Kinderen – doen of niet?

Sommige mensen weten al jong: later wil ik graag kinderen. Anderen overkomt kinderen krijgen gewoon. En er is een groep die er beslist nooit aan wil beginnen. Die uiteenlopende wensen zouden geen enkel probleem hoeven zijn, ware het niet dat seksualiteit en voortplanting altijd omgeven zijn geweest met taboes en sociale controle. Nageslacht produceren zou een religieuze plicht zijn, een teken van volwassenheid, een persoonlijke keuze dan wel een biologische drang. Kinderen zijn ‘hinderen’, of juist een geschenk van boven. Kroost kan het leven zin geven. Mensen met kinderen voelen zich soms completer en bevestigd in hun liefde voor elkaar. Ook schenkt het voldoening om een kind dingen te leren en het te zien opgroeien. Bewust kinderlozen prijzen hun grotere vrijheid en volledige toewijding aan werk, vrienden en aan andere familie. De vraag van deze week luidt: is kinderen krijgen noodzakelijk om gelukkig te zijn? En is het maatschappelijk nodig, of zijn we met meer dan genoeg?

“Ik ben altijd geneigd deze vraag om te draaien: zijn mensen mét kinderen altijd gelukkiger? Dat is niet zo, zoals blijkt uit onderzoek van hoogleraar Ruut Veenhoven. Kinderen die in het leven worden geroepen om hun ouders gelukkig te maken: dat is een behoorlijk zware druk, lijkt me.Zelf ben ik juist gelukkiger omdat ik géén kinderen heb, en omdat je daarvoor kunt kiezen in deze tijd. Ten eerste heb ik nooit het gevoel gehad dat ik ze wilde, en ten tweede vereisen kinderen een bepaalde manier van leven. Het perpetuum mobile van huishouden en zorg ligt mij totaal niet.

“Wie geen kinderen wil, wil geen verantwoordelijkheden dragen; dat hoor je vaak. Maar dat is niet waar. Vrouwen zonder kinderen vaak meer, en nemen daarbij voortdurend verantwoordelijkheden op zich. In mijn boek komen vrouwen aan het woord die bewust kinderloos zijn. Velen kregen commentaar uit hun omgeving: dat ze spijt zouden krijgen, of niet wisten waar ze het over hadden. Mensen kunnen zich moeilijk voorstellen dat een ander niet hetzelfde wil als zij. Ik denk dat ouders veel van hun vrijheid moeten inleveren, en dan soms uit jaloezie zeggen dat een kinderloze egoïstisch is. Maar bij twijfel moet je het niet doen, ook al wordt er externe druk uitgeoefend.”

“Overbevolking is het grootste probleem op aarde. Momenteel zijn we met zes miljard 919 miljoen mensen, en elke dag komen er per saldo 200.000 bij. Als het zo doorgaat, zijn we eind volgend jaar met zeven miljard. We overschrijden de capaciteit van de aarde ver en stevenen af op een ecologische en humanitaire ramp.

Niger is het armste land ter wereld, en heeft het hoogste vruchtbaarheidscijfer. Om de paar jaar heerst er hongersnood. Binnen twintig jaar zal de bevolking verdubbeld zijn; de hongersnoden zullen elkaar sneller opvolgen én steeds erger zijn. Geld naar ontwikkelingslanden sturen is dweilen met de kraan open. Eerst en vooral moet men toezien op geboortebeperking. In Haïti is na de aardbeving alleen aandacht voor opbouwprojecten, maar ze hadden vrouwen sterilisatie moeten aanbieden. Ze mogen daar gerust 500 dollar premie voor krijgen. Overbevolking in ontwikkelingslanden is een ramp: armoede blijft in stand, ontwikkelingsmogelijkheden voor de kinderen ontbreken, eten, scholen en infrastructuur zijn onvoldoende.


Alleen Taiwan heeft ingezien wat er moest gebeuren. Sociaal werkers gingen van deur tot deur om mensen te wijzen op de voordelen van minder kinderen. Dankzij kleinere klassen werd ook het onderwijs beter.

Politici en religieuze leiders die zeggen dat men hier meer kinderen moet krijgen, zitten er gruwelijk naast. Ook Europa is onvoorstelbaar dichtbevolkt. De vergrijzing ‘oplossen’ met meer kinderen leidt tot nóg veel meer bejaarden. Die mensen kunnen niet allemaal werken en eten. Wereldwijd, ook in Europa, moet geboortebeperkende politiek worden gevoerd.”

“De mens is voortdurend op zoek naar een eigen plek. We kunnen niet zien waar we zijn en niet uit het bestaan treden. Wel kunnen we onszelf lokaliseren ten opzichte van elkaar of een ander referentiepunt, maar dat is niet het bestaan zelf. We willen dit mysterie voortdurend oplossen door iets op te bouwen, om ons tekort op te vullen. Kinderen vergroten het gevoel van een eigen plek op de wereld. Ze vragen naar je en zijn van jezelf, ook al doen ze hun eigen dingen los van je. Ze bootsen je gezichtsuitdrukking en gedragskenmerken na. Ook bevestigt het hebben van kinderen de relatie met je partner, onder meer door het samen opvoeden.

De meeste van deze dingen wil je niet actief, omdat je ze nog niet kent totdat je kinderen hebt. Wat dat betreft lijkt het enigszins op de iPhone: die wilde ik niet, totdat ik er een had. Het leek me wel gezellig om kinderen te hebben. Ze veranderen je blik op de wereld. Omdat ze iets van je vragen, ga je meer letten op wat de wereld van je vraagt.


Het biologisch discours stelt dat we geen keuze hebben, omdat we vanzelf kinderen willen. Dat is een even armzalig uitgangspunt als menen dat de wereld overvol is. Ik vind het utopisch om als het ware boven de wereld te hangen en te constateren dat het niet goed gaat. Dit staat ver af van de dagelijkse praktijk en is niet zomaar op te lossen.

De meeste mensen krijgen kinderen, maar het is geen plicht. Het is interessant te zien hoe de leefwereld van ouders en kinderlozen uiteenloopt. Beide mogen er zijn, ze moeten elkaar respecteren.”

Isabelle Buhre