Voor tranen wordt gezorgd

Ze is de vrouw van het toekomstige staatshoofd, heet Máxima en wordt op 17 mei veertig. Maar wie ís de blonde Argentijnse? Een profiel aan de hand van de enige informatie die we over haar krijgen: beelden en nog eens beelden.

Er bestaan honderden, zo niet duizenden foto’s van haar. Met echtgenoot, zonder echtgenoot. Met kinderen, zonder kinderen. In functie, op vakantie, bij ‘fotomomenten’. In witte jurk, in rode jurk, in stippenjurk. Met hoed, zonder hoed. Het haar los of opgestoken. Al die foto’s zijn verschillend – van tijd en plaats – maar op een wonderlijke manier toch hetzelfde.

Haar leven is vastgelegd in een reeks imaginaire fotoalbums, maar het is een onvolledige documentatie. Vastgelegd is alleen datgene wat de buitenwereld mag zien: het gewenste beeld. Veel is schijnbaar spontaan: snapshots; weinig is op het oog formeel: het staatsieportret. Je kunt al die foto’s bekijken zonder veel te weten te komen. Het is een zorgvuldig geregisseerde vertoning van oppervlakkigheid. Hoe meer er wordt getoond, hoe meer er buiten beeld blijft.

Waarin verschillen die foto’s? In de pose, de kleding, het kapsel, de locatie, de gelegenheid. Wie ze snel achtereen bekijkt, ziet al die beelden vervloeien tot kleurige vlekken onder een veelal zonnige hemel (of binnenshuis onder lamplicht), beelden zonder duidelijke betekenis. Op het eerste gezicht.

Sinds in 2005 door de Rijksvoorlichtingsdienst eenzijdig de ‘mediacode’ werd ingesteld, zijn zij en haar gezin vrijgesteld van al te opdringerige aandacht. De afspraak is nu dat er geen foto’s zullen worden gemaakt van privébezoeken en vakanties in ruil voor één of twee ‘fotomomenten’ per jaar. De fotografen verschijnen dan in drommen, worden achter een denkbeeldige lijn in rijen opgesteld en schieten in die korte ogenblikken allemaal braaf dezelfde beelden. Met echtgenoot, en zonder. Met kinderen, en zonder. In wit, rood, zwart en stippen. Onze mediacratie bestaat uit een overdaad van vertoon waarmee steeds minder wordt gemeld. Het is communicatie als vorm. Een en al ritueel en ceremonie.


Prinses Máxima, om haar gaat het hier, wordt dezer dagen veertig jaar. Niet langer jong, maar zeker niet oud. Volwassen, op de helft van haar leven. Ze is echtgenote van de kroonprins, moeder van drie kinderen (de drie A’s: Amalia, Alexia en Ariane -triple rate A, in de ogen van beoordelaars) en klaar voor de hoofdrol: de troonsbestijging van haar man, Willem-Alexander. Een kroonprinses is nog geen koningin, maar wel een reservekoningin, een oefenkoningin, schaduw en understudy. Hoewel ze officieel niet de positie van Beatrix zal overnemen – die is voorbehouden aan WA – zal ze wel de ceremoniële kanten van die rol gaan vervullen. Wat Beatrix nu nog in één persoon verenigt, valt straks in tweeën uiteen. Ze lijkt zich daar zeer van bewust, en ook goed voorbereid. Ze draaft op waar dat van haar wordt verlangd; altijd goedgehumeurd, ernstig waar nodig, uitbundig als dat mag. Geen foto waarop ze chagrijnig oogt of ongeïnteresseerd, ze doet wat van haar wordt gevraagd en ogenschijnlijk met veel inzet en plezier. Het heeft haar tot het populairste lid van het Koninklijk Huis gemaakt, nog vóór Beatrix en zeker vóór Willem-Alexander, op wie ze een beschavende, verzachtende invloed heeft, zoals Claus die had op Beatrix.

Wat weten we van haar? Ze is Argentijnse van geboorte, Nederlandse door haar huwelijk (feitelijk voorafgaand aan haar huwelijk) op 2-2-2002 – blijkbaar hecht ze aan symboliek. Ze werd geboren op 17 mei 1971 in Buenos Aires, heeft economie gestudeerd in Argentinië, woonde van 1995 tot 2000 in New York, waar ze werkzaam was bij diverse banken. Ontmoette Willem-Alexander in 1999 op een feest in Sevilla. Is katholiek opgevoed, maar Nederlands Hervormd geworden voor haar huwelijk. Ingewijd in hofleven, etiquette en protocol door hofdame Lieke Gaarlandt. Sinds 2005 lid van de Raad van State, die wordt voorgezeten door HKH. Ze heet nu officieel Máxima Zorreguieta, Prinses der Nederlanden, Prinses van Oranje-Nassau, Mevrouw van Amsberg.


