Dóód- en dóódziek

“Ze rollen vechtend over straat.” Dixit co-presentator Paul Damen afgelopen zondagavond in het Radio 5-programma Joods op Zondag. Damen doelde op de joodse prominenten uit het HP/De Tijd-coverartikel van vorige week. Het artikel heeft een gevoelige snaar in de gemeenschap geraakt.

Het beschreef gedetailleerd hoe de afgelopen twintig jaar 2,5 miljoen euro subsidie aan het Nederlands-Israëlitisch Seminarium (NIS) werd toegekend zonder dat daar de gewenste rabbijnen vandaan kwamen. Op de publicatie is in de media en politiek flink gereageerd.

De tafelgasten van Joods op Zondag, PvdA’er Robbert Baruch en Midden-Oostendeskundige Maarten Jan Hijmans, noemden de toestanden rond de joodse opleiding ‘betreurenswaardig’. Joods Nederland is er niet sterk in om dingen die fout zijn aan de kaak te stellen, stelden ze vast.

De ophef toont volgens Baruch aan hoe ‘dóód- en dóódziek’ de Amsterdamse joodse gemeenschap is. Baruch: “Die (joodse, red.) bestuurders zitten allemaal in verschillende clubjes en durven zich niet uit te spreken als er wat mis is.”

Waar de tien kinderen van rabbijn Evers niet op het artikel wilden reageren toen HP/De Tijd daarom vroeg, klommen ze wel in de pen voor een gezamenlijke brief aan het Nieuw Israelietisch Weekblad (NIW). Zij hebben, schrijven ze, ‘geschokt’ kennisgenomen van het artikel, dat ‘onderdeel is van een decennialange hetze tegen onze vader’. Hun grens is ‘ruimschoots overschreden’ en er staat de joodse gemeenschap nog wat te wachten: “Wij zullen onze ervaringen met de gemeenschap in het algemeen en ‘prominenten’ in het bijzonder dan ook binnenkort met u delen.”

Hoofdredactrice Esther Voet van het NIW vraagt zich in een paginalang artikel af wat er nu eigenlijk precies ‘niet kosjer’ is bij het seminarium. Opvallend: haar epistel bestaat grotendeels uit het integraal overgenomen persbericht van het joodse kerkgenootschap, waar het seminarium onder valt.

Dat persbericht lijkt overigens gebaseerd op de conceptversie van het artikel dat voor publicatie was opgestuurd naar rabbijn Evers en waar, na zijn commentaar, nog het een en ander aan is toegevoegd en gewijzigd voordat het naar de drukker ging.


Het conceptartikel circuleerde sowieso al in de gemeenschap, blijkt uit een ingezonden brief die HP/De Tijd ontving nog vóór het stuk was gepubliceerd, met alvast een reactie op onze bevindingen.

Staatssecretaris van Onderwijs Halbe Zijlstra liet HP weten dat hij het artikel ‘zorgwekkend’ vindt en om opheldering zal vragen.

import de tijd