In het hoofd van de schutter

Wat voelt iemand die een ander mens doodschiet? Weerzin? Opwinding? Tristan van der Vlis kan het niet meer navertellen, maar tien andere ervaringsdeskundigen wel. Zoals Johnny Cash zong: ‘I shot a man in Reno, just to watch him die.

Voor nabestaanden en slachtoffers van schietincidenten kan geen woord meer iets goedmaken. Traumatisch is schieten op mensen soms ook voor hen die dat beroepshalve moeten doen: in een oorlog, in dienst, onder dwang. “Dat is een verschrikkelijk maar onvermijdelijk kwaad,” zegt een woordvoerder van de Basis, een stichting die begeleiding voor oorlogs- en dienstslachtoffers verzorgt.
Toch bestaat er een andere kant. Onze cultuur heeft een sterke fascinatie voor het schot en voor de ultieme cowboy: hij bezit die oermannelijke en bijna seksuele aantrekkingskracht. Films en boeken waarin wordt geschoten, vinden gretig aftrek.
Maar hoe vóelt het om een geweer af te vuren op een ander levend wezen? Spelen naast woede of angst ook verleiding of opwinding mee? Of verdwijnt al het gevoel op het moment dat de trekker wordt overgehaald?
Buiten het maken van nieuw leven spreekt waarschijnlijk niets meer tot de verbeelding dan het doden van mensen. “Ze zeggen dat de mens het enige dier is met bloeddorst. Wij kunnen doden zonder reden, doden voor ons plezier,” fluistert Marlon Brando als Colonel Walter E. Kurtz in een beroemde scène uit de film Apocalypse Now (1979). De scheidslijn tussen charme en gekte is soms heel dun. Schutters, van oorlogsveteranen tot gangsters, hebben een reden om te doden – een vijand die moet worden uitgeschakeld. Zij verdedigen hun mensen, hun idealen of hun doelen: ze verdedigen wat in hun ogen ‘het goede’ is. De wereld is immers verdeeld in ‘de goeden’ en ‘de slechten’. “Het was gewoon wraak,” zegt Paul Meadlo in Reporting Vietnam (1998) over het doden van vijftien burgers tijdens een confrontatie bij het dorpje Song My. Dappere wraak was het, op de kameraden die hij zelf had verloren.

Lees het gehele artikel in de HP/De Tijd van deze week.

Pauline Bijster