Ze is in de loop der jaren steeds meer Beatrix geworden: ernstiger in woord en gebaar, breder van kaak, en steeds vaker getooid met hoeden bij alle gelegenheden. Een groot contrast met haar jonge jaren in New York, waar ze buiten werktijden feestend door het leven ging. Foto’s van toen tonen een soort fotomodel dat in groepjes opereerde met leeftijdgenoten, allemaal even blond, ook als ze donker waren.

Mensen nemen poses aan in de openbaarheid, in het bijzonder als er een camera in de buurt is. Bij Máxima zijn tegenwoordig bijna altijd camera’s in de buurt, tenzij ze zich privé manifesteert. Hoewel, in het buitenland bestaat geen mediacode – voor de paparazzi zijn alle beroemdheden (filmsterren, fotomodellen, zangeressen en gekroonde hoofden) gelijk: ze hebben de status van prooi. Als zij de vos zijn, dan zijn de fotografen de honden.

We begeven ons hier op het terrein van het snapshot. De esthetiek van het snapshot is een combinatie van berekening (het onderwerp) en toeval (de compositie, de belichting). De paparazzi zijn altijd op zoek naar verstoring, transgressie. Ze excuseren zich met een beroep op de moraal. Macht en Roem horen in de pas te lopen. Overtredingen worden bestraft met een foto: net als de wegpiraat wordt de beroemdheid in het wild geflitst.

Het huwelijk van vorst en burgermeisje is een fusie van twee werelden, monarchie en moderne tijd. De injectie met fris, vreemd bloed actualiseert de monarchie, zorgt voor een evolutie van de rol, de populariteit en het aanzien van het vorstenhuis. Máxima werd door haar huwelijk een modern icoon; dat is anders dan de oude iconen geen gefixeerde beeltenis, maar een plaatje in de massamedia. Elke dag een andere foto in de krant. Ze mag dan een burgermeisje zijn, ze is wel een Argentijns burgermeisje. Dat wil zeggen: exotisch, latijns. Maar niet al te exotisch, niet donker en zwoel, maar blond als een Hollander, telg uit een familie die ongetwijfeld ooit afkomstig was uit het oude Europa. Wat haar waardevol maakt in onze ogen is precies dat exotische bloed: losser, beweeglijker, zonniger.


Iconen zijn archetypen, de belichaming van een model, een voorbeeld. Ze zijn door het volk (door de media) op een voetstuk geplaatst en moeten zich daar zien te handhaven. Uit de rol vallen wordt niet gewaardeerd, verstoring van onze broze illusie wordt bestraft met het verlies van status. Het grootste leedvermaak is voorbehouden aan de diepste val. Vorsten hebben op dit gebied minder te vrezen dan filmsterren, hun bestaan (althans de openbare manifestaties daarvan) wordt bewaakt door regels en voorschriften.

De klassieke traditie kent de notie van decorum. Datgene wat passend is, zoals het hoort. Maar die verschijning en voorschriften zijn niet langer in marmer gehouwen. Ook traditie is een flexibel begrip dat keer op keer wordt geherdefinieerd, of beter gezegd: opnieuw uitgevonden. De dracht van de vorst is niet langer de kroon, de staf en de hermelijnen mantel (een enkele ceremonie uitgezonderd), de garderobe is niet langer onpraktisch en restrictief, maar net als bij gewone stervelingen aangepast aan dagelijks gebruik. Ook de koninklijke kleedkist is niet ongevoelig voor mode.

In een maatschappij als de onze, schreef Roland Barthes, waar mythe en rite de vorm hebben aangenomen van een reden, dat wil zeggen, uiteindelijk een discours, is de menselijke taal niet slechts een model van betekenis, maar de hele grondslag. Bij mode gaat het om de vertaling van kleding in taal.

Kleding is lichaamsbedekking, mode is wat die bedekking over de drager zegt. Wat de prinses draagt, is geen kleding, het zijn kostuums. Dat wil zeggen: de passende kleding voor de juiste rol. Kleding met een uitgesproken betekenis. Er zijn officiële kostuums (verschillend van snit en van kleur) en officieuze kostuums: wandelkostuums, theaterkostuums, sportieve kostuums, skikostuums, supporterskostuums (bij voetbalkampioenschappen en Olympische Spelen hullen ze zich – net als het volk – in oranje).


