Succes en sterkte

Mbark Boussoufa wilde niets liever dan naar Terek Grozny. En geef hem eens ongelijk.

Mooie club, Terek. Rijke traditie, fijne grasmat. Daar wil je als het moet nog wel voor niks heen ook. En dan die stad… Grozny. Het Parijs van de Kaukasus. Het Venetië van de Russische deelrepublieken.

Da’s nog eens wat anders dan Brussel, waar Boussoufa jarenlang bij de plaatselijke voetbalvereniging speelde. In die brandhaard van de taalstrijd speelde Mbark jarenlang zijn wedstrijdjes, maar hij spekte vooral zijn bankrekening. Wie naar België vertrekt, denkt aan de toekomst van zijn kinderen, niet aan zijn sportieve carrière. België, het land van verloedering, corruptie en politieke instabiliteit.

En toen kwam Terek Grozny, een droomstap in de loopbaan van een talentvolle spelmaker die zijn sportieve ambities in de krochten van de Benelux leek te hebben begraven. Jongensboek. Ruud Gullit – eindelijk een trainer die bij het statuur van Terek Grozny past, godzijdank – en Mbark spraken over voetbal en Mbark was verkocht. Letterlijk, want Anderlecht was niet van plan zijn sterspeler deze droomtransfer te ontzeggen. Integendeel, het was een eer om zaken te doen met een voetbalmastodont als Terek. Daar doe je het uiteindelijk allemaal voor, als kleine club. De onderhandelingen verliepen gesmeerd. Geld is in Grozny geen enorm probleem. Er was eigenlijk maar één dingetje: de huisvesting. Mbark had op internet wat rare dingetjes over Grozny gelezen. En hij had al lang genoeg in het onrustige Brussel gewoond, hij wilde nu geen risico’s meer nemen en zich alleen op voetbal concentreren. Of hij misschien een huisje buiten de stad kon krijgen?

Dat vonden ze bij Grozny niet zo’n punt. Weet je wat we doen, zeiden ze, we laten je gewoon voor elke wedstrijd invliegen. Boussoufa kon een optrekje krijgen in een kuuroord een paar honderd kilometer verderop. Leek hem dat wat?


Maar Mbark had opeens niet zo’n zin meer in Terek. Hij zocht toch liever nog even door naar een iets stabielere omgeving. Sorry, meneer Gullit.

De zaakwaarnemer van Mbark had nog het nummer van de voorzitter van Anzhi Machatsjkala. Topclub in Dagestan, het Toscane van Zuidwest-Rusland. Roberto Carlos speelde er, en João Carlos, en nog een zooitje Carlossen. Tomeloze ambitie, echte voetbalcultuur. Een heuse regering, democratisch gekozen, alles erop en eraan.

En het uitgaansleven van Machatsjkala scheen een dolle boel te zijn. De Nederlandse Artsen zonder Grenzen-medewerker Arjan Erkel was er twee jaar langer gebleven dan nodig, en dat zou wel niet voor niets geweest zijn. De verhalen van de zaakwaarnemer klonken overtuigend. Mbark kreeg er steeds meer zin in, in Anzhi. Wat was het toch prachtig dat er niet één, maar twéé van deze grootheden uit het Europese voetbal voor hem, Mbark uit Amsterdam-Oost, op de stoep stonden. Dagestan, het klonk ook wel lekker. Volgens zijn manager betekende het ‘land van de bergen’. Hij voegde er nog aan toe dat de voorzitter van Anzhi, Kerimov, op plaats 188 van de Forbes-lijst stond. Mbark wist niet wat de Forbes-lijst precies was, maar het zou wel goed zijn. 7,8 miljard op de bank, mompelde zijn zaakwaarnemer, terwijl hij met zijn BlackBerry speelde.

Mil-wat???

Met Anzhi Machatsjkala gaat Mbark Boussoufa komende jaren de wereld veroveren, kan niet anders.

Succes, Mbark!

Naschrift

Volgens de BBC is Dagestan een van de gevaarlijkste landen van Europa. Met enige regelmaat vinden aanslagen tegen Russische soldaten plaats. In 2008 werd de populaire talkshowhost Telman Alishayev op straat vermoord nadat hij een kritische documentaire had gepresenteerd. Arjan Erkel werd twee jaar lang gevangen gehouden omdat hij hulp verleend had aan Tsjetsjeense vluchtelingen. Naar verluidt was een parlementslid een van de opdrachtgevers voor de ontvoering.


Sterkte, Mbark.

import frank heinen