het papier eraf. De handtekening leek die van een ongeletterde, de dagtekening was in hanenpoten. “Wat hij zei?” schreeuwden we overspannen. Hij had niets gezegd. “En was het druk?” Er bleek op het personeel en de schrijver na geen mens in de winkel te zijn. We begrepen dankzij onze list aan een enorm gevaar te zijn ontsnapt. Nooit, nee nooit zouden we meer een boek laten signeren.


Het gevoelloze volk in de Bijenkorf leek van dit soort scrupules totaal geen last te hebben. De uiterst aantrekkelijke Saskia Noort lachte iedere pummel allerhartelijkst toe, en was bereid om werkelijk elke gevraagde banaliteit aan het schutblad toe te vertrouwen. We hadden weer heel even een Bob den Uyl-momentje bij de stand van Maarten ’t Hart, waar niemand in de rij stond. Rechts AP-uitgever Elik Lettinga, inmiddels bekend van de Pikorde. Datzelfde geldt voor Eliks collega’s Joost Nijsen van Podium en Chris Herschdorfer van Anthos. De laatste was dermate verguld met zijn hoge positie in de Pikorde (andermaal op 3) dat hij een fles merkchampagne naar het redactieadres had gestuurd. Geheel anders was de reactie van Nijsen. “Jullie zijn zo gemeen, zo gemeen! Ik heb mezelf plechtig voorgehouden: mijn volwassenheid is waarlijk een feit als ik niet meer elk jaar in de Pikorde kijk op welke plaats ik sta.”

Jan Zandbergen