Ze heeft geen haar, maar kapsels. Gewone mensen hebben haar, prinsessen (en de moderne tegenhangers daarvan, fotomodellen en filmsterren) hebben kapsels, een specifieke haardracht voor elke gelegenheid. Máxima heeft nu eens loshangend haar, dan weer opgestoken haar, elegant opzij of streng in een knotje, frivool in een paardestaart. De dracht hangt af van de gelegenheid: opgestoken haar is formeler dan loshangend haar, een paardestaart is time-out, het teken van ‘vrije tijd’ of ‘gewoonheid’ (wanneer ze de barrière opheft tussen zichzelf en de omgeving). Ook haar lach – en ze lacht graag en veelvuldig – kent verschillende verschijningsvormen. Er is de gulle glimlach: alleen het bovengebit is zichtbaar. De volle lach: boven- én ondergebit zijn blinkend zichtbaar. En de schaterlach: de mond wijd open. Het lachen gaat haar gemakkelijk af, makkelijker dan Beatrix en zeker makkelijker dan Willem-Alexander, die veelal niet meer in huis heeft dan een dunne glimlach met gesloten lippen. Het contrast is opmer-kelijk en zal hebben bijgedragen aan haar populariteit.

Natuurlijk is er niet altijd reden tot lachen. Voor andere gelegenheden heeft ze een ernstige blik in voorraad (wenkbrauwen licht gefronst) of zelfs een dappere, welhaast vastberaden uitdrukking (lippen samengeknepen).

Haar verschijning is gecodeerd: wat spontaan of toevallig lijkt, is overdacht en zorgvuldig gearrangeerd. Zelfs op de ‘fotomomenten’ op vakantie valt ze niet uit haar rol. Ze draagt kleding die zegt ‘informeel’ en een zonnebril als teken van ‘incognito’, net als een filmster. Haar verschijning, van top tot teen, van kleding, kapsel, uitdrukking en gebaar, is een mededeling. Een goed geformuleerde en gearticuleerde mededeling, compleet met lidwoord, bijvoeglijk naamwoord en zelfstandig naamwoord. Haar gang door het leven kan worden opgevat als een serie uitspraken.


Neem het veelbesproken huwelijk op die symbolische datum van 2-2-2002, dat recentelijk weer werd opgerakeld naar aanleiding van dat andere huwelijk aan de overkant van de Noordzee. De man die indertijd de televisie-uitzending had geregisseerd, mocht nogmaals, op opeenvolgende avonden, voor de camera komen uitleggen hoe deksels hij dat allemaal had gedaan. Wat hij had voorzien, had bedacht en vastgelegd. Hoe het toeval geen kans had gekregen, maar eigenlijk alles toeval was geweest. Ook de kranten stonden er weer bij stil. “Een kuise, klassieke jurk,” schreef de Volkskrant in een terugblik, “geheel volgens de regelen der koninklijke trouwkunst: lange mouwen, geen decolleté.”

Een bruiloft is een sociale gebeurtenis, maar dan wel een sociale gebeurtenis met een speciaal karakter – zeker een koninklijke bruiloft. Het is niet zomaar een verbinding in de echt, maar een uitvoerige ceremonie met vaste elementen waarvan zelfs de organisatoren en deelnemers de reikwijdte en betekenis niet overzien. Men treedt op in een toneelstukje waarvan het script is verdwenen, het bestaan daarvan kan alleen worden afgeleid uit de voorstelling.

De betekenis van een teken is niet iets waar overeenstemming over bestaat, het teken is alleen te vinden voor degene die weet hoe te zoeken.

Iemand heeft de figuur van de bruid eens omschreven als een ‘semiotische maagd’. Dat wil zeggen: een culturele constructie. De bruid is een verschijning opgetuigd met allerlei tekens van maagdelijkheid. De witte jurk is een teken van reinheid, van onbevlektheid. De sluier het teken van het maagdenvlies dat de bruid nu nog scheidt van de ‘kennis des vleses’ (de kus). Tranen zijn verplicht bij de huwelijksvoltrekking. Het zijn, anders dan wordt gedacht, geen uitingen van ontroering, maar het teken van de huwelijksnacht, van de aanstaande ontmaagding. Het doet er niet toe of de bruid daadwerkelijk maagd is of niet, we bevinden ons hier op het terrein van de symboliek. De huwelijksvoltrekking is een rite, zeker bij een prinselijk huwelijk, waarbij ook volk en (aanstaande) monarch geacht worden met elkaar te ‘trouwen’. Voor tranen wordt gezorgd.


Ook de voorkeur voor hoeden die ze sinds haar huwelijk tentoonspreidt, heeft te maken met rol en symboliek. Haast niemand draagt nog een hoed. Hoeden zijn een relict van een andere tijd. Máxima draagt hoeden in alle soorten en maten. Grote hoeden, kleine hoeden, hoeden met een rand, hoeden zonder rand, hoeden voor de dag en hoeden voor de avond. Waar Beatrix een uitgesproken voorkeur heeft voor taarthoeden (grote bakvormen, immobiel op de pruik geparkeerd), lijkt Máxima een liefde te koesteren voor de baret en de toque, elegante bekroningen van haar kapsel. In typografische zin: een punt op de i. Grote hoeden lijken voorbehouden aan de zomer en aan tradities als Prinsjesdag.

