Aardbeien uit het buitenland

Mensen importeren is zinloos als je wat ze maken goedkoper elders kunt halen.

Boze aardbeientelers probeerden afgelopen weken tevergeefs minister Henk Kamp (VVD) van Sociale Zaken en Werkgelegenheid te vermurwen. Ze wilden toestemming om Bulgaren en Roemenen in te huren in het plukseizoen, zoals ze de afgelopen jaren deden. Het getouwtrek riep opnieuw de vraag op wat de Nederlandse economie er aan heeft als mensen half Europa doorreizen om hier te komen werken.

Toegegeven, deels is het een zinloze discussie. Want als het om Polen gaat, heeft Kamp niets te zeggen. Die mogen, net als iedereen uit de Europese Unie, vrij werken en reizen in lidstaten. Maar tot 2014 geldt dat recht nog niet voor Bulgaren en Roemenen. Aan de hand van de aardbeienarbeiders kunnen we goed laten zien wanneer import van arbeid wel zin heeft, en wanneer niet.

Kamp wil de Bulgaren en Roemenen niet in Nederland hebben. Hij vindt dat de tuinders net zo goed Nederlanders kunnen inhuren, al dan niet met een uitkering. Maar de Brabantse telers houden vol dat Nederlanders niet willen. En ik geloof ze. Dat Nederlanders niet staan te springen om voor een minimumloon de hele dag over een veld te kruipen, verbaast me niet. Maar ze zullen steeds vaker wel moeten: Kamp introduceerde een regeling om mensen bij werkweigering drie maanden te korten op hun uitkering. De minister eist van de uitkeringsinstanties dat ze die boetemogelijkheid ook gaan gebruiken.

Laten we deze aanpak van Kamp even de duw-methode noemen: onder de 1,4 miljoen mensen met een uitkering zijn er die nog kunnen werken (volgens Kamp zo’n 500.000). Die moeten een zetje krijgen. Maar je kunt ook trekken. Dan zullen de telers meer moeten betalen. Want motivatie is te koop, ook als het om aardbeien plukken gaat.


Anders gezegd: Hollandse aardbeien zijn te goedkoop. Ze worden verkocht tegen prijzen die horen bij een loon waarvoor een Nederlander ze niet wil plukken. Als de boeren gelijk hebben en Nederlandse consumenten de aardbeien niet meer kopen als ze duurder zijn, dan zijn ze die hogere prijs blijkbaar niet waard, en zijn we net zo goed af met geïmporteerde aardbeien. Want waarom blijven we zelf aardbeien plukken, terwijl we allang niet meer zelf onze kleren maken, onze kolen uit de grond halen of onze televisies in elkaar schroeven?

Zeker, Hollandse aardbeien zijn lekker, soms zelfs lekkerder dan geïmporteerde. Dat is een goede reden om er ook meer voor te betalen. De aardbeientelers vrezen dat we dat niet zullen doen, en dat ze failliet gaan. Ik denk dat dat wel meevalt, maar zelfs als dat wel gebeurt, is dat voor de Nederlandse economie helemaal geen probleem. Wel voor de Bulgaren en de Roemenen, die hun seizoensbaan verliezen. En voor de boeren zelf, die geen winst maken met aardbeien, maar met te goedkope arbeid. Maar als een paar aardbeientelers failliet gaan die amper Nederlandse werknemers in dienst hebben, en die hooguit de Nederlandse transportsector wat werk bezorgen, dan is dat geen aderlating voor de BV Nederland.

Dit betekent niet dat goedkope arbeid uit het buitenland halen altijd zinloos is. Sommige goedkope krachten voegen hier wel degelijk waarde toe, zoals schilders, bouwvakkers en medewerkers in de zorg. Want goedkoop schilderwerk en vakkundig gewassen billen kunnen we niet importeren. Daarvoor moet de mankracht echt hier naartoe komen.

Goedkope diensten, daar hebben we wat aan. U en ik, en de Nederlandse economie. Maar goedkope arbeid importeren om boeren zonder fatsoenlijk businessmodel aan winst te helpen, of een paar zeurende Nederlanders die niet voor kwaliteit willen betalen aan te goedkope aardbeien, dat heeft met economische ratio niets te maken.

Meer leuke content? Like ons op Facebook

Esther van Rijswijk