Hoeden zijn een symbool voor kuisheid. Ze worden nog gedragen bij huwelijk, begrafenis en kerkgang; de rode draad is de orthodoxie die een bedekt hoofd voorschrijft. De haren worden, in bijbelse zin, gezien als lustopwekkend.

Máxima onderwerpt zich bij die gelegenheden aan de conventie, maar heeft daarbuiten een uitgesproken voorkeur voor loshangend haar. Ze toont zich daarmee de hybridische figuur die ze ook is, een combinatie van gebondenheid (hoed) en vrijheid (loshangend haar). Dat is het toonbeeld van de monarchie in de moderne tijd.

Afbeeldingen, schreef de kunsthistoricus Ernst Gombrich, nemen een wonderlijke plaats in, ergens tussen taalkundige uitspraken die bedoeld zijn om een betekenis over te brengen en de natuurlijke zaken, waar we slechts betekenis aan kunnen geven. Historisch is de manier van afbeelden van vorsten onderworpen aan strenge schema’s, ontleend aan mythologische of allegorische voorstellingen. Dat is niet langer zo. Die kennis is specialistisch geworden, en de schilderkunst is in de vorige eeuw een andere kant op gegaan. In de afbeelding wordt niet langer gerefereerd aan schilderkunst, maar aan televisie, zo ongeveer het enige dat het volk nog verbindt. Televisie is, ondanks het versplinterde aanbod, misschien nog onze enige collectieve ervaring.


De Nederlandse televisie wordt gedomineerd door populaire blondines. Linda de Mol, Wendy van Dijk en Caroline Tensen, om er drie te noemen, zijn de ideaalbeelden van de televisie. Ze zijn leuk als buurmeisjes, even vertrouwd als nabij (zij het achter glas). Ze zijn aantrekkelijk, maar niet té aantrekkelijk. Niet alleen leuk voor vader, maar eveneens een vriendin voor moeder en een grote zus voor de kinderen. Ze zijn geliefd, want ze vormen geen bedreiging voor de status quo van het gezin. Máxima past moeiteloos binnen de driehoek van Linda, Wendy en Caroline. Net als zij líjkt ze een Hollandse schone (exotisch, maar blond), een lokaal ideaal. Net als zij is ze beroemd van tv, maar toch gewoon gebleven. En zo zien we dat graag. Als ze geen prinses was en geroepen tot hogere doelen, zou ze bij de televisie kunnen komen als presentatrice van om het even wat. Dat zegt alles over de status van het medium in onze maatschappij. Hoger kun je nauwelijks stijgen.

In al haar keurigheid is Máxima een kameleon, de Zelig van ons vorstenhuis. Ze is prinses onder de prinsessen – zie al die foto’s van huwelijken en feesten bij andere vorxsstenhuizen. Ze is goed bij de goede doelen – een en al ingetogenheid, medeleven en altruïsme. Ze is volks onder het volk – zie haar enthousiast meespelen op Koninginnedag. Ze is fan onder de fans – met oranje sjaal of jurk naast Willem-Alexander op de tribune van om het even welk sportevenement. (Zij het bij voorkeur ver weg, in een warm vakantieland.)

Naast die Máxima voor de buitenwereld, dus voor ons, is er ook een Máxima voor de binnenwereld, als vrouw en moeder van drie dochters. Maar vergis je niet: ook dat vertoon is een demonstratie voor ons – het volk, háár volk – hoe ze functioneert als steun en toeverlaat, als de stille kracht op de achtergrond.


Hoe moeders met kinderen moeten omgaan, leren ons reclamefilmpjes. Máxima met loshangend haar, waaiend in de wind, zwierend met elke beweging van haar hoofd, zoals dat beeld tot ons komt via ‘fotomomenten’, lijkt zo weggelopen uit een tv-reclame voor Blue Band. Moeder met kind is op deze foto’s geen referentie aan Madonna met kind, zoals dat vroeger was, maar aan de wereld van de reclame waar moeder altijd actief en blij is en haar leven vrolijk opoffert voor man en kinderen. Dit is: Het Gelukkige Gezin.

Of Máxima zich nu bewust is van de rollen die ze speelt of niet, doet niet ter zake. Het gaat erom dát ze speelt, met verve en groot naturel. Zoals op die foto van Máxima op de fiets. Het lijkt een snapshot in al zijn lulligheid, maar het is in wezen een icoon. Het is een beeld van perfecte integratie (Hollandser kan niet) én de echo van een beroemde foto van Juliana. Zoals premier Drees een mariakaakje presenteerde aan buitenlands bezoek, zo vervoerde de Hollandse koningin zich per rijwiel. Dat was het beeld, zoals we dat graag zien. De werkelijkheid is complexer.

Ron Kaal